• Skip to primary navigation
  • Skip to main content
  • Skip to primary sidebar
  • Skip to footer
  • Nieuwsbrief
  • Contact

Taxence

Taxence

  • Nieuws & achtergrond
    • Nieuws
    • Branchenieuws
    • Blogs
    • Verdieping
  • Thema’s
    • AI & Tax Technology
    • Arbeid & Loon
    • Belastingplan
    • BTW
    • BV & DGA
    • Duurzaamheid (ESG & CSRD)
    • Estate planning
    • Alle thema’s
  • Opleidingen
    • AI & Tax Tech
    • ESG & CSRD
    • Estate Planning
    • BTW
    • Vastgoed
    • Internationaal
    • Arbeid & Loon
    • Formeel
    • Familiebedrijven
    • VPB
    • Pensioen
  • Belastingplan
  • Carrière
    • Personalia
    • Vacatures
    • Vacature toevoegen
    • Partners
  • Vakinformatie
    • NDFR
    • Addify
    • JES! Knowledge
    • Fiscaal en meer
    • Tax talks
    • Vakblad Estate Planning
    • Specials
  • Kennisbank

Arbeidsovereenkomst geen bewijs van dienstbetrekking

21 maart 2014 door Marieke Jansen

Voor het bestaan van een dienstbetrekking, hoeft de arbeidsovereenkomst niet doorslaggevend te zijn. De wijze waarop partijen uitvoering geven aan de arbeidsovereenkomst is daarbij van belang. Het niet verkeren in een ondergeschikte positie staat de aanwezigheid van een gezagsverhouding in de weg.

Dit kwam naar voren in een zaak waarin een man in mei 2011 een ziektewetuitkering aanvroeg bij het UWV. Tot november 2010 was hij zelfstandig ondernemer en eigenaar van een aantal schoonmaakbedrijven. Per april 2011 werkte hij als accountmanager voor een bedrijf op basis van een arbeidsovereenkomst. Het UWV weigerde hem een uitkering te geven, omdat hij niet als werknemer in dienstbetrekking werkzaam zou zijn. De Centrale Raad van Beroep oordeelde eerder al dat uit de overlegde verklaringen en verslagen niet bleek dat er een gezagsverhouding tussen de man en het bedrijf zou zijn. Hij kon niet aantonen dat het bedrijf hem werkinhoudelijke instructies kon geven omtrent de uitoefening van zijn taken. Ook bleek niet dat de mogelijkheid bestond van toezicht of controle op zijn werk. Aan de arbeidsovereenkomst kon niet de betekenis worden toegekend die de man had willen zien. Het UWV had de ZW-uitkering terecht geweigerd. Volgens de Hoge Raad was het recht juist geïnterpreteerd en toegepast. Zij wees cassatie van de aanvrager af.  

Wet: artikel 3 Ziektewet, artikel 7:610 BW

Meer informatie: Hoge Raad 14 maart 2014, ECLI:NL:HR:2014:584

Filed Under: Arbeid & loon, Fiscaal nieuws, Nieuws

Reageer
Vorige artikel
94% notarissen ziet toename schenkingen eigen woning
Volgende artikel
Uitgestelde levering drukt waarde aandelen

Reader Interactions

Gerelateerde berichten

Topclub verliest belastingzaak na transfer naar Engeland: 75% heffing blijft staan

Een Nederlandse profvoetbalclub moet pseudo-eindheffing betalen over excessieve vertrekvergoedingen aan een speler die naar Engeland vertrok. Rechtbank Noord-Holland oordeelt dat drie opeenvolgende spelerscontracten voor de loonbelasting als één doorlopende dienstbetrekking moeten worden beschouwd. Ook de financiële problemen van de club bieden geen uitkomst.

arbeidsrecht

Tweede uitgave Nieuwsbrief Loonheffingen 2027 gepubliceerd

De Belastingdienst heeft de tweede uitgave van de Nieuwsbrief Loonheffingen 2027 gepubliceerd. Hierin staan nieuwe onderwerpen en is het onderwerp ‘Geen arbeidskorting meer bij doorbetalen van bepaalde uitkeringen van UWV’ aangepast.

Frankrijk huis

Nota van wijziging wet fiscale stimulering startups en scaleups

De nota van wijziging bij de Wet fiscale stimulering start-ups en scale-ups beperkt de situaties waarin bij emigratie van werknemers met aandelenopties een conserverende aanslag wordt opgelegd. Daarnaast worden de voorwaarden voor toepassing van de fiscale aandelenoptieregeling aangepast aan het Europese staatssteunrecht en worden enkele omissies hersteld.

Geen box 3-vrijstelling voor Nederlandse EOB-medewerker

Een werknemer van het Europees Octrooibureau met de Nederlandse nationaliteit heeft geen recht op vrijstelling van box 3. Hof Den Haag ziet geen verboden ongelijke behandeling ten opzichte van bepaalde buitenlandse werknemers van het EOB.

dienstbetrekking

Maximumduur voor inzet uitzendkrachten

Een uitzendkracht mag straks nog maximaal 3 jaar (36 maanden) bij dezelfde inlener werken. Dit staat in het wetsvoorstel dat in internetconsultatie is gegaan.

Geef een reactie Reactie annuleren

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Primary Sidebar

Opleidingen

Online cursus Gebruikelijk loon 2027 | PE Accreditatie

Online cursus Gebruikelijk loon 2026

Online cursus introductie participatieregelingen en lucratieve belangen | PE Accreditatie

Webinar zzp dossier, wanneer is er wel of niet sprake van schijnzelfstandigheid? | PE Accreditatie

Masterclass Management- en werknemersparticipatie | PE Accreditatie

AGENDA

Verdiepende AI training voor de fiscale praktijk

Basistraining AI voor de fiscale praktijk

Online cursus afwaarderen & kwijtschelden van vorderingen | PE Accreditatie

Online cursus introductie participatieregelingen en lucratieve belangen | PE Accreditatie

Masterclass Management- en werknemersparticipatie | PE Accreditatie

Verdiepingscursus Internationale estate planning | PE Accreditatie

Specialisatieopleiding Erfrecht | PE Accreditatie

Masterclass Vastgoedfiscaliteiten | PE Accreditatie

Stoomcursus Vastgoedrekenen en -financieren | PE Accreditatie

Online cursus Wet Fiscaal Kwalificatiebeleid Rechtsvormen (incl. aanpassing FGR) | PE Accreditatie

Meer opleidingen

Footer

  • Fiscaal nieuws
  • Opleidingen
  • Kennisbank
  • Vacatures
  • Over ons
  • Adverteren op Taxence
  • NDFR
  • Fiscaal en meer
  • Tax Talks
  • Register Estate Planners (REP)
  • Contact
  • Linkedin
  • X
  • Facebook
  • Aanmelden nieuwsbrief
  • Naar Lefebvre Sdu Webshop

Taxence is een uitgave van
Lefebvre Sdu
Maanweg 174
2516 AB Den Haag

Powered by Lefebvre Sdu

  • Disclaimer
  • Privacy Statement en Cookiebeleid
lefebvre SDU

Het laatste nieuws van
Taxence in je mail?

Aanmelden

 

×