• Skip to primary navigation
  • Skip to main content
  • Skip to primary sidebar
  • Skip to footer
  • Nieuwsbrief
  • Contact

Taxence

Taxence

  • Nieuws & achtergrond
    • Nieuws
    • Branchenieuws
    • Blogs
    • Verdieping
  • Thema’s
    • AI & Tax Technology
    • Arbeid & Loon
    • Belastingplan
    • BTW
    • BV & DGA
    • Duurzaamheid (ESG & CSRD)
    • Estate planning
    • Alle thema’s
  • Opleidingen
    • AI & Tax Tech
    • ESG & CSRD
    • Estate Planning
    • BTW
    • Vastgoed
    • Internationaal
    • Arbeid & Loon
    • Formeel
    • Familiebedrijven
    • VPB
    • Pensioen
  • Belastingplan
  • Carrière
    • Personalia
    • Vacatures
    • Vacature toevoegen
    • Partners
  • Vakinformatie
    • NDFR
    • Addify
    • JES! Knowledge
    • Fiscaal en meer
    • Tax talks
    • Vakblad Estate Planning
    • Specials
  • Kennisbank

Reactie NOB op wetsvoorstel Wet tijdelijke solidariteitsbijdrage

14 november 2022 door Anne-Marie Noordenbos

energie

Volgens de Nederlandse Orde van Belastingadviseurs steekt het wetsvoorstel Wet tijdelijke solidariteitsbijdrage op hoofdlijnen goed in elkaar maar er zijn nog wel vragen. Onder andere over de interactie tussen de solidariteitsbijdrage en de fiscale eenheid voor de vennootschapsbelasting en op de invulling van de referentiewinst, overwinst en bijdrageplicht zou een nadere toelichting wenselijk zijn. 

Samenloop met de cijns in de Mijnbouwwet

Dat er nu in een relatief korte periode twee verschillende maatregelen zijn voorgesteld (namelijk de onderhavige maatregel en de verhoging van de cijns in de Mijnbouwwet) die min of meer hetzelfde bereik hebben, drukt relatief zwaar op de administratieve lasten van de betreffende belastingplichtigen. De NOB suggereert de staatssecretaris te vragen hoe deze twee regelingen zich exact tot elkaar verhouden.

Referentiewinst en overwinst

De NOB merkt op dat doordat bij het bepalen van de referentiewinst geen rekening wordt gehouden met korte of lange boekjaren, met fusies of juridische splitsingen of reorganisaties, de samenstelling van de referentiewinst in voorkomende gevallen niet een zuivere maatstaf is voor het bepalen van de overwinst. De NOB merkt tevens op dat de referentiewinst en de bijdragegrondslag worden berekend over de gehele belastbare winst (bij binnenlandse belastingplichtigen), respectievelijk het gehele Nederlandse inkomen (bij buitenlandse belastingplichtigen) en niet wordt berekend over alleen de winst, respectievelijk het Nederlandse inkomen, behaald met de ‘fossiele activiteiten’. Daardoor wordt de solidariteitsbijdrage ook verschuldigd over winst behaald met ‘niet-fossiele activiteiten’. Hierdoor ontstaat het risico op een ongerechtvaardigde discriminatie. De NOB verzoekt de staatssecretaris uit te leggen waarom de grondslag niet is afgebakend tot winst uit ‘fossiele activiteiten’.

Bijdrageplicht

De NOB constateert dat bij een Nederlandse vaste inrichting of vaste vertegenwoordiger de 75%- omzettoets moet worden aangelegd op het niveau van de in Nederland gedreven onderneming. De NOB vraagt zich af of wetssystematisch bezien niet logisch is om mutatis mutandis hetzelfde te regelen voor situaties waarin een Nederlands vpb-plichtig lichaam activiteiten ontplooit met een vaste inrichting of vaste vertegenwoordiger buiten Nederland. Om dan slechts de omzet van de in Nederland belaste fossiele activiteiten als uitgangspunt te nemen. Of andersom: door te regelen dat de 75%- omzettoets ook bij een Nederlandse vaste inrichting of vaste vertegenwoordiger moet worden aangelegd op het niveau van het lichaam.

Update 25 november

De NOB heeft nog een tweetal aanvullende technische vragen over de tijdelijke solidariteitsbijdrage, in aanvulling op de eerdere NOB-reactie.

