• Skip to primary navigation
  • Skip to main content
  • Skip to primary sidebar
  • Skip to footer
  • Nieuwsbrief
  • Contact

Taxence

Taxence

  • Nieuws & achtergrond
    • Nieuws
    • Branchenieuws
    • Blogs
    • Verdieping
  • Thema’s
    • AI & Tax Technology
    • Arbeid & Loon
    • Belastingplan
    • BTW & Overdrachtsbelasting
    • BV & DGA
    • Duurzaamheid (ESG & CSRD)
    • Estate planning
    • Alle thema’s
  • Opleidingen
    • AI & Tax Tech
    • ESG & CSRD
    • Estate Planning
    • BTW
    • Vastgoed
    • Internationaal
    • Arbeid & Loon
    • Formeel
    • Familiebedrijven
    • VPB
    • Pensioen
  • Belastingplan
  • Carrière
    • Personalia
    • Vacatures
    • Vacature toevoegen
    • Partners
  • Vakinformatie
    • NDFR
    • Addify
    • JES! Knowledge
    • Fiscaal en meer
    • Tax talks
    • Vakblad Estate Planning
    • Specials
  • Kennisbank

Geschonken of verkocht? ‘Ik weet het niet meer’

25 februari 2016 door Marieke Jansen

Ondanks dat kunst was verkocht die eerder aan de vermeende schenker toebehoorde, was volgens de rechtbank een bevoordelingsbedoeling niet aannemelijk.

In 2010 en 2012 verkocht een dame een drietal schilderijen uit haar privé collectie, zo bleek uit de facturen. Volgens een verklaring van de echtgenoot waren deze voor het jaar 2000 aan de echtgenote geschonken of verkocht (‘ik weet dat niet meer exact’), toen hij in Engeland woonde. Tot en met het jaar 2003 resp. 2006 heeft hij de schilderijen echter nog laten taxeren ten behoeve van verzekeringen. Voor de belastinginspecteur voldoende reden om aanslagen voor schenking aan de echtgenote op te leggen naar een totale verkrijging van € 585.000. Gegeven de omstandigheden was de rechtbank het met de inspecteur eens dat de verklaring van de echtgenoot niet geloofwaardig was. De ter zitting gedane verklaring door de echtgenote hield de rechtbank echter wel voor waar. Zo gaf zij aan dat zij de schilderijen had verkocht, omdat haar man dit zelf niet kon vanwege zijn betrokkenheid bij een strafzaak. De behaalde opbrengst zou niet ten goede zijn gekomen aan haarzelf maar aan haar echtgenoot, hetgeen ook uit de stukken bleek. Dat op de verkoopfacturen stond vermeld dat de schilderijen uit de privé collectie van de dame kwamen, kon de inspecteur niet redden. De rechtbank achtte een bevoordelingsbedoeling van de man ten gunste van zijn echtgenote niet aannemelijk en vernietigde de opgelegde aanslagen.

Wet: artikel 1 Successiewet en artikelen 3:2 en 4:17 Awb

Meer informatie: Rechtbank Den Haag, 11 december 2015 (gepubliceerd 22 februari 2016), ECLI:NL:RBDHA:2015:14666

Filed Under: Estate Planning, Fiscaal nieuws, Nieuws

Reageer
Vorige artikel
Vierde onvoldoende voor Belastingtelefoon
Volgende artikel
Nieuwsbrief Loonheffingen 2016 - 3e uitgave

Reader Interactions

Gerelateerde berichten

nieuwe pensioenwet; transitie

Box 3 van jou of box 3 van mij?

In welke gevallen mogen fiscale partners de verdeling van hun gezamenlijke grondslag sparen en beleggen (box 3) nog wijzigen?

belastingrente

Ongespecificeerde rente eerst naar oudste schuldigerkenning

Hof Arnhem-Leeuwarden oordeelt dat bij meerdere schuldigerkenningen een niet-gespecificeerde rentebetaling eerst aan de oudste schuld moet worden toegerekend. Omdat daardoor over de tweede schuldigerkenning niet tijdig en volledig rente is betaald, is art. 10 SW daarop van toepassing.

Economisch belang in onverdeelde aandelen vormt aanmerkelijk belang

Hof Arnhem-Leeuwarden oordeelt dat een erfgenaam door haar economische belang in onverdeelde aandelen een aanmerkelijk belang heeft. Dat de aandelen niet op haar naam staan en tot een gemeenschap van vier erfgenamen behoren, maakt dit niet anders.

box 3 rendement

Heffingvrij vermogen verlaagt werkelijk rendement box 3 niet

Hof Arnhem-Leeuwarden oordeelt dat bij box 3-rechtsherstel over het werkelijke rendement geen rekening wordt gehouden met het heffingvrije vermogen. De inspecteur heeft wel de hoorplicht geschonden.

waardering woning successiewet

Kapitalisatiefactor geldt ook bij tijdelijk vruchtgebruik

Rechtbank Noord-Holland oordeelt dat de kapitalisatiefactor uit het Uitvoeringsbesluit Successiewet ook geldt voor een vruchtgebruik dat na uiterlijk één jaar eindigt. Toch wordt het beroep van de zoon gegrond verklaard, omdat de inspecteur tijdens de procedure alsnog rekening houdt met eigenaarslasten.

Geef een reactie Reactie annuleren

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Primary Sidebar

Opleidingen

Stoomcursus Estate planning praktisch ingezet

Online cursus Samenhang testament, statuten & aandeelhoudersovereenkomst bij bedrijfsopvolging

Verdiepingscursus Afwikkeling van nalatenschappen

Verdiepingscursus Aangifte erfbelasting

Online cursus De positie van het kind in het erfrecht en estate planning – Civiel en fiscaal

AGENDA

Stoomcursus Erfrecht – Civiel en fiscaal – Het hele erfrecht in één dag!  | PE Accreditatie

Basiscursus Estate planning | PE Accreditatie

Specialisatieopleiding Vermogensstructurering

Specialisatieopleiding Estate Planning | PE Accreditatie

Webinar Fiscale wijzigingen 2027 | PE Accreditatie

Online cursus Btw-aangifte | PE Accreditatie

Online cursus Staken van de onderneming: (turbo)liquidatie, WHOA liquidatie akkoord | PE Accreditatie

Masterclass Overdrachtsbelasting | PE Accreditatie

Online Basistraining AI voor de fiscale praktijk

Online cursus Technisch aanmerkelijk belang | PE Accreditatie

Meer opleidingen

Footer

  • Fiscaal nieuws
  • Opleidingen
  • Kennisbank
  • Vacatures
  • Over ons
  • Adverteren op Taxence
  • NDFR
  • JES! (ESG producten)
  • Fiscaal en meer
  • Tax Talks
  • Register Estate Planners (REP)
  • Contact
  • Linkedin
  • X
  • Facebook
  • Aanmelden nieuwsbrief
  • Naar Lefebvre Sdu Webshop

Taxence is een uitgave van
Lefebvre Sdu
Maanweg 174
2516 AB Den Haag

Powered by Lefebvre Sdu

  • Disclaimer
  • Privacy Statement en Cookiebeleid
lefebvre SDU

Het laatste nieuws van
Taxence in je mail?

Aanmelden

 

×