• Skip to primary navigation
  • Skip to main content
  • Skip to primary sidebar
  • Skip to footer
  • Nieuwsbrief
  • Contact

Taxence

Taxence

  • Nieuws & achtergrond
    • Nieuws
    • Branchenieuws
    • Blogs
    • Verdieping
  • Thema’s
    • AI & Tax Technology
    • Arbeid & Loon
    • Belastingplan
    • BTW & Overdrachtsbelasting
    • BV & DGA
    • Duurzaamheid (ESG & CSRD)
    • Estate planning
    • Alle thema’s
  • Opleidingen
    • AI & Tax Tech
    • ESG & CSRD
    • Estate Planning
    • BTW
    • Vastgoed
    • Internationaal
    • Arbeid & Loon
    • Formeel
    • Familiebedrijven
    • VPB
    • Pensioen
  • Carrière
    • Personalia
    • Vacatures
    • Vacature toevoegen
    • Partners
  • Vakinformatie
    • NDFR
    • Addify
    • JES! Knowledge
    • Fiscaal en meer
    • Tax talks
    • Vakblad Estate Planning
    • Specials
  • Kennisbank

Geen HIR voor pand dat buiten inbreng blijft

3 juni 2015 door Remco Latour

Als een bedrijfsmiddel bij de reorganisatie van het bedrijf niet meegaat met de onderneming, kan het de status van bedrijfsmiddel verliezen. Het is dan niet mogelijk om voor dit voormalige bedrijfsmiddel een herinvesteringsreserve (HIR) te vormen.

Een vrouw had jarenlang in een pand een apotheek via een eenmanszaak geëxploiteerd. Vanaf 8 januari 2007 was de apotheek in een ander gebouw gevestigd en stond het pand leeg. Sinds 9 maart 2007 stond het ook te koop. In 2007 richtte de vrouw een bv op, waarin zij haar onderneming inbracht. Vervolgens bracht de bv de onderneming, met uitzondering van het leegstaande pand, onder in een nieuw opgerichte dochtermaatschappij. Volgens zowel de fiscus als Hof Arnhem-Leeuwarden stond het pand na deze reorganisatie niet meer duurzaam ter beschikking aan een onderneming van de bv. De onderneming werd nu immers voor rekening en risico van de dochtermaatschappij gedreven. Hierdoor had het pand de status van bedrijfsmiddel verloren en werd het aangemerkt als voorraad. Toen de bv het pand eind januari 2009 verkocht, mocht zij daarom geen herinvesteringsreserve vormen.

 

Wet: artikelen 3.30, eerste lid, 3.54 en 3.65 Wet IB 2001 en artikel 8, eerste lid Wet Vpb 1969

Meer informatie: Hof Arnhem-Leeuwarden, 12 mei 2015 (gepubliceerd 29 mei 2015), ECLI:NL:GHARL:2015:3507

Filed Under: Fiscaal nieuws, Nieuws, Vpb & Div.bel, Winst uit onderneming

Reageer
Vorige artikel
Effecten maatregel fiscale aftrek scholingsuitgaven
Volgende artikel
Autolobby: alleen volledig elektrisch rijden fiscaal stimuleren

Reader Interactions

Gerelateerde berichten

Bedrijf op curacao, feitelijke leiding in Nederland

Standpunt kwalificatie Curaçaose naamloze vennootschap

De Kennisgroep belastingplicht en kwalificatie rechtsvormen heeft de vraag beantwoord met welke Nederlandse rechtsvorm een Curaçaose naamloze vennootschap vergelijkbaar is.

Standpunt Schots co-invest fonds en carried interest fonds

De Kennisgroep belastingplicht en kwalificatie rechtsvormen heeft de vraag beantwoord of voor de toepassing van artikel 2, vierde lid, Wet Vpb 1969 een co-invest fonds en een carried interest fonds kunnen worden aangemerkt als beleggingsfonds of fonds voor collectieve belegging in effecten als bedoeld in artikel 1:1 Wet op het Financieel Toezicht.

balans

Beleidsbesluit hybridemismatches 2026 gepubliceerd

De staatssecretaris van Financiën heeft het Beleidsbesluit hybridemismatches 2026 gepubliceerd. Het besluit vervangt het eerdere beleidsbesluit en bevat nieuwe standpunten en voorbeelden over de toepassing van de hybridemismatchmaatregelen van afdeling 2.2A Wet Vpb 1969, met name ten aanzien van Amerikaanse CFC-regimes, vaste inrichtingen en cost-plusstructuren.

groene beleggingen

Standpunt ruilarresten

De Kennisgroep winstbepaling heeft een standpunt ingenomen met betrekking tot de ruilarresten.

valuta

Standpunt beoordeling laagbelastheid vrije beleggingen: CFC-heffing telt niet mee

De Kennisgroep deelnemingsvrijstelling heeft de vraag beantwoord of rekening wordt gehouden met een bij de belastingplichtige geheven CFC-heffing voor de beoordeling of de vrije beleggingen van het lichaam waarin een deelneming wordt gehouden laagbelast zijn. Volgens de Kennisgroep deelnemingsvrijstelling wordt met deze CFC-heffing geen rekening gehouden.

Geef een reactie Reactie annuleren

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Primary Sidebar

Opleidingen

Stoomcursus Tax accounting

Online cursus Staken van de onderneming: (turbo)liquidatie, WHOA liquidatie akkoord

Opleidingen

Masterclass Fiscale aspecten fusies & overnames

Online cursus afwaarderen & kwijtschelden van vorderingen

Online cursus Wet Fiscaal Kwalificatiebeleid Rechtsvormen (incl. aanpassing FGR)

AGENDA

Online cursus CV en bedrijfsopvolging

Online cursus Schenken en lenen in familieverband

Meerdaagse opleiding Vastgoedfiscaliteiten

Stoomcursus AI voor Fiscale professionals

Online cursus toepassing box 3 in de praktijk

Future Fit Professionals

Stoomcursus btw en internationaal zakendoen

Online cursus Immigrerende DGA’s: fiscale gevolgen en sociale zekerheid bij migratie naar Nederland

Online Basistraining AI voor de fiscale praktijk

Online cursus BTW, factuurvereisten en ViDA

Meer opleidingen

Footer

  • Fiscaal nieuws
  • Opleidingen
  • Kennisbank
  • Vacatures
  • Over ons
  • Adverteren op Taxence
  • NDFR
  • JES! (ESG producten)
  • Fiscaal en meer
  • Tax Talks
  • Register Estate Planners (REP)
  • Contact
  • Linkedin
  • X
  • Facebook
  • Aanmelden nieuwsbrief
  • Naar Lefebvre Sdu Webshop

Taxence is een uitgave van
Lefebvre Sdu
Maanweg 174
2516 AB Den Haag

Powered by Lefebvre Sdu

  • Disclaimer
  • Privacy Statement en Cookiebeleid
lefebvre SDU

Het laatste nieuws van
Taxence in je mail?

Aanmelden

 

×