  1. Het is onduidelijk of in alle gevallen buitenlandse winst buiten de grondslag voor de solidariteitsbijdrage blijft. Als inhaalverliezen van vóór 2012 in 2022 worden ingehaald, op grond van artikel 33b Wet Vpb, kunnen buitenlandse winsten in de belastbare winst terecht komen en daarmee dus onder de solidariteitsheffing vallen.
  2. Daarnaast zou de solidariteitsbijdrage van toepassing kunnen worden op meerdere boekjaren, bijvoorbeeld indien een verkort boekjaar in 2022 loopt van 1 januari 2022 tot en met 30 juni 2022 en vervolgens een tweede boekjaar in 2022 start op 1 juli 2022 en doorloopt tot 30 juni 2023. Het bijdragejaar voor de tijdelijke solidariteitsbijdrage is namelijk omschreven als “elk boekjaar dat aanvangt in het kalenderjaar 2022”.

Bron: NOB, 11 november 2022

Filed Under: Fiscaal nieuws, Nieuws, Vpb & Div.bel

Reageer
Vorige artikel
Verbruiksdrempel TEK vervalt
Volgende artikel
Van Rij wil geen uitstel invoering aandelenoptieregeling en DAC7

Reader Interactions

Gerelateerde berichten

nob commentaar invorderingsrente

Onzakelijke aandeelhoudersleningen leiden tot dividendboetes

Hof Amsterdam oordeelt dat onzakelijke rentebetalingen op aandeelhoudersleningen verkapte winstuitdelingen vormen. De bv is bovendien grofschuldig doordat zij over deze uitdelingen geen dividendbelasting afdraagt.

Mededeling afsplitsing aandelenbelang naar buitenlandse zustermaatschappij

Het ministerie van Financiën heeft besloten de hardheidsclausule toe te passen bij een juridische afsplitsing van aandelen binnen een buitenlandse concernstructuur. Hierdoor kan een bestaande Nederlandse zuster-fiscale eenheid voor de vennootschapsbelasting onder voorwaarden fiscaal geruisloos worden voortgezet.

contract volmacht

Beleidsbesluit terugwerkende kracht bij ruisende inbreng 2026

Het Beleidsbesluit terugwerkende kracht bij ruisende inbreng 2026 actualiseert het beleid voor terugwerkende kracht bij de inbreng met fiscale afrekening (ruisende inbreng) van een onderneming in een bv of nv.

vastgoed

Onzakelijke aandeelhoudersleningen leiden tot boetes

Hof Amsterdam oordeelt dat bovenmatige rente op onzakelijke aandeelhoudersleningen verkapte winstuitdelingen vormt. De bv is bovendien grofschuldig doordat zij had moeten beseffen dat de financiering niet onder deze voorwaarden bij derden verkrijgbaar was.

winst cooperatie

Standpunt artikel 24a AWR bij rentesaldovaststellingsbeschikking

De Kennisgroep formeel recht heeft een standpunt ingenomen over de vraag of verlaging van de rentesaldovaststellingsbeschikking ook onderdeel van het geschil is als belanghebbende uitsluitend tegen de aanslag bezwaar aantekent.

Geef een reactie Reactie annuleren

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Primary Sidebar

Opleidingen

Online cursus Wet Fiscaal Kwalificatiebeleid Rechtsvormen (incl. aanpassing FGR)

Masterclass Fiscale aspecten fusies & overnames

Online cursus Technisch aanmerkelijk belang | PE Accreditatie

AGENDA

Online cursus Auto van de zaak | PE Accreditatie

Online cursus CV en bedrijfsopvolging

Masterclass Inbreng in en terugkeer uit de BV | PE Accreditatie

Verdiepingscursus DGA-advisering | PE Accreditatie

Online Basistraining AI voor de fiscale praktijk

AI Governance & Compliance: Veilige toepassing van AI in juridische/fiscale praktijk | PE Accreditatie

Online cursus BTW, factuurvereisten en ViDA | PE Accreditatie

Masterclass Btw-processen in SAP S/4HANA | PE Accreditatie

Stoomcursus Erfrecht – Civiel en fiscaal – Het hele erfrecht in één dag!  | PE Accreditatie

Basiscursus Estate planning | PE Accreditatie

Meer opleidingen

Footer

  • Fiscaal nieuws
  • Opleidingen
  • Kennisbank
  • Vacatures
  • Over ons
  • Adverteren op Taxence
  • NDFR
  • Fiscaal en meer
  • Tax Talks
  • Register Estate Planners (REP)
  • Contact
  • Linkedin
  • X
  • Facebook
  • Aanmelden nieuwsbrief
  • Naar Lefebvre Sdu Webshop

Taxence is een uitgave van
Lefebvre Sdu
Maanweg 174
2516 AB Den Haag

Powered by Lefebvre Sdu

  • Disclaimer
  • Privacy Statement en Cookiebeleid
lefebvre SDU

Het laatste nieuws van
Taxence in je mail?

Aanmelden

 

×