• Skip to primary navigation
  • Skip to main content
  • Skip to primary sidebar
  • Skip to footer
  • Nieuwsbrief
  • Contact

Taxence

Taxence

  • Nieuws & achtergrond
    • Nieuws
    • Branchenieuws
    • Blogs
    • Verdieping
  • Thema’s
    • AI & Tax Technology
    • Arbeid & Loon
    • Belastingplan
    • BTW & Overdrachtsbelasting
    • BV & DGA
    • Duurzaamheid (ESG & CSRD)
    • Estate planning
    • Alle thema’s
  • Opleidingen
    • AI & Tax Tech
    • ESG & CSRD
    • Estate Planning
    • BTW
    • Vastgoed
    • Internationaal
    • Arbeid & Loon
    • Formeel
    • Familiebedrijven
    • VPB
    • Pensioen
  • Carrière
    • Personalia
    • Vacatures
    • Vacature toevoegen
    • Partners
  • Vakinformatie
    • NDFR
    • Addify
    • JES! Knowledge
    • Fiscaal en meer
    • Tax talks
    • Vakblad Estate Planning
    • Specials
  • Kennisbank

A-G: kunstmatige dividendstripping verhindert verrekening dividendbelasting

9 maart 2026 door Sharog Susani

dividend-aandelen

A-G Wattel concludeert dat een bv geen recht heeft op verrekening van dividendbelasting omdat sprake is van kunstmatige dividendstripping. Volgens hem kan verrekening worden geweigerd via het leerstuk van fraus legis, ook al voldoet de constructie niet strikt aan alle criteria van artikel 25(2) Wet Vpb.

Een Nederlandse bv maakte in 2012 deel uit van een internationale handelsgroep die actief was in aandelenhandel. De groep hield vaak long- en shortposities in aandelen om koersrisico’s af te dekken. In dit geval had een buitenlandse groepsvennootschap vlak voor dividenddatum Nederlandse beursgenoteerde aandelen cum dividend gekocht van buitenlandse banken. Tegelijk verkocht zij futures op dezelfde aandelen ex dividend. De aandelen werden vervolgens op naam van de Nederlandse bv geregistreerd, zodat zij het dividend ontving en de ingehouden dividendbelasting kon verrekenen.

De inspecteur vond dat de bv geen recht had op verrekening van € 1,86 mln dividendbelasting over 2012. Volgens hem ging het om dividendstripping: een constructie waarbij het dividend formeel bij een verrekeningsgerechtigde partij terechtkomt, terwijl het voordeel feitelijk ten goede komt aan een partij die minder recht heeft op verrekening. Rechtbank Noord-Holland en Hof Amsterdam volgden dit standpunt. De bv ging in cassatie.

GenIA-L jurisprundentieonderzoek

Vind en analyseer relevante rechtspraak in minuten. Een uitspraak van vandaag is vanaf morgen te vinden in GenIA-L! 

Probeer GenA-L

Dividendvervangende betaling als tegenprestatie

A-G Wattel stelt dat bij dividendstripping sprake moet zijn van een tegenprestatie die samenhangt met het ontvangen dividend. Volgens hem bestaat die tegenprestatie hier uit de prijs die bij aankoop van de aandelen cum dividend is betaald: daarmee wordt het verwachte dividend feitelijk vooruitbetaald aan de verkoper. Het maakt daarbij niet uit dat de omvang van de tegenprestatie mede wordt beïnvloed door de prijs van de futures; zolang de betaling duidelijk verband houdt met het dividend, voldoet zij aan het criterium van artikel 25(2) Wet Vpb.

Verder acht de A-G het oordeel van het hof begrijpelijk dat de transacties onderdeel zijn van een samenstel waarbij het dividend indirect ten goede komt aan minder verrekeningsgerechtigde buitenlandse partijen. De prijsstelling van de futures – waarin slechts 88-92 % van het dividend was verwerkt – wijst erop dat de wederpartijen een deel van de dividendbelasting wilden delen. Dat vormt een aanwijzing dat het economische belang bij de aandelen bij hen bleef.

Fraus legis bij kunstmatige scheiding binnen concern

Volgens de A-G kan de constructie niet uitsluitend via een grammaticale uitleg van art. 25(2) Wet Vpb worden bestreden, omdat de tegenprestatie formeel door een buitenlandse groepsvennootschap werd verricht. Toch moet de verrekening worden geweigerd. De groep heeft volgens hem namelijk bewust een kunstmatige scheiding aangebracht tussen de bv die het dividend ontvangt en de groepsvennootschap die de tegenprestatie verricht. Daarmee wordt doel en strekking van de anti-dividendstrippingbepaling omzeild.

