• Skip to primary navigation
  • Skip to main content
  • Skip to primary sidebar
  • Skip to footer
  • Nieuwsbrief
  • Contact

Taxence

Taxence

  • Nieuws & achtergrond
    • Nieuws
    • Branchenieuws
    • Blogs
    • Verdieping
  • Thema’s
    • AI & Tax Technology
    • Arbeid & Loon
    • Belastingplan
    • BTW & Overdrachtsbelasting
    • BV & DGA
    • Duurzaamheid (ESG & CSRD)
    • Estate planning
    • Alle thema’s
  • Opleidingen
    • AI & Tax Tech
    • ESG & CSRD
    • Estate Planning
    • BTW
    • Vastgoed
    • Internationaal
    • Arbeid & Loon
    • Formeel
    • Familiebedrijven
    • VPB
    • Pensioen
  • Carrière
    • Personalia
    • Vacatures
    • Vacature toevoegen
    • Partners
  • Vakinformatie
    • NDFR
    • Addify
    • JES! Knowledge
    • Fiscaal en meer
    • Tax talks
    • Vakblad Estate Planning
    • Specials
  • Kennisbank

Geen afroommethode bij bv met verschillende werknemers

13 november 2012 door Remco Latour

In bepaalde gevallen mag de Belastingdienst het gebruikelijk loon voor een directeur-grootaandeelhouder (dga) berekenen volgens de afroommethode. De Hoge Raad heeft twee uitspraken gedaan waarin het gebruik van de afroommethode werd afgewezen. Deze methode is namelijk niet geschikt als het gaat om dga’s van praktijkvennootschappen of van bv’s waarin ook andere werknemers dan de dga werken.

Fictief loon

Om te voorkomen dat een dga de loonheffingen geheel of gedeeltelijk kan ontlopen door zichzelf geen of een te laag loon toe te kennen, heeft de wetgever de gebruikelijkloonregeling ingevoerd. Bij deze regeling kan de Belastingdienst onder voorwaarden het fiscale loon van de dga zetten op een fictief bedrag. Daarbij geldt een absoluut minimum van € 42.000 (bedrag 2012) of het loon dat gebruikelijk is in situaties waarin aanmerkelijk belang geen rol speelt. Voor andere grenzen aan het fictieve loon zie: ‘Bij vergelijking gebruikelijk loon tellen ook andere beloningen mee’.

 

Afroommethode

Naast de wettelijke regels over het gebruikelijk loon is in de rechtspraak de afroommethode ontwikkeld. De afroommethode houdt in dat de fiscus de opbrengsten van de bv eerst afroomt met de kosten en lasten van de bv inclusief afschrijvingen maar exclusief een eventueel aan de dga toegekend loon. Wat overblijft, vormt dan de basis voor het fictieve loon. Als de inspecteur de afroommethode toepast, moet hij vervolgens de winst na afroming van kosten nog eens vermenigvuldigen met 70% om op het fictieve fiscale loon te komen. Het fiscale loon mag immers 30% afwijken van het loon dat gebruikelijk is in het economische verkeer.

 

Managementfee

De Belastingdienst mag de afroommethode toepassen als de bv haar winst voor 90% of meer behaalt uit persoonlijke werkzaamheden van de dga. Wie als dga zowel werkzaamheden voor zijn holding als voor zijn werkmaatschappij verricht, moet er daarom ervoor zorgen dat zijn loon bij de holding in ‘goede’ verhouding staat tot de managementfee die de werkmaatschappij aan de holding betaalt. Liggen de bedragen te ver uiteen, dan kan dit voor de fiscus aanleiding zijn om de hoogte van het gebruikelijk loon te corrigeren.

 

Praktijkvennootschappen

De inspecteur wil de afroommethode soms ook toepassen op praktijkvennootschappen. Sommige beroepsroepen, bijvoorbeeld advocaten, kunnen via hun eigen praktijkvennootschap deelnemen aan een samenwerkingsverband met andere advocaten. Inmiddels is uit de rechtspraak (Hoge Raad, 9 november 2012, LJN: BW4167) gebleken dat de afroommethode in dat geval in beginsel niet is toegestaan. Het resultaat van het samenwerkingsverband zal in dat geval meestal niet voor minstens 90% voortvloeien uit de werkzaamheden van één dga van een praktijkvennootschap. De andere leden van het samenwerkingsverband zullen immers ook verantwoordelijk zijn voor het behaalde resultaat.

