• Skip to primary navigation
  • Skip to main content
  • Skip to primary sidebar
  • Skip to footer
  • Nieuwsbrief
  • Contact

Taxence

Taxence

  • Nieuws & achtergrond
    • Nieuws
    • Branchenieuws
    • Blogs
    • Verdieping
  • Thema’s
    • AI & Tax Technology
    • Arbeid & Loon
    • Belastingplan
    • BTW
    • BV & DGA
    • Duurzaamheid (ESG & CSRD)
    • Estate planning
    • Alle thema’s
  • Opleidingen
    • AI & Tax Tech
    • ESG & CSRD
    • Estate Planning
    • BTW
    • Vastgoed
    • Internationaal
    • Arbeid & Loon
    • Formeel
    • Familiebedrijven
    • VPB
    • Pensioen
  • Belastingplan
  • Carrière
    • Personalia
    • Vacatures
    • Vacature toevoegen
    • Partners
  • Vakinformatie
    • NDFR
    • Addify
    • JES! Knowledge
    • Fiscaal en meer
    • Tax talks
    • Vakblad Estate Planning
    • Specials
  • Kennisbank

Standpunt buitenlandse collectieve beleggingsinstelling in relatie tot het Unierecht

15 september 2026 door redactie

vastgoed buitenland

De Kennisgroep IBR Vpb & winst heeft de vraag beantwoord of het Unierecht zich verzet tegen de toepassing van artikel 4, derde lid, onderdeel b, Wet op de dividendbelasting 1965 op grond waarvan de inhoudingsvrijstelling buiten toepassing blijft op een buitenlandse collectieve beleggingsinstelling die een vergelijkbare functie vervult als een fiscale beleggingsinstelling.

Dit standpunt is een vervolg op standpunt KG:024:2025:7 van de kennisgroep dividendbelasting en bronbelasting.

Een in een andere lidstaat van de EU gevestigd lichaam X belegt indirect, via een in Nederland gevestigd lichaam, in Nederlands vastgoed. Daarnaast belegt X ook direct in Nederlands vastgoed. Het Nederlandse lichaam wil een opbrengst aan X ter beschikking te stellen en op basis van artikel 4, tweede lid, van de Wet DB 1965 op deze opbrengst de inhouding van dividendbelasting achterwege te laten.

Volgens artikel 4, derde lid, onderdeel b, Wet DB 1965 is de inhoudingsvrijstelling niet van toepassing als X een vergelijkbare functie vervult als een fiscale beleggingsinstelling (fbi) als bedoeld in artikel 28 van de Wet Vpb 1969 of een vrijgestelde beleggingsinstelling (vbi).

Met ingang van 1 januari 2025 mag een fbi niet langer rechtsreeks beleggen in Nederlands vastgoed.

De KG DB concludeert in standpunt KG:024:2025:7 dat X geen recht heeft op de inhoudingsvrijstelling omdat X een vergelijkbare functie vervult als een fbi. X beheert namelijk als intermediair vermogen van beleggers ter collectieve belegging. Daarnaast is X in het land van vestiging onderworpen aan een belastingregime dat als doel heeft om collectief beleggen van vermogen fiscaal neutraal te laten plaatsvinden.

Aansluitend neemt de KG DB het standpunt in dat het feit dat X zowel direct als indirect belegt in Nederlands vastgoed niet verhindert dat X een vergelijkbare functie vervult als een fbi.

X is van mening dat het Unierecht (de vrijheid van kapitaalverkeer) zich in haar geval verzet tegen de toepassing van artikel 4, derde lid, onderdeel b, Wet DB 1965. X stelt dat zij objectief vergelijkbaar is met een in Nederland gevestigd, regulier Vpb-plichtig lichaam. In dat verband wijst zij op het feit dat een fbi niet rechtstreeks mag beleggen in Nederlands vastgoed. 

Naast de in standpunt KG:024:2025:7 vermelde feiten is nog het volgende van belang. X is een contractueel beleggingsfonds waarin een groot aantal (particuliere) participanten deelneemt.

De rechtsvorm van X wordt niet genoemd in bijlage I, deel A, van de Moeder-dochterrichtlijn, Richtlijn 2011/96/EU, laatstelijk gewijzigd bij Richtlijn (EU) 2015/121 (MDR).

Vragen

  1. Verzet de vrijheid van kapitaalverkeer zich in de situatie van X tegen de toepassing van artikel 4, derde lid, onderdeel b, Wet DB 1965?
  2. Maakt het voor het antwoord verschil dat een fbi niet rechtstreeks mag beleggen in Nederlands vastgoed?

