• Skip to primary navigation
  • Skip to main content
  • Skip to primary sidebar
  • Skip to footer
  • Nieuwsbrief
  • Contact

Taxence

Taxence

  • Nieuws & achtergrond
    • Nieuws
    • Branchenieuws
    • Blogs
    • Verdieping
  • Thema’s
    • AI & Tax Technology
    • Arbeid & Loon
    • Belastingplan
    • BTW & Overdrachtsbelasting
    • BV & DGA
    • Duurzaamheid (ESG & CSRD)
    • Estate planning
    • Alle thema’s
  • Opleidingen
    • AI & Tax Tech
    • ESG & CSRD
    • Estate Planning
    • BTW
    • Vastgoed
    • Internationaal
    • Arbeid & Loon
    • Formeel
    • Familiebedrijven
    • VPB
    • Pensioen
  • Carrière
    • Personalia
    • Vacatures
    • Vacature toevoegen
    • Partners
  • Vakinformatie
    • NDFR
    • Addify
    • JES! Knowledge
    • Fiscaal en meer
    • Tax talks
    • Vakblad Estate Planning
    • Specials
  • Kennisbank

A-G Wattel helpt wetgever met taallesje

8 september 2015 door Tanja Verstelle

Volgens A-G Wattel wilde de wetgever met de invoering van artikel 15ag Wet Vpb overduidelijk het gat dichten dat was ontstaan doordat artikel 15ae Vpb de situatie na beëindiging van een fiscale eenheid niet regelt. Het woord ‘beëindigen’ is om die reden correct gebruikt. Het woord ‘ontvoegingstijdstip’ had niet gebruikt moeten worden.

Rechtbank Den Haag had eerder juist geoordeeld dat er geen reden was om de verliesverrekening te corrigeren van een maatschappij die:

  • weliswaar moeder van een fiscale eenheid was geweest;
  • haar voorvoegingsverliezen had verrekend met de HIR die de voormalige dochter had ingebracht;
  • maar waarvoor de fiscale eenheid was beëindigd door het ontbinden van de dochter en niet het ontvoegen ervan.

 

De rechtbank achtte met een letterlijke lezing artikel 15ae Wet Vpb niet van toepassing omdat de fiscale eenheid immers niet meer bestond en achtte artikel 15ag Wet Vpb ook niet van toepassing, omdat deze bepaling uitgaat van een ontvoegingstijdstip.

 

Met zijn advies komt A-G Wattel de Staatssecretaris tegemoet die in zijn (sprong)cassatiemiddel had betoogd dat de bedoeling van de wetgever doorslaggevend moest zijn. De tekst van de wet was immers onduidelijk. Die bedoeling bleek volgens de Staatssecretaris duidelijk uit de wetsgeschiedenis en dat vindt A-G Wattel ook. Volgens de A-G heeft de wetgever bij de formulering van artikel 15ag Wet Vpb abusievelijk de termen ‘ontvoegen’ en ‘beëindigen’ door elkaar gebruikt. De wetgever had zich daarbij niet gerealiseerd dat ontvoegingstijdstip in artikel 15aa Wet Vpb een andere betekenis had dan hij bedoelde.  

Wet: artikel 15aa, 15ae en 15ag Wet Vpb, artikel 20 Wet Vpb

Meer informatie: Parket bij de Hoge Raad, 4 augustus 2015 (gepubliceerd 4 september 2015), ECLI:NL:PHR:2015:1695.

Filed Under: Fiscaal nieuws, Nieuws

Reageer
Vorige artikel
Zonnepaneel brengt btw-ondernemerschap
Volgende artikel
Vanaf 2016 automatische uitwisseling belastingrulings?

Reader Interactions

Gerelateerde berichten

ECLI:NL:RBMNE:2026:1550 Rechtbank Midden-Nederland, 31-03-2026, UTR 23/4263

WOZ, beroep is ongegrond Meer informatie: https://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBMNE:2026:1550&pk_campaign=rss&pk_medium=rss&pk_keyword=uitspraken

ECLI:NL:RBMNE:2026:1531 Rechtbank Midden-Nederland, 12-03-2026, UTR 24/2670, UTR 25/1953, UTR 25/5910

WOZ. Belastingjaren 2023, 2024 en 2025. Verzoek om ISV afgewezen. Meer informatie: https://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBMNE:2026:1531&pk_campaign=rss&pk_medium=rss&pk_keyword=uitspraken

huis frankrijk

Verkeerd verzamelinkomen bepaalt hoogte ouderenkorting

Hof ’s-Hertogenbosch oordeelt dat voor de ouderenkorting in beginsel het wereldinkomen in de Nederlandse periode en het Nederlandse inkomen in de buitenlandse periode meetelt. Toch moet de inspecteur uitgaan van het verzamelinkomen dat op de aanslag staat.

BOR toepassing

Geen herverdeling box 3 na definitieve aanslagen

Rechtbank Zeeland-West-Brabant oordeelt dat fiscale partners hun verdeling van gemeenschappelijke inkomensbestanddelen niet meer kunnen wijzigen nadat beide aanslagen onherroepelijk vaststaan. Box 3 wordt wel verlaagd, omdat een vordering ten onrechte is meegenomen en het werkelijke rendement lager is.

biologisch kind; vrijstelling

Standpunt legitieme portie en box 3

De Kennisgroep inkomstenbelasting niet-winst heeft de vraag beantwoord op welke wijze de erfgenamen in hun aangifte rekening moeten houden met een legitieme portie, die op de peildatum nog niet is opgeëist door de legitimaris.

Geef een reactie Reactie annuleren

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Primary Sidebar

AGENDA

Masterclass De positie van de samenwoner in de inkomstenbelasting, relatievermogensrecht en vermogensplanning – Civiel en fiscaal

Nationaal Btw Congres 2026

Online cursus introductie participatieregelingen en lucratieve belangen

Online cursus Internationale aspecten van Nederlandse belastingwetgeving

Online cursus Auto van de zaak

Online cursus Staken van de onderneming: (turbo)liquidatie, WHOA liquidatie akkoord

Stoomcursus Erfrecht – Civiel en fiscaal – Het hele erfrecht in één dag! 

Stoomcursus AI voor Fiscale professionals

Specialisatieopleiding Estate Planning

Basiscursus Estate planning

Meer opleidingen

Footer

  • Fiscaal nieuws
  • Opleidingen
  • Kennisbank
  • Vacatures
  • Over ons
  • Adverteren op Taxence
  • NDFR
  • JES! (ESG producten)
  • Fiscaal en meer
  • Tax Talks
  • Register Estate Planners (REP)
  • Contact
  • Linkedin
  • X
  • Facebook
  • Aanmelden nieuwsbrief
  • Naar Lefebvre Sdu Webshop

Taxence is een uitgave van
Lefebvre Sdu
Maanweg 174
2516 AB Den Haag

Powered by Lefebvre Sdu

  • Disclaimer
  • Privacy Statement en Cookiebeleid
lefebvre SDU

Het laatste nieuws van
Taxence in je mail?

×