• Skip to primary navigation
  • Skip to main content
  • Skip to primary sidebar
  • Skip to footer
  • Nieuwsbrief
  • Contact

Taxence

Taxence

  • Nieuws & achtergrond
    • Nieuws
    • Branchenieuws
    • Blogs
    • Verdieping
  • Thema’s
    • AI & Tax Technology
    • Arbeid & Loon
    • Belastingplan
    • BTW
    • BV & DGA
    • Duurzaamheid (ESG & CSRD)
    • Estate planning
    • Alle thema’s
  • Opleidingen
    • AI & Tax Tech
    • ESG & CSRD
    • Estate Planning
    • BTW
    • Vastgoed
    • Internationaal
    • Arbeid & Loon
    • Formeel
    • Familiebedrijven
    • VPB
    • Pensioen
  • Belastingplan
  • Carrière
    • Personalia
    • Vacatures
    • Vacature toevoegen
    • Partners
  • Vakinformatie
    • NDFR
    • Addify
    • JES! Knowledge
    • Fiscaal en meer
    • Tax talks
    • Vakblad Estate Planning
    • Specials
  • Kennisbank

HR: recht om stukken op te vragen verjaart niet

24 april 2019 door michel halters - xander arends

Ook na een tijdsverloop van meer dan zes jaar kan een inspecteur iemand verzoeken zijn aftrekbare kosten voor de eigen woning met schriftelijke bescheiden te onderbouwen. Het arrest wekt geen verbazing omdat het in lijn is met eerdere jurisprudentie van de Hoge Raad, aldus mr. Xander Arends, belastingadviseur bij FBN Juristen en als wetenschappelijk docent verbonden aan de Erasmus School of Law.

Een echtpaar verhoogde de hypothecaire lening voor hun woning in 2007 met € 93.500 tot € 468.000. Zij gaven daarbij aan dat de verhoging verband hield met een verbouwing, maar konden dit echter niet met bewijsstukken onderbouwen. De Belastingdienst had de aangiften van 2007 tot en met 2009 gevolgd. Hof Den Bosch oordeelde dat het door de Belastingdienst volgen van aangiften over bepaalde jaren, niet met zich meebrengt dat men dan niet meer met schriftelijke stukken hoeft aan te tonen dat de uitgaven kwalificeren als kosten eigen woning. Wel geeft het hof aan dat de inspecteur zijn rechten heeft verwerkt om stukken op te vragen, omdat hij dat pas na afloop van de navorderingstermijn doet. Zie ook: ‘Traag handelende inspecteur kan niet meer corrigeren’. 

 

Navorderingstermijn

De Hoge Raad casseert de uitspraak van het hof. In de wet is niet opgenomen dat de inspecteur de schriftelijke bewijsstukken moet opvragen binnen zes jaar of binnen de navorderingstermijn. Het maakt ook niet uit dat de inspecteur in andere jaren de aftrek van de rente wel heeft geaccepteerd. Dit is anders als het echtpaar aannemelijk maakt dat het volgen van de aangiften door de inspecteur in andere jaren op een weloverwogen standpunt van de inspecteur berustte. Dit heeft het echtpaar niet gedaan. De Hoge Raad bevestigt de uitspraak van de rechtbank en bepaalt dat de eigenwoningschuld € 374.500 is.

 

Commentaar mr. Xander Arends

Taxence vroeg Xander Arends om een kort commentaar.

‘Dat het oordeel van de Hoge Raad niets nieuws onder de zon bevat blijkt al uit het feit dat een slechts uit drie raadsheren bestaande kamer het arrest heeft gewezen. De Hoge Raad verwijst in het arrest dan ook naar HR 21 september 2007, nr. 41.805, NTFR 2007/1809, waarin de Hoge Raad de mogelijkheid dat door tijdsverloop wijziging zou komen in de op de belanghebbende rustende bewijslast ten aanzien van door hem gepleegd onderhoud aan of verbetering (kortweg verbouwing) van de eigen woning, reeds heeft verworpen. Voor de praktijk betekent dit dat zolang een lening voor een verbouwing niet door de inspecteur is beoordeeld en erkend als een eigenwoningschuld een belastingplichtige altijd kan worden gevraagd om met schriftelijke stukken (nota’s, betaalbewijzen e.d.) bewijs te leveren. Het een of meerdere jaren volgen van ingediende aangiften zonder dat sprake is van een bewuste standpuntbepaling door de inspecteur, is niet voldoende om daaraan vertrouwen te kunnen ontlenen dat de lening reeds is beoordeeld. Ofschoon op een particuliere woningbezitter geen wettelijke bewaarplicht van toepassing is, dienen particulieren die renteaftrek claimen voor opgenomen verbouwingsleningen, de daarmee verband houdende bewijsstukken goed te bewaren totdat de inspecteur de lening als behorende tot de eigenwoningschuld heeft erkend.’