 

Meer dan één werknemer

De afroommethode is in principe evenmin toegestaan voor de berekening van het fictieve loon van een dga als in zijn bv ook andere werknemers werken. Dit was bijvoorbeeld het geval bij een bv die een orthodontistenpraktijk uitoefende. Alle aandelen waren in handen van de orthodontist en haar echtgenoot. Maar behalve de vrouw werkten ook twee tandartsassistentes, drie mondhygiënisten, twee verpleegkundigen en een werkster voor de bv. Volgens de Hoge Raad was het daardoor niet aannemelijk dat minstens 90% van de opbrengsten van de bv voortkwamen uit de werkzaamheden van de dga. De Belastingdienst mocht de afroommethode daarom niet toepassen.

 

Wet: artikel 12a LB 1964

Meer informatie: Hoge Raad, 9 november 2012, LJN: BW4756

Filed Under: Arbeid & loon, BV & DGA, Nieuws, Verdieping

Reageer
Vorige artikel
Stemmingen Tweede Kamer over Belastingplan 2013 uitgesteld
Volgende artikel
Tot 31 december terugkomen op verruimde carry-back VpB

Reader Interactions

Gerelateerde berichten

Belastingrente Vpb fors teruggeschroefd, maar blijft pijnpunt

De Hoge Raad schaft de 8%‑belastingrente in de VPB af. Dit heeft grote gevolgen voor massaal bezwaar, toekomstige rentepercentages en box 3‑compensatie.

taxi Uber

Uber-chauffeurs geen werknemers door zwaarwegend ondernemerschap

Gerechtshof Amsterdam oordeelt dat Uber-chauffeurs in deze procedure geen arbeidsovereenkomst hebben. Hun sterke ondernemerschap weegt zwaarder dan aanwijzingen voor werknemerschap, waardoor de cao Taxivervoer niet van toepassing is.

loon tijdens ziekte

Documenten openbaar over cassatie uitspraak arbeidskorting

Er zijn documenten openbaar gemaakt betreffende de uitspraak van het Gerechtshof over arbeidskorting en de besluitvorming cassatie in te stellen. Specifiek tijdens de periode van 1 januari 2022 tot en met 30 november 2025.

arbeidsrecht

2e uitgave bijlage Nieuwsbrief Loonheffingen 2026

De Belastingdienst heeft een tweede, aangepaste uitgave gepubliceerd van de bijlage met tarieven, bedragen en percentages loonheffingen per 1 januari 2026. In deze versie zijn enkele fouten hersteld en is een extra toelichting toegevoegd.

dga-salaris

Standpunt voorwaarden doorbetaaldloonregeling in AB-verhoudingen

De Kennisgroep loonheffing algemeen heeft een standpunt ingenomen over de voorwaarden waaronder de doorbetaaldloonregeling in aanmerkelijk belang-verhoudingen mag worden toegepast. Het standpunt KG:204:2022:6 wordt hierbij ingetrokken.

Geef een reactie Reactie annuleren

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Primary Sidebar

Opleidingen

Masterclass Management- en werknemersparticipatie

Webinar zzp dossier, wanneer is er wel of niet sprake van schijnzelfstandigheid?

Masterclass Management- en werknemersparticipatie

Online cursus Gebruikelijk loon 2026

Verdiepingscursus Internationale aspecten loonheffing

Opleidingen

Masterclass Inbreng in en terugkeer uit de BV

Verdiepingscursus DGA-advisering

PE-Pitstop Emigratie van de aanmerkelijk belanghouder

Online cursus Staken van de onderneming: (turbo)liquidatie, WHOA liquidatie akkoord

AGENDA

Online cursus afwaarderen & kwijtschelden van vorderingen

Masterclass Management- en werknemersparticipatie

Masterclass Btw-processen in SAP S/4HANA

Online cursus Afwikkeling van overnameregelingen in firmacontract en statuten

Masterclass Actualiteiten vermogensstructurering 2026

Verdiepende AI training voor de fiscale praktijk

Cursus AI-Implementatie – Organiseren van AI-geletterdheid

Masterclass Het ideale testament – Bestaat dat echt?

Online cursus Digitale nalatenschap in de praktijk: regelen én afwikkelen

Specialisatieopleiding btw en internationaal zakendoen

Meer opleidingen

Footer

  • Fiscaal nieuws
  • Opleidingen
  • Kennisbank
  • Vacatures
  • Over ons
  • Adverteren op Taxence
  • NDFR
  • JES! (ESG producten)
  • Fiscaal en meer
  • Addify
  • Tax Talks
  • Register Estate Planners (REP)
  • Contact
  • Linkedin
  • X
  • Facebook
  • Aanmelden nieuwsbrief
  • Naar Lefebvre Sdu Webshop

Taxence is een uitgave van
Lefebvre Sdu
Maanweg 174
2516 AB Den Haag

Powered by Lefebvre Sdu

  • Disclaimer
  • Privacy Statement en Cookiebeleid
lefebvre SDU

Het laatste nieuws van
Taxence in je mail?

×