• Skip to primary navigation
  • Skip to main content
  • Skip to primary sidebar
  • Skip to footer
  • Nieuwsbrief
  • Contact

Taxence

Taxence

  • Nieuws & achtergrond
    • Nieuws
    • Branchenieuws
    • Blogs
    • Verdieping
  • Thema’s
    • AI & Tax Technology
    • Arbeid & Loon
    • Belastingplan
    • BTW
    • BV & DGA
    • Duurzaamheid (ESG & CSRD)
    • Estate planning
    • Alle thema’s
  • Opleidingen
    • AI & Tax Tech
    • ESG & CSRD
    • Estate Planning
    • BTW
    • Vastgoed
    • Internationaal
    • Arbeid & Loon
    • Formeel
    • Familiebedrijven
    • VPB
    • Pensioen
  • Belastingplan
  • Carrière
    • Personalia
    • Vacatures
    • Vacature toevoegen
    • Partners
  • Vakinformatie
    • NDFR
    • Addify
    • JES! Knowledge
    • Fiscaal en meer
    • Tax talks
    • Vakblad Estate Planning
    • Specials
  • Kennisbank

Bouwterrein ondanks kleine muur

13 februari 2024 door Remco Latour

btw en sloop gebouw

Als de grootte van een muur te verwaarlozen is met de rest van het onbebouwde terrein, kan sprake zijn van een bouwterrein.

Een bv die woningbouwprojecten ontwikkelt, koopt in het jaar 2002 een perceel grond met daarop een leegstaand oud fabrieksgebouw. Zij wil op het perceel een appartementencomplex en twaalf eengezinswoningen realiseren. Daarvoor heeft zij op 30 mei 2002 een bouwvergunning van de gemeente gekregen. In de loop van de jaren 2002 tot en met 2006 vindt de sloop van het fabrieksgebouw plaats. Maar een muur van 96 meter lang, 2,4 meter hoog en 0,25 meter breed blijft staan. Deze muur heeft een 2 meter diepe en 1 meter brede fundering en beslaat vrijwel geheel één zijde van het perceel. De muur fungeert als grondkering en als afscheiding tussen de tuinen en het onbebouwd gebleven deel van het stuk grond. In 2006 laat de bv op een deel van het perceel het appartementencomplex met bijbehorend terrein bouwen. Daarna verkoopt zij dat bebouwde deel.

Verkoop resterende deel perceel met muur

De voorgenomen bouw van de twaalf eengezinswoningen op het resterende deel van het perceel is vanwege de slechte economische omstandigheden achterwege gebleven. Op dit resterende deel van het perceel staat de muur. Op 19 november 2014 verkoopt de bv dit deel van het perceel aan een projectontwikkelaar. Deze koper heeft het voornemen daarop tien woningen te bouwen. De levering van het terrein aan de koper vindt plaats op 21 april 2016. Daarbij voldoet de bv geen omzetbelasting. Zij meent namelijk vanwege de aanwezigheid van de muur bebouwde grond te hebben geleverd. De inspecteur is het daarmee oneens en legt de bv een naheffingsaanslag en boete op. De naheffingsaanslag en boete houden echter geen stand voor de rechtbank en hof Den Haag. Zie NTFR 2021/2562 en ‘Muur met belangrijke functie houdt verkoop btw-vrij’.

Kan muur functie van gebouw vervullen?

Vervolgens gaat de staatssecretaris van Financiën in cassatie. Hij stelt dat men bij levering van een niet volledig gesloopt gebouw beoordelen of wat resteert nog de functie van gebouw kan vervullen. Hij stelt dat de muur uitsluitend kan dienen als basis voor nieuw te vervaardigen onroerende zaken, maar niet zelf als gebouw. De Hoge Raad redeneert dat men ieder bouwwerk dat vast met de grond is verbonden, moet zien als een gebouw. Het begrip bouwwerk dient men ruim uit te leggen. Bijvoorbeeld bruggen, tunnels, viaducten, straten, wegen, pleinen en sluizen tellen als gebouwen. Ieder terrein dat naar maatschappelijke opvattingen behoort bij dan wel dienstbaar is aan het gebouw, telt als ‘erbij behorend terrein’. Op dat punt is het oordeel van het hof juist.

Terrein hoort niet bij muur

Maar het hof had voor zijn oordeel dat het terrein als geheel bebouwde grond vormt, eerst moeten vaststellen dat het onbebouwde deel van het terrein naar maatschappelijke opvattingen behoort bij of dienstbaar is aan de muur. Omdat dit niet het geval is, had het hof moeten beoordelen of het terrein als geheel als onbebouwde grond moet worden aangemerkt en moeten onderzoeken of de muur ten opzichte van het onbebouwde gedeelte van het terrein kwalificeert als verwaarloosbaar. De Hoge Raad oordeelt dat de muur ten opzichte van het onbebouwde deel van het perceel inderdaad verwaarloosbaar is. De naheffingsaanslag is daarom terecht opgelegd.

