Onderzoekers van de Erasmus School of Law hebben onderzocht hoe belastingregels reparatie van consumentenelektronica onbedoeld kunnen bemoeilijken. Aanleiding is dat consumenten een kapot apparaat vaak vervangen, terwijl reparatie mogelijk duurzamer is doordat minder grondstoffen nodig zijn en minder afval ontstaat.
Volgens de onderzoekers is niet één fiscale ingreep voldoende om reparatie aantrekkelijker te maken. Zij pleiten voor een breder pakket aan maatregelen, waaronder aanpassingen van btw- en douaneregels, strengere productontwerpeisen en duidelijkere garantievoorwaarden.
Een belangrijk probleem is dat de huidige fiscale regels onvoldoende aansluiten bij de complexe reparatieketens van consumentenelektronica. Een winkel voert een reparatie bijvoorbeeld vaak niet zelf uit, maar stuurt een product door naar een fabrikant of andere partij, die de werkzaamheden weer kan uitbesteden. Onderdelen kunnen daarbij tussen verschillende landen worden verplaatst en reparaties vinden soms buiten de Europese Unie plaats.
Onverwachte kosten
Dat kan onverwachte fiscale kosten en administratieve lasten veroorzaken. Zo kan een fabrikant die onderdelen voor reparaties tussen EU-landen verplaatst, verplicht worden zich in meerdere landen voor de btw te registreren. De kosten daarvan zijn eerder door de Europese Commissie geraamd op 2.400 tot 8.000 euro per registratie per jaar. Ook het omruilen van een defect apparaat voor een reeds gerepareerd exemplaar kan tot verschuldigde btw leiden, terwijl de consument niets extra’s betaalt. Bij reparaties buiten de EU kunnen invoerrechten en invoer-btw een kostenpost vormen. Bovendien bestaat volgens de onderzoekers onduidelijkheid over de douanewaarde van gerepareerde producten.
Zij adviseren daarom onder meer het aantal btw-registratieverplichtingen terug te dringen, de btw-regels rond het omruilen van defecte producten aan te passen en het recht op teruggaaf van invoer-btw te verruimen. Ook zouden duidelijkere richtlijnen moeten komen voor het bepalen van de douanewaarde na reparatie.
Een lager btw-tarief voor reparaties zien de onderzoekers niet als dé oplossing. Europese regels bieden daarvoor slechts beperkte ruimte en bij reparaties onder garantie is al geen btw verschuldigd. Bovendien blijkt uit hun consumentenenquête dat veel mensen pas voor reparatie kiezen als de kosten ongeveer halveren. Een verlaging van 21 naar 9 procent is daarvoor onvoldoende.
Meer verwachten de onderzoekers van een combinatie van fiscale aanpassingen, gerichte reparatiesubsidies, duidelijkere wettelijke garantietermijnen en productregels die reparatie vergemakkelijken. Het uiteindelijke doel is dat repareren voor consumenten een vanzelfsprekender alternatief wordt voor het kopen van een nieuw apparaat.
Bron: EUR, 29 september 2026





Geef een reactie