• Skip to primary navigation
  • Skip to main content
  • Skip to primary sidebar
  • Skip to footer
  • Nieuwsbrief
  • Contact

Taxence

Taxence

  • Nieuws & achtergrond
    • Nieuws
    • Branchenieuws
    • Blogs
    • Verdieping
  • Thema’s
    • AI & Tax Technology
    • Arbeid & Loon
    • Belastingplan
    • BTW
    • BV & DGA
    • Duurzaamheid (ESG & CSRD)
    • Estate planning
    • Alle thema’s
  • Opleidingen
    • AI & Tax Tech
    • ESG & CSRD
    • Estate Planning
    • BTW
    • Vastgoed
    • Internationaal
    • Arbeid & Loon
    • Formeel
    • Familiebedrijven
    • VPB
    • Pensioen
  • Belastingplan
  • Carrière
    • Personalia
    • Vacatures
    • Vacature toevoegen
    • Partners
  • Vakinformatie
    • NDFR
    • Addify
    • JES! Knowledge
    • Fiscaal en meer
    • Tax talks
    • Vakblad Estate Planning
    • Specials
  • Kennisbank

Minder risico met verklaring betalingsgedrag

12 april 2013 door

Als een werkgever personeel inleent bij bijvoorbeeld een uitzendbureau, loopt hij het risico om te maken te krijgen met inlenersaansprakelijkheid. Eén van de mogelijkheden om dit risico in te perken is de verklaring betalingsgedrag. Maar die geeft geen 100% zekerheid.

Bedrijven die arbeidskrachten inlenen kunnen door de Belastingdienst hoofdelijk aansprakelijk worden gesteld voor achterstallige loonheffingen of omzetbelasting van de uitlener. Om ervoor te zorgen dat het risico van aansprakelijkstelling zo klein mogelijk blijft, kan de inlener de uitlener van personeel vragen om een verklaring van betalingsgedrag te overleggen. In zo’n verklaring geeft de Belastingdienst aan dat de uitlener zijn loonheffingen en btw heeft betaald die op het moment van de afgifte bekend zijn. De verklaring van betalingsgedrag is geen vrijwaringsverklaring: ook met een verklaring kan de Belastingdienst de inlener aansprakelijk stellen. Zie ook het bericht ‘Inlener aansprakelijk ondanks verklaringen betalingsgedrag’. Het is voor de inlener goed om te controleren of de uitlener een recente en originele verklaring van betalingsgedrag overlegt.

 

Aanvraag door uitlener

De Belastingdienst geeft alleen een verklaring van betalingsgedrag af aan de uitlener, die hierom kan verzoeken. Een inlener is niet bevoegd bij de Belastingdienst te vragen om zo’n verklaring voor de uitlener. Nadat de uitlener de verklaring over zijn betalingsgedrag schriftelijk heeft aangevraagd bij zijn belastingkantoor, gaat er ongeveer een week overheen voordat de fiscus de verklaring kan toesturen.

 

Twee soorten

De uitlener kan twee soorten verklaringen van betalingsgedrag ontvangen van de Belastingdienst. Een schone verklaring en een voorbehoudverklaring. De eerste geeft aan dat de uitlener alle aangegeven loonheffingen en btw heeft betaald. Het kan zijn dat de uitlener bezwaar of beroep heeft ingediend tegen nageheven loonheffingen of btw. In dat geval krijgt hij alleen een schone verklaring als hij die naheffingen eerst betaalt. Een uitlener kan ook een schone verklaring krijgen als hij zekerheid heeft gegeven voor het bedrag van de aanslag(en) waartegen hij bezwaar of beroep heeft ingediend.

 

Voorbehoudverklaring

De uitlener ontvangt een voorbehoudverklaring als:

  • hij alle loonheffingen en btw heeft betaald, met uitzondering van de bedragen waarvoor een betalingsregeling is getroffen wegens tijdelijke liquiditeitsproblemen, en als hij die regeling ook nakomt;
  • hij alle loonheffingen en btw heeft betaald, met uitzondering van de bedragen waarvoor de Belastingdienst uitstel van betaling heeft verleend voor bezwaar of (hoger) beroep.

 

Geen verklaring

Ontvangt de uitlener geen verklaring, dan is het meestal foute boel en heeft hij zijn zaken niet op orde. Er zijn echter ook andere oorzaken mogelijk. Voor de Belastingdienst is het niet mogelijk een verklaring af te geven aan een nieuwe uitlener, omdat hij nog geen loonheffingen en btw heeft hoeven afdragen. Ook als het bedrijf van een uitlener wordt voortgezet door een curator of bewindvoerder, weet de Belastingdienst nog of de loonheffingen en btw die zijn verschuldigd door de voortzetting van het bedrijf, ook echt worden afgedragen. Ook in dat geval geeft de fiscus (nog) geen verklaring van betalingsgedrag.

