• Skip to primary navigation
  • Skip to main content
  • Skip to primary sidebar
  • Skip to footer
  • Nieuwsbrief
  • Contact

Taxence

Taxence

  • Nieuws & achtergrond
    • Nieuws
    • Branchenieuws
    • Blogs
    • Verdieping
  • Thema’s
    • AI & Tax Technology
    • Arbeid & Loon
    • Belastingplan
    • BTW
    • BV & DGA
    • Duurzaamheid (ESG & CSRD)
    • Estate planning
    • Alle thema’s
  • Opleidingen
    • AI & Tax Tech
    • ESG & CSRD
    • Estate Planning
    • BTW
    • Vastgoed
    • Internationaal
    • Arbeid & Loon
    • Formeel
    • Familiebedrijven
    • VPB
    • Pensioen
  • Belastingplan
  • Carrière
    • Personalia
    • Vacatures
    • Vacature toevoegen
    • Partners
  • Vakinformatie
    • NDFR
    • Addify
    • JES! Knowledge
    • Fiscaal en meer
    • Tax talks
    • Vakblad Estate Planning
    • Specials
  • Kennisbank

Vorming voorziening voor negatieve renteswap niet mogelijk

5 januari 2017 door Michel Halters

De negatieve waarde van een renteswap, die ziet op in volgende jaren te betalen hogere rentelasten, kan niet in één keer ten laste van de winst worden gebracht, aldus de rechtbank.

Een tuinder had in 2009 een financiering afgesloten met een variabele rente. Voor het risico van toekomstige rentestijgingen was de ondernemer een renteswap aangegaan met de bank. Op het jaaroverzicht van de bank per 31 december 2012 had de renteswap echter een negatieve waarde, doordat de marktrente sinds het aangaan van de renteswap was gedaald. De ondernemer had voor de negatieve waarde van de renteswap een voorziening gevormd, maar de Belastingdienst stond de vorming van de voorziening niet toe. Rechtbank Zeeland-West-Brabant gaf de fiscus gelijk. De negatieve waarde van de renteswap vond zijn oorzaak in de hogere toekomstige rentelasten, vanwege de gedaalde marktrente. De waarde van de renteswap was de contante waarde van het verschil tussen de overeengekomen vaste rente en de (dalende) variabele rente, die de tuinder ontving van de bank. Door het vormen van een voorziening had de ondernemer een rentelast, die betrekking had op toekomstige jaren in één keer in 2012 ten laste van de winst gebracht. Een dergelijke verwerkingswijze is in strijd met goedkoopmansgebruik, waarvoor geldt dat een ondernemer alleen lasten die aan een bepaald jaar toegerekend kunnen worden, in het desbetreffende jaar ten laste van zijn winst kan brengen. De rechtbank verklaarde het beroep van de tuinder daarom ongegrond.

 

Wet: artikel 3.25 Wet IB

Meer informatie: Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 22 september 2016 (gepubliceerd 2 januari 2017), ECLI:NL:RBZWB:2016:5865

Filed Under: Fiscaal nieuws, IB-ondernemer, Nieuws, Winst uit onderneming

Reageer
Vorige artikel
Ook voordelen uit voorwaardelijke aandelenopties uitgezonderd van pseudo-eindheffing
Volgende artikel
Fiscale charmes van cumulatief preferente aandelen bij bedrijfsopvolging

Reader Interactions

Gerelateerde berichten

Kunstcollectie is zakelijke belegging ondanks voorkeur dga

Hof Arnhem-Leeuwarden oordeelt dat de aankoop van een kunstcollectie een zakelijke belegging vormt. De persoonlijke voorkeur van de aandeelhouder voor bepaalde kunst maakt de uitgaven nog niet onzakelijk.

faillissement

Liquidatie bv leidt tot heffing over pensioen en stamrecht

Rechtbank Gelderland oordeelt dat door liquidatie van een bv het daarin ondergebrachte pensioen en stamrecht zijn prijsgegeven. Voor zover de aanspraken voor verwezenlijking vatbaar zijn, moeten zij tot het inkomen worden gerekend.

Zelfstandigenaftrek vereist controleerbare urenregistratie

Rechtbank Gelderland oordeelt dat een ondernemer niet aannemelijk maakt dat hij aan het urencriterium voldoet. Een globaal overzicht van met name indirecte uren is daarvoor onvoldoende.

binnenvaartschip subsidie

Prejudiciële vragen over verzekeringsplicht Rijnvarende met twee werkgevers

De Hoge Raad stelt prejudiciële vragen over de verzekeringsplicht van een Rijnvarende die aan boord van hetzelfde schip voor twee werkgevers werkt.

10% criterium lucratief belang

Borgstellingsverlies aftrekbaar als negatief resultaat

Rechtbank Zeeland-West-Brabant oordeelt dat een borgstellingsverlies van € 37.500 aftrekbaar is als negatief resultaat uit overige werkzaamheden. De inspecteur maakt niet aannemelijk dat de borgstelling bij het aangaan of later onzakelijk is geworden.

Geef een reactie Reactie annuleren

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Primary Sidebar

Opleidingen

Online cursus afwaarderen & kwijtschelden van vorderingen | PE Accreditatie

Online cursus afwaarderen & kwijtschelden van vorderingen | PE Accreditatie

Opleidingen

AGENDA

Verdiepende AI training voor de fiscale praktijk

Basistraining AI voor de fiscale praktijk

Online cursus afwaarderen & kwijtschelden van vorderingen | PE Accreditatie

Online cursus introductie participatieregelingen en lucratieve belangen | PE Accreditatie

Masterclass Management- en werknemersparticipatie | PE Accreditatie

Verdiepingscursus Internationale estate planning | PE Accreditatie

Specialisatieopleiding Erfrecht | PE Accreditatie

Masterclass Vastgoedfiscaliteiten | PE Accreditatie

Stoomcursus Vastgoedrekenen en -financieren | PE Accreditatie

Online cursus Wet Fiscaal Kwalificatiebeleid Rechtsvormen (incl. aanpassing FGR) | PE Accreditatie

Meer opleidingen

Footer

  • Fiscaal nieuws
  • Opleidingen
  • Kennisbank
  • Vacatures
  • Over ons
  • Adverteren op Taxence
  • NDFR
  • Fiscaal en meer
  • Tax Talks
  • Register Estate Planners (REP)
  • Contact
  • Linkedin
  • X
  • Facebook
  • Aanmelden nieuwsbrief
  • Naar Lefebvre Sdu Webshop

Taxence is een uitgave van
Lefebvre Sdu
Maanweg 174
2516 AB Den Haag

Powered by Lefebvre Sdu

  • Disclaimer
  • Privacy Statement en Cookiebeleid
lefebvre SDU

Het laatste nieuws van
Taxence in je mail?

Aanmelden

 

×