• Skip to primary navigation
  • Skip to main content
  • Skip to primary sidebar
  • Skip to footer
  • Nieuwsbrief
  • Contact

Taxence

Taxence

  • Nieuws & achtergrond
    • Nieuws
    • Branchenieuws
    • Blogs
    • Verdieping
  • Thema’s
    • AI & Tax Technology
    • Arbeid & Loon
    • Belastingplan
    • BTW
    • BV & DGA
    • Duurzaamheid (ESG & CSRD)
    • Estate planning
    • Alle thema’s
  • Opleidingen
    • AI & Tax Tech
    • ESG & CSRD
    • Estate Planning
    • BTW
    • Vastgoed
    • Internationaal
    • Arbeid & Loon
    • Formeel
    • Familiebedrijven
    • VPB
    • Pensioen
  • Belastingplan
  • Carrière
    • Personalia
    • Vacatures
    • Vacature toevoegen
    • Partners
  • Vakinformatie
    • NDFR
    • Addify
    • JES! Knowledge
    • Fiscaal en meer
    • Tax talks
    • Vakblad Estate Planning
    • Specials
  • Kennisbank

Geen bottom-up kapitalisatiefactor bij voldoende marktdata

22 april 2015 door Remco Latour

Bij de WOZ-waardering kan men de kapitalisatiefactor vaststellen aan de hand van de bottom-up methode. Deze methode is echter niet toegestaan als er genoeg marktgegevens beschikbaar zijn.

Heffingsambtenaren kunnen niet-woningen waarderen door middel van een kapitalisatiemethode. Deze methode kent enkele varianten, waaronder de zogeheten bottom-up methode, die ook is opgenomen in de Landelijke set taxatiewijzers voor waardepeildatum 1 januari 2014, deel 3. Bij deze methode wordt de bruto kapitalisatiefactor berekend vanuit het netto aanvangsrendement, de exploitatiekosten en de kosten voor koper. In een zaak voor Rechtbank Oost-Brabant bepleitte een bv deze methode. Zij bezat diverse bedrijfsobjecten in een bedrijfsverzamelgebouw. De rechtbank wees de door de bv voorgestelde methode af, evenals de stelling dat de objecten in hun totaal moesten worden gewaardeerd. Het ging hier om onroerende zaken die volgens de WOZ afgebakend waren. Verder beschikte de heffingsambtenaar over voldoende marktgegevens. Het hanteren van marktgegevens geniet de voorkeur boven toepassing van de bottom-up methode. De heffingsambtenaar was in de beroepsfase al tot een lagere waardering gekomen, maar hoefde deze niet verder te verminderen.

 

Wet: artikel 20, tweede lid Wet WOZ

Regeling: artikel 4, eerste lid, onderdeel b Uitv.reg. instructie waardebepaling Wet WOZ

Meer informatie: Rechtbank Oost-Brabant, 9 april 2015 (gepubliceerd 17 april 2014), ECLI:NL:RBOBR:2015:2029

Filed Under: Fiscaal nieuws, Heffing lagere overheden, Nieuws

Reageer
Vorige artikel
Tijd voor wraking hoort bij overschrijding redelijke termijn
Volgende artikel
Overzicht status belastingverdragen 23 ontwikkelingslanden

Reader Interactions

Gerelateerde berichten

waardering woning successiewet

Onjuiste waarderingsmethode leidt tot lagere WOZ-waarden

Rechtbank Zeeland-West-Brabant oordeelt dat de heffingsambtenaar de WOZ-waarden van een woning niet mag onderbouwen met alleen een geïndexeerde eerdere waarde en een afschrijvingscorrectie. Voor woningen moet de waarde worden bepaald met de vergelijkingsmethode.

Wet betaalbare huur

Recreatiewoning van bv leidt tot forensenbelasting bij dga

Gerechtshof 's-Hertogenbosch oordeelt dat een dga forensenbelasting is verschuldigd voor een gemeubileerde recreatiewoning van zijn bv. Dat hij de woning nauwelijks gebruikt en deze volgens hem moeilijk verhuurbaar is, maakt dat niet anders.

dwanginvordering schulden

Onderzoek: hogere vermogensgrens kwijtschelding lokale belastingen heeft beperkt effect op schulden

Een hogere vermogensgrens zorgt ervoor dat aanzienlijk meer huishoudens een financiële buffer kunnen behouden én kwijtschelding kunnen krijgen. Tegelijkertijd zijn er weinig aanwijzingen dat deze maatregel op zichzelf leidt tot substantiële besparingen op schuldhulpverlening of armoedebeleid. Het onderzoek naar de vermogensnormen voor kwijtschelding van lokale belastingen laat zien dat een volledige gelijktrekking met de vermogensgrenzen... lees verder

ovb bij appartement in kantoorgebouw

Startfee voorkomt no cure no pay-model niet bij WOZ-zaken

Rechtbank Den Haag oordeelt dat de startfee en besparingsfee van het kantoor niet wegnemen dat het op basis van no cure no pay werkt. De korting op de proceskostenvergoeding van art. 30a Wet WOZ blijft daarom gelden.

Hoge Raad

Schending toezendplicht Wet WOZ leidt in beginsel tot proceskostenvergoeding

De Hoge Raad oordeelt dat schending van de toezendplicht in de Wet WOZ in beginsel leidt tot een proceskostenvergoeding. Dat de belastingplichtige ook zonder die schending zou hebben geprocedeerd, maakt dat niet anders.

Geef een reactie Reactie annuleren

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Primary Sidebar

AGENDA

Online cursus introductie participatieregelingen en lucratieve belangen | PE Accreditatie

Masterclass Management- en werknemersparticipatie | PE Accreditatie

Verdiepingscursus Internationale estate planning | PE Accreditatie

Specialisatieopleiding Erfrecht | PE Accreditatie

Masterclass Vastgoedfiscaliteiten | PE Accreditatie

Stoomcursus Vastgoedrekenen en -financieren | PE Accreditatie

Online cursus Wet Fiscaal Kwalificatiebeleid Rechtsvormen (incl. aanpassing FGR) | PE Accreditatie

Online cursus De positie van de samenwoner in de inkomstenbelasting, relatievermogensrecht en vermogensplanning – Civiel en fiscaal | PE Accreditatie

Online cursus Technisch aanmerkelijk belang | PE Accreditatie

Masterclass verantwoord adviseren: Ethiek als kompas in de fiscaliteit | PE Accreditatie

Meer opleidingen

Footer

  • Fiscaal nieuws
  • Opleidingen
  • Kennisbank
  • Vacatures
  • Over ons
  • Adverteren op Taxence
  • NDFR
  • Fiscaal en meer
  • Tax Talks
  • Register Estate Planners (REP)
  • Contact
  • Linkedin
  • X
  • Facebook
  • Aanmelden nieuwsbrief
  • Naar Lefebvre Sdu Webshop

Taxence is een uitgave van
Lefebvre Sdu
Maanweg 174
2516 AB Den Haag

Powered by Lefebvre Sdu

  • Disclaimer
  • Privacy Statement en Cookiebeleid
lefebvre SDU

Het laatste nieuws van
Taxence in je mail?

Aanmelden

 

×