Meer informatie: artikel 34 Invorderingswet

Filed Under: Formeel belastingrecht, Nieuws, Verdieping

Reageer
Vorige artikel
Erfbelasting over uitkering aftrekbaar voor IB
Volgende artikel
Eis om vergoeding overschrijding termijn moet tijdig zijn

Reader Interactions

Gerelateerde berichten

Centrum levensbelangen in Nederland maakt buitenlands vermogen belast

Hof ’s-Hertogenbosch oordeelt dat het centrum van de levensbelangen van een man in Nederland ligt, ondanks zijn woning en inschrijving in Duitsland. De inspecteur mag bovendien navorderen omdat pas later blijkt dat de man aanzienlijke buitenlandse bank- en beleggingstegoeden niet heeft aangegeven.

deadline bezwaar vergoeding

Zeswekentermijn voor hoger beroep niet strijdig met EU-recht

De Hoge Raad oordeelt dat de wettelijke beroepstermijn van zes weken niet in strijd is met het Unierecht. De combinatie van de vaste termijn en de mogelijkheid om een termijnoverschrijding verschoonbaar te achten, waarborgt voldoende toegang tot de rechter.

UBO-register

Wijzigingsbesluit toegang UBO-registers voor bestuursorganen en rechtspersonen met een overheidstaak

Dit besluit regelt welke bestuursorganen en rechtspersonen met een overheidstaak toegang krijgen tot de UBO-registers als zij UBO-informatie nodig hebben voor een wettelijke of Europeesrechtelijke taak. Ook wordt de Douane toegevoegd aan de bevoegde autoriteiten met toegang tot de registers.

Wet betaalbare huur

Belastingrechter niet bevoegd bij geschil over huurtoeslag

Hof Den Haag kan in een procedure over de aanslag IB/PVV niet oordelen over het recht op huurtoeslag. De vraag of het rechtsherstel voor box 3 doorwerkt naar de vermogenstoets voor de huurtoeslag blijft daarom onbeantwoord.

trustees

Standpunt omkering en verzwaring bewijslast ingetrokken

Het standpunt “KG:206:2023:2 Vragen over omkering en verzwaring van de bewijslast naar aanleiding van arrest HR 27 mei 2022, ECLI:NL:HR:2022:767” is ingetrokken. Aan dit standpunt is het belang komen te ontvallen met het arrest van de Hoge Raad van 9 oktober 2026, ECLI:NL:HR:2026:1484.

Geef een reactie Reactie annuleren

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Primary Sidebar

Opleidingen

Online cursus Staken van de onderneming: (turbo)liquidatie, WHOA liquidatie akkoord | PE Accreditatie

AGENDA

Online cursus introductie participatieregelingen en lucratieve belangen | PE Accreditatie

Masterclass Management- en werknemersparticipatie | PE Accreditatie

Verdiepingscursus Internationale estate planning | PE Accreditatie

Specialisatieopleiding Erfrecht | PE Accreditatie

Masterclass Vastgoedfiscaliteiten | PE Accreditatie

Stoomcursus Vastgoedrekenen en -financieren | PE Accreditatie

Online cursus Wet Fiscaal Kwalificatiebeleid Rechtsvormen (incl. aanpassing FGR) | PE Accreditatie

Online cursus De positie van de samenwoner in de inkomstenbelasting, relatievermogensrecht en vermogensplanning – Civiel en fiscaal | PE Accreditatie

Online cursus Technisch aanmerkelijk belang | PE Accreditatie

Masterclass verantwoord adviseren: Ethiek als kompas in de fiscaliteit | PE Accreditatie

Meer opleidingen

Footer

  • Fiscaal nieuws
  • Opleidingen
  • Kennisbank
  • Vacatures
  • Over ons
  • Adverteren op Taxence
  • NDFR
  • Fiscaal en meer
  • Tax Talks
  • Register Estate Planners (REP)
  • Contact
  • Linkedin
  • X
  • Facebook
  • Aanmelden nieuwsbrief
  • Naar Lefebvre Sdu Webshop

Taxence is een uitgave van
Lefebvre Sdu
Maanweg 174
2516 AB Den Haag

Powered by Lefebvre Sdu

  • Disclaimer
  • Privacy Statement en Cookiebeleid
lefebvre SDU

Het laatste nieuws van
Taxence in je mail?

Aanmelden

 

×