• Skip to primary navigation
  • Skip to main content
  • Skip to primary sidebar
  • Skip to footer
  • Nieuwsbrief
  • Contact

Taxence

Taxence

  • Nieuws & achtergrond
    • Nieuws
    • Branchenieuws
    • Blogs
    • Verdieping
  • Thema’s
    • AI & Tax Technology
    • Arbeid & Loon
    • Belastingplan
    • BTW & Overdrachtsbelasting
    • BV & DGA
    • Duurzaamheid (ESG & CSRD)
    • Estate planning
    • Alle thema’s
  • Opleidingen
    • AI & Tax Tech
    • ESG & CSRD
    • Estate Planning
    • BTW
    • Vastgoed
    • Internationaal
    • Arbeid & Loon
    • Formeel
    • Familiebedrijven
    • VPB
    • Pensioen
  • Carrière
    • Personalia
    • Vacatures
    • Vacature toevoegen
    • Partners
  • Vakinformatie
    • NDFR
    • Addify
    • JES! Knowledge
    • Fiscaal en meer
    • Tax talks
    • Vakblad Estate Planning
    • Specials
  • Kennisbank

Landerijen bleven na feitelijke beëindiging tbs behoren tot werkzaamheidsvermogen

16 april 2012 door Giniraynha Poulina

Een vermogensbestanddeel dat na beëindiging van de feitelijke terbeschikkingstelling in de zin van artikel 3.92 Wet IB 2001, wordt aangehouden in afwachting van een geschikte gelegenheid tot vervreemding blijft behoren tot het werkzaamheidsvermogen. Het bezit daarvan ligt in deze periode in het verlengde van de feitelijke terbeschikkingstelling, zo oordeelde de Hoge Raad.

Een terbeschikkingstelling eindigt in beginsel op het moment dat een aanmerkelijk belanghouder een vermogensbestanddeel niet meer ter beschikking stelt aan de bv. Uit de rechtspraak blijkt echter dat deze hoofdregel niet meer vanzelfsprekend is. Zo ook in de volgende zaak. De inspecteur meende in dit geval dat sprake was van resultaat uit een werkzaamheid nadat de feitelijke terbeschikkingstelling van een aantal landerijen was beëindigd. Maar de aanmerkelijk belanghouder kon zich niet daarin vinden, omdat de landerijen na de feitelijke ter beschikkingstelling alleen werden aangehouden in afwachting van een geschikte gelegenheid tot vervreemding. De Hoge Raad gaf echter de inspecteur gelijk. De rechter overwoog daarbij dat de wetgever bij de invoering van de tbs-regeling wat betreft de winstberekening, de ondernemer en de aanmerkelijk belanghouder op een vergelijkbare manier wilde behandelen. Het resultaat uit werkzaamheid kon dus niet bestaan uit het verschil tussen de waarde van het vermogensbestanddeel en de boekwaarde daarvan op het moment van de feitelijke beëindiging van de terbeschikkingstelling. Een vergelijkbare behandeling was volgens de rechter alleen mogelijk als de fiscus rekening hield met de boekwinst die bij de verkoop werd gerealiseerd. Hierdoor kon de aanmerkelijk belanghouder ook de verkoopkosten vanaf de beëindiging van de feitelijke terbeschikkingstelling van het resultaat uit overige werkzaamheid aftrekken.

 

Wet: artikel 3.92 Wet IB 2001

Meer informatie: Hoge Raad, 13 april 2012, LJN: BP6667

Filed Under: Financiële planning, Fiscaal nieuws, Nieuws

Reageer
Vorige artikel
Voorzieningsrechter: Fiscus mag geen inkomensgegevens huurders vrijgeven
Volgende artikel
Fiscus mag gebruik zwijgrecht niet beboeten

Reader Interactions

Gerelateerde berichten

bedrag ineens pensioen

Drie nieuwe V&A’s gepubliceerd

Het Centraal Aanspreekpunt Pensioenen heeft drie nieuwe V&A's gepubliceerd.

wet excessief lenen

NOB-discussiebijdrage bij wetsvoorstel werkelijk rendement box 3

De Nederlandse Orde van Belastingadviseurs heeft een nadere beschouwing gepubliceerd naar aanleiding van het wetsvoorstel ‘Wet werkelijk rendement box 3’. Aanleiding zijn de recente politieke en maatschappelijke discussies en de aangekondigde herziening van het voorstel.

miljonair

Is een minimum vermogensbelasting van 2% voor zeer vermogenden mogelijk?

Staatssecretaris Eerenberg gaat in op het voorstel voor een minimum vermogensbelasting van 2% voor zeer vermogende personen.

Belastingplan 2026

Minister Heinen: op Prinsjesdag meer duidelijk over box 3

Minister Heinen wil op Prinsjesdag duidelijkheid geven over mogelijke aanpassingen aan het nieuwe belastingstelsel voor vermogen in box 3. Dan moet ook blijken hoe eventuele financiële gevolgen voor de schatkist worden opgevangen. Dat zei de VVD-bewindsman voorafgaand aan de ministerraad.

Aanpassen ODV-uitkeringsperiode na verlagen AOW-leeftijd

Drie V&A’s over ODV en Handreiking ODV-aanspraken en overlijden aangepast

Per 1 januari 2026 is artikel 38p, derde lid, Wet LB gewijzigd. Per 1 januari 2026 kunnen de gezamenlijke erfgenamen de oudedagsverplichting (ODV) zonder fiscale gevolgen toedelen aan één of meer erfgenamen (of legatarissen), ook wanneer dit niet vooraf is vastgelegd.

Geef een reactie Reactie annuleren

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Primary Sidebar

Opleidingen

Masterclass Actualiteiten vermogensstructurering 2025

Masterclass Actualiteiten vermogensstructurering 2026

AGENDA

Online Basistraining AI voor de fiscale praktijk

Masterclass Inbreng in en terugkeer uit de BV

Masterclass Vastgoedfiscaliteiten

Online cursus Vennootschapsbelastingplicht stichtingen & verenigingen

Masterclass De positie van de samenwoner in de inkomstenbelasting, relatievermogensrecht en vermogensplanning – Civiel en fiscaal

Online cursus De positie van het kind in het erfrecht en estate planning – Civiel en fiscaal

Online cursus introductie participatieregelingen en lucratieve belangen

Online cursus Staken van de onderneming: (turbo)liquidatie, WHOA liquidatie akkoord

Basistraining AI voor de fiscale praktijk

Congres Estate Planning 2026

Meer opleidingen

Footer

  • Fiscaal nieuws
  • Opleidingen
  • Kennisbank
  • Vacatures
  • Over ons
  • Adverteren op Taxence
  • NDFR
  • JES! (ESG producten)
  • Fiscaal en meer
  • Addify
  • Tax Talks
  • Register Estate Planners (REP)
  • Contact
  • Linkedin
  • X
  • Facebook
  • Aanmelden nieuwsbrief
  • Naar Lefebvre Sdu Webshop

Taxence is een uitgave van
Lefebvre Sdu
Maanweg 174
2516 AB Den Haag

Powered by Lefebvre Sdu

  • Disclaimer
  • Privacy Statement en Cookiebeleid
lefebvre SDU

Het laatste nieuws van
Taxence in je mail?

×