Het kabinet wil onnodige financiële belemmeringen voor ouderen die naar een passende woning willen verhuizen zoveel mogelijk wegnemen. Daarbij wordt onder meer gekeken naar overbruggingsfinanciering, een doorstroomhypotheek en de gevolgen van het toezicht op aflossingsvrije hypotheken.
Bij een reguliere, langlopende hypotheek blijft het inkomen leidend. Om de hypotheeklasten langdurig te kunnen dragen, moeten voldoende bestendige inkomsten aanwezig zijn. Bij kortlopende financiering die uit de verkoopopbrengst van de huidige woning wordt afgelost, kan volgens het kabinet wel meer gewicht worden toegekend aan vermogen en onderpand. De huidige regels bieden hiervoor al ruimte.
Uit cijfers van het CBS blijkt dat woningeigenaren van 65 jaar en ouder op 1 januari 2024 gemiddeld ongeveer € 374.000 overwaarde hadden. De totale overwaarde van deze groep bedroeg ongeveer € 540 miljard.
Doorstroomhypotheek
Het kabinet werkt daarnaast aan de uitvoering van de motie-Steen c.s. om een doorstroomhypotheek mogelijk te maken. Daarbij wordt onderzocht in welke situaties het bestaande hypotheekaanbod onvoldoende aansluit bij de financieringsbehoefte van senioren. Ook worden de kenmerken en randvoorwaarden nader uitgewerkt, waaronder de looptijd, de wijze waarop overwaarde en onderpand kunnen worden betrokken bij de beoordeling, de betaalbaarheid en de aflossing. Uiterlijk in het voorjaar van 2027 ontvangt de Kamer een implementatieplan.
Ook wordt verkend of rentebijschrijving bij tijdelijke doorstroomfinanciering mogelijk is. Dit kan de tijdelijke maandlasten beperken, maar maakt de financiering waarschijnlijk uiteindelijk duurder.
Aflossingsvrije hypotheken
DNB heeft banken gewezen op de extra risico’s van aflossingsvrije hypotheken. Verschillende banken hebben daarop hun beleid aangescherpt. Deze aanscherpingen kunnen gevolgen hebben wanneer consumenten hun hypotheeksituatie willen wijzigen, bijvoorbeeld bij verhuizing. De AFM benadrukt dat bestaande klanten met een aflossingsvrije hypotheek zorgvuldig moeten worden behandeld en niet onevenredig mogen worden getroffen door maatregelen om risico’s te beheersen.
Bron: Antwoorden op Kamervragen over speciale hypotheekregels voor ouderen, nr. 2026Z15958





Geef een reactie