De Belastingdienst en de koepel- en beroepsorganisaties NBA, NOAB, NOB, RB en SRA zetten de pilot met het OWR-formulier niet voort. De pilot moest inzicht geven in de kwaliteit van aangiften van aangesloten fiscaal dienstverleners en maakte deel uit van het programma VanZelf goed!
De pilot was erop gericht dat de Belastingdienst meer kon vertrouwen op de kwaliteit van fiscaal dienstverleners die werken volgens een vastgesteld werkprogramma voor het OWR-formulier. De kwaliteit zou worden beoordeeld aan de hand van een representatieve steekproef van ingediende formulieren. Op basis van die resultaten zou worden bepaald of ook andere OWR-formulieren binnen de pilot met minder toezicht konden worden behandeld.
De onderzoeksfase gaat echter niet door. Volgens de betrokken partijen bleek het aantal formulieren dat aan alle voorwaarden voor deelname voldeed in de praktijk te klein. Daardoor was de onderzoekspopulatie onvoldoende groot om de benodigde inzet te rechtvaardigen. Alle ingediende OWR-formulieren worden daarom volgens de reguliere werkwijze afgehandeld.
De Belastingdienst benadrukt dat het stopzetten van de pilot geen oordeel is over de kwaliteit van de ingediende formulieren of het werk van fiscaal dienstverleners. De pilot was bedoeld om te onderzoeken of deze nieuwe werkwijze in de praktijk uitvoerbaar was.
De opgedane ervaringen worden wel benut. De Belastingdienst en de betrokken organisaties voeren een gezamenlijke evaluatie uit en analyseren de afgehandelde OWR-formulieren. De resultaten kunnen worden gebruikt bij toekomstige pilots waarin meer wordt gesteund op de kwaliteit van fiscaal dienstverleners.
Een voorbeeld daarvan is de lopende pilot IH/Vpb, waarbij aangiften van cliënten van fiscaal dienstverleners met een convenant Horizontaal Toezicht op dezelfde manier worden behandeld als aangiften die onder Horizontaal Toezicht worden ingediend. Hierdoor krijgen belastingplichtigen sneller duidelijkheid over hun aangifte.
Bron: NOB, 10 augustus 2026





Geef een reactie