In zo’n geval kan het leerstuk van fraus legis worden toegepast. Het hof heeft volgens de A-G aannemelijk geacht dat het doorslaggevende motief van de constructie was om een kunstmatig verrekeningsrecht te creëren voor buitenlandse partijen. Daarom adviseert hij de Hoge Raad het cassatieberoep van de bv ongegrond te verklaren.

Wet: art. 25 Wet Vpb

Bron: Parket bij de Hoge Raad, 20-02-2026, ECLI:NL:PHR:2026:184, 25/01615 | NDFR

Filed Under: Fiscaal nieuws, Nieuws, Vpb & Div.bel

Reageer
Vorige artikel
Wetsvoorstel werkelijk rendement box: mogelijke aanpassingen in Belastingplan 2027
Volgende artikel
A-G: inspecteur moet ook eerdere aangiften raadplegen bij nieuw feit

Reader Interactions

Gerelateerde berichten

balans

Beleidsbesluit hybridemismatches 2026 gepubliceerd

De staatssecretaris van Financiën heeft het Beleidsbesluit hybridemismatches 2026 gepubliceerd. Het besluit vervangt het eerdere beleidsbesluit en bevat nieuwe standpunten en voorbeelden over de toepassing van de hybridemismatchmaatregelen van afdeling 2.2A Wet Vpb 1969, met name ten aanzien van Amerikaanse CFC-regimes, vaste inrichtingen en cost-plusstructuren.

valuta

Standpunt beoordeling laagbelastheid vrije beleggingen: CFC-heffing telt niet mee

De Kennisgroep deelnemingsvrijstelling heeft de vraag beantwoord of rekening wordt gehouden met een bij de belastingplichtige geheven CFC-heffing voor de beoordeling of de vrije beleggingen van het lichaam waarin een deelneming wordt gehouden laagbelast zijn. Volgens de Kennisgroep deelnemingsvrijstelling wordt met deze CFC-heffing geen rekening gehouden.

Pillar2

Standpunt kwalificatie Société Anonyme Libanaise

De Kennisgroep belastingplicht en kwalificatie rechtsvormen heeft de vraag beantwoord met welke Nederlandse rechtsvorm een Société Anonyme Libanaise vergelijkbaar is.

rente Vpb

Belastingrente Vpb verlaagd na arrest Hoge Raad over rentepercentage

Rechtbank Noord-Holland verlaagt de belastingrente voor de vennootschapsbelasting omdat het wettelijke minimumtarief van 8% en 10% onverbindend is. De rente moet worden berekend volgens het algemene belastingrentepercentage.

Betalingsonmacht B.V.

Standpunt boekwaarde-eis

De Kennisgroep winstbepaling heeft een standpunt ingenomen over de boekwaarde-eis van artikel 3.54, tweede lid, Wet Inkomstenbelasting 2001.

Geef een reactie Reactie annuleren

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Primary Sidebar

Opleidingen

Masterclass Fiscale aspecten fusies & overnames

Online cursus Wet Fiscaal Kwalificatiebeleid Rechtsvormen (incl. aanpassing FGR)

Online cursus afwaarderen & kwijtschelden van vorderingen

AGENDA

Online cursus Schenken en lenen in familieverband

Meerdaagse opleiding Vastgoedfiscaliteiten

Stoomcursus AI voor Fiscale professionals

Online cursus toepassing box 3 in de praktijk

Future Fit Professionals

Stoomcursus btw en internationaal zakendoen

Online cursus Immigrerende DGA’s: fiscale gevolgen en sociale zekerheid bij migratie naar Nederland

Online Basistraining AI voor de fiscale praktijk

Online cursus BTW, factuurvereisten en ViDA

Verdiepingscursus Tweetrapsmakingen opzetten en afwikkelen

Meer opleidingen

Footer

  • Fiscaal nieuws
  • Opleidingen
  • Kennisbank
  • Vacatures
  • Over ons
  • Adverteren op Taxence
  • NDFR
  • JES! (ESG producten)
  • Fiscaal en meer
  • Tax Talks
  • Register Estate Planners (REP)
  • Contact
  • Linkedin
  • X
  • Facebook
  • Aanmelden nieuwsbrief
  • Naar Lefebvre Sdu Webshop

Taxence is een uitgave van
Lefebvre Sdu
Maanweg 174
2516 AB Den Haag

Powered by Lefebvre Sdu

  • Disclaimer
  • Privacy Statement en Cookiebeleid
lefebvre SDU

Het laatste nieuws van
Taxence in je mail?

Aanmelden

 

×