• Skip to primary navigation
  • Skip to main content
  • Skip to primary sidebar
  • Skip to footer
  • Nieuwsbrief
  • Contact

Taxence

Taxence

  • Nieuws & achtergrond
    • Nieuws
    • Branchenieuws
    • Blogs
    • Verdieping
  • Thema’s
    • AI & Tax Technology
    • Arbeid & Loon
    • Belastingplan
    • BTW & Overdrachtsbelasting
    • BV & DGA
    • Duurzaamheid (ESG & CSRD)
    • Estate planning
    • Alle thema’s
  • Opleidingen
    • AI & Tax Tech
    • ESG & CSRD
    • Estate Planning
    • BTW
    • Vastgoed
    • Internationaal
    • Arbeid & Loon
    • Formeel
    • Familiebedrijven
    • VPB
    • Pensioen
  • Carrière
    • Personalia
    • Vacatures
    • Vacature toevoegen
    • Partners
  • Vakinformatie
    • NDFR
    • Addify
    • JES! Knowledge
    • Fiscaal en meer
    • Tax talks
    • Vakblad Estate Planning
    • Specials
  • Kennisbank

Geen aanpassing liquidatieverliesregeling

16 september 2014 door Jelle Berghuis

De liquidatieverliesregeling hoeft niet te worden herzien, aldus staatssecretaris Wiebes. Naar aanleiding van vragen van Kamerlid Dijkgraaf (SGP) geeft hij zijn visie over deze regeling.

Niet-voortzettingsvereiste

Een wezenlijk onderdeel van de liquidatieverliesregeling vormt het ‘niet-voortzettingsvereiste’. Door dit vereiste kan het liquidatieverlies nog niet worden genomen indien een deel van de onderneming (van de geliquideerde dochtermaatschappij) binnen concern wordt voortgezet. Hiermee moet  willekeur en misbruik worden voorkomen.

 

Onnodige liquidaties?

De liquidatieverliesregeling is een tegemoetkoming voor belastingplichtigen en stimuleert in beginsel werkgelegenheid en investeringen doordat winsten op de investering (voordelen uit de dochtermaatschappij) zijn vrijgesteld onder de deelnemingsvrijstelling, terwijl een eventueel verlies bij liquidatie (onder voorwaarden) wel kan worden genomen. Volgens staatssecretaris Wiebes geeft het niet-voortzettingsvereiste in de praktijk weinig aanleiding tot discussie. Ook hebben hem geen signalen bereikt dat belastingplichtigen zich genoodzaakt zien activiteiten te beëindigen omwille van een liquidatieverlies, terwijl men die activiteiten had willen voortzetten.

 

Tegemoetkomend beleid

In dit verband wijst de staatssecretaris erop dat er tegemoetkomend beleid is ontwikkeld ten aanzien van het niet-voortzettingsvereiste , zodat in gevallen waar minder dan 5% van de activiteiten wordt voortgezet het liquidatieverlies kan worden genomen. Daarnaast is er in artikel 13e van de Wet op de vennootschapsbelasting 1969 geregeld dat bij voortzetting binnen concern het liquidatieverlies in beginsel niet verloren gaat. Verder kan in geval van een belang van ten minste 95% in een binnenlands belastingplichtige dochtermaatschappij gebruik worden gemaakt van de fiscale eenheid, waardoor de verliezen van een dochtermaatschappij direct bij de moedermaatschappij in aanmerking kunnen worden genomen. Het voortzetten van activiteiten binnen fiscale eenheid c.q. in de moedermaatschappij na liquidatie van de dochtermaatschappij binnen de fiscale eenheid vormt daarbij geen beletsel. Mochten bovenstaande mogelijkheden geen soelaas bieden dan kan de belastingplichtige de activiteiten voortzetten in de bestaande vennootschap en als gevreesd wordt dat met deze activiteiten niet de gehele verliezen van de dochtermaatschappij kunnen worden ingelopen, staat het een concern vrij om (binnen de kaders van de wet) andere winstgevende activiteiten in de entiteit te ontplooien.

 

Berekening liquidatieverlies

Voor het te verrekenen liquidatieverlies wordt in de eerste plaats aansluiting gezocht bij het voor de deelneming opgeofferde bedrag. Dit bedrag is na aftrek van het totaal van liquidatie-uitkeringen grosso modo het bedrag waarvoor door het concern een verlies is geleden. Het is mogelijk dat de dochtermaatschappij meer verliezen heeft, maar deze kunnen bijvoorbeeld ook uit interne leenverhoudingen voortvloeien. Indien deze onbetaald blijven zullen de crediteuren van de dochtermaatschappij dit verlies in beginsel fiscaal in aanmerking kunnen nemen. Er is dan geen reden om dit verlies ook bij de moedermaatschappij (nogmaals) in aanmerking te nemen. Ten tweede is aansluiting gezocht bij het door de belastingplichtige voor de deelneming opgeofferde bedrag omdat het aansluiten bij de daadwerkelijk geleden verliezen van de dochtermaatschappij praktische bezwaren oplevert. Als wordt aangesloten bij de daadwerkelijk geleden verliezen van de dochtermaatschappij worden mogelijk verliezen overgenomen uit het buitenland die, indien de dochtermaatschappij in Nederland was gevestigd, nooit in aanmerking zouden worden genomen. Op grond van het bovenstaande ziet de staatssecretaris geen aanleiding de liquidatieverliesregeling op dit punt aan te passen.