 

Binnenkort is het uitgebreide commentaar van Xander Arends te lezen in het NTFR. Nog geen abonnee? Klik dan hier om 3 maanden kennis te maken met NTFR.

 

Wet: art. 3.120 en 3.123 Wet IB 2001

Meer informatie: Hoge Raad 19 april 2019, ECLI:NL:HR:2019:629

Filed Under: Eigen woning, Fiscaal nieuws, Formeel belastingrecht, Nieuws

Reageer
Vorige artikel
Bijtelling privégebruik auto ondanks huur bij eigen B.V.
Volgende artikel
Wet spoedreparatie fiscale eenheid aangenomen

Reader Interactions

Gerelateerde berichten

Wijziging Leidraad Invordering 2008

Per 1 januari 2027 wordt de Leidraad Invordering 2008 aangepast, met name vanwege de nieuwe rechtsbescherming bij uitstel van betaling en kwijtschelding. Daarnaast introduceert de Leidraad een betaalpauze, een algemeen kader ter bescherming van de invorderbaarheid en aangepaste regels voor betalingsregelingen en saneringsakkoorden.

btw vastgoed

Ongerealiseerde waardestijging woning telt mee in box 3

Hof ’s-Hertogenbosch oordeelt dat een woning op 31 december 2020 juridisch is geleverd doordat de leveringsakte die dag bij het Kadaster is aangeboden. De verkoopopbrengst van € 643.000 behoort daardoor op 1 januari 2021 als vordering tot box 3.

woning-verkoop

Standpunt samenloop zesmaandsgoedkeuring en eigenwoningreserve

De Kennisgroep onroerende zaken heeft een vraag beantwoord over de zogenoemde zesmaandsgoedkeuring voor verbouwingsleningen als rekening moet worden gehouden met een eigenwoningreserve en een deel van de kosten van de verbouwing in het volgende kalenderjaar wordt gemaakt. Een belastingplichtige heeft bij de verkoop van zijn oude eigen woning een eigenwoningreserve gerealiseerd. Aan het begin van... lees verder

Centrum levensbelangen in Nederland maakt buitenlands vermogen belast

Hof ’s-Hertogenbosch oordeelt dat het centrum van de levensbelangen van een man in Nederland ligt, ondanks zijn woning en inschrijving in Duitsland. De inspecteur mag bovendien navorderen omdat pas later blijkt dat de man aanzienlijke buitenlandse bank- en beleggingstegoeden niet heeft aangegeven.

deadline bezwaar vergoeding

Zeswekentermijn voor hoger beroep niet strijdig met EU-recht

De Hoge Raad oordeelt dat de wettelijke beroepstermijn van zes weken niet in strijd is met het Unierecht. De combinatie van de vaste termijn en de mogelijkheid om een termijnoverschrijding verschoonbaar te achten, waarborgt voldoende toegang tot de rechter.

Geef een reactie Reactie annuleren

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Primary Sidebar

Opleidingen

Online cursus Staken van de onderneming: (turbo)liquidatie, WHOA liquidatie akkoord | PE Accreditatie

Opleidingen

Masterclass Fiscaliteiten in de Eigenwoningregeling | PE Accreditatie

AGENDA

Verdiepende AI training voor de fiscale praktijk

Basistraining AI voor de fiscale praktijk

Online cursus afwaarderen & kwijtschelden van vorderingen | PE Accreditatie

Online cursus introductie participatieregelingen en lucratieve belangen | PE Accreditatie

Masterclass Management- en werknemersparticipatie | PE Accreditatie

Verdiepingscursus Internationale estate planning | PE Accreditatie

Specialisatieopleiding Erfrecht | PE Accreditatie

Masterclass Vastgoedfiscaliteiten | PE Accreditatie

Stoomcursus Vastgoedrekenen en -financieren | PE Accreditatie

Online cursus Wet Fiscaal Kwalificatiebeleid Rechtsvormen (incl. aanpassing FGR) | PE Accreditatie

Meer opleidingen

Footer

  • Fiscaal nieuws
  • Opleidingen
  • Kennisbank
  • Vacatures
  • Over ons
  • Adverteren op Taxence
  • NDFR
  • Fiscaal en meer
  • Tax Talks
  • Register Estate Planners (REP)
  • Contact
  • Linkedin
  • X
  • Facebook
  • Aanmelden nieuwsbrief
  • Naar Lefebvre Sdu Webshop

Taxence is een uitgave van
Lefebvre Sdu
Maanweg 174
2516 AB Den Haag

Powered by Lefebvre Sdu

  • Disclaimer
  • Privacy Statement en Cookiebeleid
lefebvre SDU

Het laatste nieuws van
Taxence in je mail?

Aanmelden

 

×