Antwoorden

  1. Nee, de vrijheid van kapitaalverkeer verzet zich in de situatie waarin X verkeert niet tegen de toepassing van artikel 4, derde lid, onderdeel b, Wet DB 1965.
    X is niet objectief vergelijkbaar met een in Nederland gevestigd, regulier Vpb-plichtig lichaam, maar met een fbi. Zij is in het land van vestiging namelijk onderworpen aan een belastingregime dat, evenals het fbi-regime, als doel heeft om collectief beleggen van vermogen fiscaal neutraal te laten plaatsvinden.
  2. Aan deze conclusie doet niet af dat een in Nederland gevestigde fbi niet rechtstreeks mag beleggen in Nederlands vastgoed.

Bron: Belastingdienst, 14 september 2026

Filed Under: Fiscaal nieuws, Nieuws, Vpb & Div.bel

Reageer
Vorige artikel
Standpunt toepassing misbruiktoets Wet op de dividendbelasting 1965
Volgende artikel
Standpunt herroepelijke schuldigerkenning uit vrijgevigheid en box 3

Reader Interactions

Gerelateerde berichten

wettelijke termijn bij overlijden begunstigde

Vaststelling doorberekende kosten STAK verschuift naar 1 november

Het Besluit doorberekening kosten stichting administratiekantoor beheer financiële instellingen wordt gewijzigd. De jaarlijkse uiterste datum waarop de minister van Financiën de bij betrokken vennootschappen in rekening te brengen beheerkosten vaststelt, verschuift van 1 mei naar 1 november.

dga bonus

Standpunt bij bonus op basis van EBITA en verkoopopbrengst

De Kennisgroep bijzondere winstbepalingen vpb heeft de vraag beantwoord of de toekenning van een cashbonus op basis van de EBITA en de verkoopopbrengst van de aandelen, niet aftrekbaar is door toepassing van artikel 10, eerste lid, onderdeel j, van de Wet op de vennootschapsbelasting 1969.

bonus

Standpunt aftrekbeperking en loonbelasting die vennootschap voor eigen rekening neemt

De Kennisgroep bijzondere winstbepalingen vpb heeft de vraag beantwoord of de aftrekbeperking van artikel 10, eerste lid, onderdeel j, Wet Vpb 1969 ook van toepassing is op de loonbelasting die de vennootschap voor eigen rekening neemt.

Correctie Loonheffingen

Te hoge rente op dga-lening niet herstelbaar via foutenleer

Rechtbank Noord-Holland oordeelt dat een bv te veel in rekening gebrachte rente op een lening aan haar dga niet via de foutenleer kan corrigeren in het oudste openstaande jaar. Er is geen sprake van een balansfout maar hooguit van een onjuiste winstberekening, en ook het beroep op het vertrouwensbeginsel slaagt niet.

Jersey

Standpunt kwalificatie Jersey Limited Company

De Kennisgroep belastingplicht en kwalificatie rechtsvormen heeft de vraag beantwoord met welke Nederlandse rechtsvorm een Jersey Limited Company vergelijkbaar is.

Geef een reactie Reactie annuleren

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Primary Sidebar

Opleidingen

Masterclass Fiscale aspecten fusies & overnames

Online cursus Wet Fiscaal Kwalificatiebeleid Rechtsvormen (incl. aanpassing FGR)

Online cursus Technisch aanmerkelijk belang | PE Accreditatie

AGENDA

AI Governance & Compliance: Veilige toepassing van AI in juridische/fiscale praktijk | PE Accreditatie

Basistraining AI voor de fiscale praktijk

Online cursus BTW, factuurvereisten en ViDA | PE Accreditatie

Masterclass Btw-processen in SAP S/4HANA | PE Accreditatie

Stoomcursus Erfrecht – Civiel en fiscaal – Het hele erfrecht in één dag!  | PE Accreditatie

Basiscursus Estate planning | PE Accreditatie

Specialisatieopleiding Vermogensstructurering

Specialisatieopleiding Estate Planning | PE Accreditatie

Webinar Fiscale wijzigingen 2027 | PE Accreditatie

Online cursus Btw-aangifte | PE Accreditatie

Meer opleidingen

Footer

  • Fiscaal nieuws
  • Opleidingen
  • Kennisbank
  • Vacatures
  • Over ons
  • Adverteren op Taxence
  • NDFR
  • JES! (ESG producten)
  • Fiscaal en meer
  • Tax Talks
  • Register Estate Planners (REP)
  • Contact
  • Linkedin
  • X
  • Facebook
  • Aanmelden nieuwsbrief
  • Naar Lefebvre Sdu Webshop

Taxence is een uitgave van
Lefebvre Sdu
Maanweg 174
2516 AB Den Haag

Powered by Lefebvre Sdu

  • Disclaimer
  • Privacy Statement en Cookiebeleid
lefebvre SDU

Het laatste nieuws van
Taxence in je mail?

Aanmelden

 

×