 

Verliesneming zonder liquidatie

Bij de vormgeving van de liquidatieverliesregeling is gekozen voor een robuuste regeling waarbij een van de uitgangspunten is dat voorkomen moet worden dat een belastingplichtige naar eigen invulling kan bepalen wanneer en op welk niveau het nemen van een fiscaal (liquidatie)verlies gewenst is, terwijl er materieel niets verandert. Het strookt volgens Wiebes niet met dit uitgangspunt om een prorata benadering toe te staan dan wel verliesneming zonder liquidatie mogelijk te maken.

 

Geen herziening liquidatieverliesregeling

De liquidatieverliesregeling is een tegemoetkoming voor belastingplichtigen in deelnemingssituaties die bij liquidatie van de deelneming een verlies op die deelneming hebben geleden. Bij de totstandkoming van de regeling is een afweging gemaakt tussen enerzijds het in aanmerking nemen van een door een belastingplichtige reëel geleden verlies en anderzijds eenvoud, uitvoerbaarheid en het voorkomen van misbruik. Een verdere verruiming van de tegemoetkoming zou niet alleen tot een budgettaire derving leiden, maar zet ook de deur open voor mogelijk misbruik en het dubbel in aanmerking nemen van verliezen. Ik zie dan ook onvoldoende aanleiding de huidige liquidatieverliesregeling op dit punt te herzien.

Meer informatie: Beantwoording Kamervragen over liquidatieverliesregeling

Filed Under: Fiscaal nieuws, Nieuws, Vpb & Div.bel

Reageer
Vorige artikel
Verrekening Vpb buitenlandse dochters onmogelijk
Volgende artikel
Betaling aan loterij geen aftrekbare gift

Reader Interactions

Gerelateerde berichten

kapitaalverlies

Hardheidsclausule bij verliesverrekening fiscale eenheid

De staatssecretaris keurt goed dat verliezen van een fiscale eenheid onder voorwaarden worden meegegeven aan een dochtermaatschappij. Dit gebeurt via analoge toepassing van bestaand hardheidsclausulebeleid bij verliesverdamping door liquidatie van de moedermaatschappij.

rente Vpb

Certificering arrest Hoge Raad belastingrente Vpb

Staatssecretaris Eerenberg informeert de Eerste en Tweede Kamer over de certificering van het arrest van de Hoge Raad over het belastingrentepercentage van de vennootschapsbelasting en enkele andere belastingen. De Hoge Raad heeft geoordeeld dat het hogere percentage voor de Vpb in strijd is met het evenredigheids- en het gelijkheidsbeginsel. Dit betekent dat het moet worden... lees verder

btw-aangifte

Nieuwe release notes IHZ VPB-aangifte 2025 gepubliceerd

De Belastingdienst heeft onlangs een nieuwe versie van de Release Notes Inkomstenheffing Zorg (IHZ) – Aangifte Vennootschapsbelasting 2025 gepubliceerd. Hierin zijn geactualiseerde bedragen opgenomen waarmee rekening moet worden gehouden. De release bevat diverse updates in de aangiftesoftware voor de vennootschapsbelasting. Daarnaast is het memo Box 3: werkelijk rendement – waardering onroerende zaken buiten Nederland (30... lees verder

doorschuiffaciliteit open cv

Geen verplichte clusterbenadering bij verliesverrekening

De inspecteur mag bij verliesverrekening binnen een fiscale eenheid geen dwingende clusterbenadering toepassen. Voorvoegingsverliezen mogen worden verrekend met afzonderlijk bepaalde winsten van maatschappijen.

dividendstripping

Ten onrechte ingehouden dividendbelasting moet toch worden afgedragen

Hof Arnhem-Leeuwarden oordeelt dat ingehouden dividendbelasting moet worden afgedragen, ook als achteraf blijkt dat inhouding materieel niet verschuldigd was. Een kunstmatige structuur leidt bovendien tot een forse vergrijpboete.

Geef een reactie Reactie annuleren

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Primary Sidebar

Opleidingen

PE-Pitstop Emigratie van de aanmerkelijk belanghouder

Online cursus Wet Fiscaal Kwalificatiebeleid Rechtsvormen (incl. aanpassing FGR)

Online cursus Vennootschapsbelastingplicht stichtingen & verenigingen

Masterclass Fiscale aspecten fusies & overnames

Online cursus afwaarderen & kwijtschelden van vorderingen

AGENDA

Specialisatieopleiding Estate Planning

Basiscursus Estate planning

Masterclass Actualiteiten vermogensstructurering 2026

Masterclass Box 3 – Forfaitair stelsel met een Tegenbewijsregeling en de toekomst na 2028

Stoomcursus Vastgoedrekenen en -financieren

Masterclass verantwoord adviseren: Ethiek als kompas in de fiscaliteit

Masterclass Overdrachtsbelasting

Verdiepingscursus Afwikkeling van nalatenschappen

Verdiepingscursus Tweetrapsmakingen opzetten en afwikkelen

Specialisatieopleiding Vermogensstructurering

Meer opleidingen

Footer

  • Fiscaal nieuws
  • Opleidingen
  • Kennisbank
  • Vacatures
  • Over ons
  • Adverteren op Taxence
  • NDFR
  • JES! (ESG producten)
  • Fiscaal en meer
  • Tax Talks
  • Register Estate Planners (REP)
  • Contact
  • Linkedin
  • X
  • Facebook
  • Aanmelden nieuwsbrief
  • Naar Lefebvre Sdu Webshop

Taxence is een uitgave van
Lefebvre Sdu
Maanweg 174
2516 AB Den Haag

Powered by Lefebvre Sdu

  • Disclaimer
  • Privacy Statement en Cookiebeleid
lefebvre SDU

Het laatste nieuws van
Taxence in je mail?

×