Wet: art. 11, lid 1, onderdeel a en leden 5 en 6 Wet OB 1968

Bron: Hoge Raad 9 februari 2024, ECLI:NL:HR:2024:216, 21/02407

Filed Under: BTW, Fiscaal nieuws, Nieuws

Reageer
Vorige artikel
Bouwstenen voor een beter belastingstelsel
Volgende artikel
Blog | Scherp!

Reader Interactions

Gerelateerde berichten

Verhuur aan franchiseketen maakt bv een OZR voor de heffing

Hof Arnhem-Leeuwarden oordeelt dat een bv die vastgoed verhuurt aan een franchiseketen voldoet aan de doeleis voor een onroerendezaakrechtspersoon. Dat de franchiseketen het pand doorverhuurt aan een dochter-bv die er een supermarkt exploiteert, maakt de verhuur niet tot eigen gebruik binnen het concern.

Btw-vrijstelling geldt ook voor zelfstandige kinderopvang

Hof Arnhem-Leeuwarden oordeelt dat een zelfstandig pedagogisch medewerker de btw-vrijstelling voor kinderopvang kan toepassen. De vrijstelling is niet beperkt tot de houder van een geregistreerd kindercentrum.

Woongebruik verhindert btw-belaste verhuur werkkamer

Ook zeer beperkt woongebruik staat btw-belaste verhuur van een werkkamer in de weg, oordeelt de Hoge Raad.

douanerechten online bestellingen buiten eu

Wet implementatie Richtlijn btw in het digitale tijdperk – enkele btw-registratie in werking per 1 januari 2027

De Wet implementatie Richtlijn btw in het digitale tijdperk – enkele btw-registratie is in het Staatsblad gepubliceerd en treedt in werking met ingang van 1 januari 2027.

BTW en subsidies: geen automatische vrijstelling van btw

Subsidies worden in de praktijk vaak als vanzelfsprekend buiten het bereik van de btw geplaatst. Die aanname gaat niet altijd op. De btw kent eigen, Europees geharmoniseerde regels voor de vraag of een subsidie in de heffing wordt betrokken, en die regels sluiten niet één-op-één aan bij hoe subsidies in de praktijk worden ervaren. Een subsidie kan wel degelijk leiden tot btw-heffing, ook als de verstrekker en de ontvanger daar zelf niet van uitgaan.

Geef een reactie Reactie annuleren

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Primary Sidebar

Opleidingen

Masterclass Fiscaliteiten in de Eigenwoningregeling | PE Accreditatie

Online cursus Auto van de zaak | PE Accreditatie

Online cursus Btw-aangifte | PE Accreditatie

Masterclass Btw-processen in SAP S/4HANA | PE Accreditatie

Online cursus BTW, factuurvereisten en ViDA | PE Accreditatie

AGENDA

Verdiepende AI training voor de fiscale praktijk

Basistraining AI voor de fiscale praktijk

Online cursus afwaarderen & kwijtschelden van vorderingen | PE Accreditatie

Online cursus introductie participatieregelingen en lucratieve belangen | PE Accreditatie

Masterclass Management- en werknemersparticipatie | PE Accreditatie

Verdiepingscursus Internationale estate planning | PE Accreditatie

Specialisatieopleiding Erfrecht | PE Accreditatie

Masterclass Vastgoedfiscaliteiten | PE Accreditatie

Stoomcursus Vastgoedrekenen en -financieren | PE Accreditatie

Online cursus Wet Fiscaal Kwalificatiebeleid Rechtsvormen (incl. aanpassing FGR) | PE Accreditatie

Meer opleidingen

Footer

  • Fiscaal nieuws
  • Opleidingen
  • Kennisbank
  • Vacatures
  • Over ons
  • Adverteren op Taxence
  • NDFR
  • Fiscaal en meer
  • Tax Talks
  • Register Estate Planners (REP)
  • Contact
  • Linkedin
  • X
  • Facebook
  • Aanmelden nieuwsbrief
  • Naar Lefebvre Sdu Webshop

Taxence is een uitgave van
Lefebvre Sdu
Maanweg 174
2516 AB Den Haag

Powered by Lefebvre Sdu

  • Disclaimer
  • Privacy Statement en Cookiebeleid
lefebvre SDU

Het laatste nieuws van
Taxence in je mail?

Aanmelden

 

×