• Skip to primary navigation
  • Skip to main content
  • Skip to primary sidebar
  • Skip to footer
  • Nieuwsbrief
  • Contact

Taxence

Taxence

  • Nieuws & achtergrond
    • Nieuws
    • Branchenieuws
    • Blogs
    • Verdieping
  • Thema’s
    • AI & Tax Technology
    • Arbeid & Loon
    • Belastingplan
    • BTW & Overdrachtsbelasting
    • BV & DGA
    • Duurzaamheid (ESG & CSRD)
    • Estate planning
    • Alle thema’s
  • Opleidingen
    • AI & Tax Tech
    • ESG & CSRD
    • Estate Planning
    • BTW
    • Vastgoed
    • Internationaal
    • Arbeid & Loon
    • Formeel
    • Familiebedrijven
    • VPB
    • Pensioen
  • Belastingplan
  • Carrière
    • Personalia
    • Vacatures
    • Vacature toevoegen
    • Partners
  • Vakinformatie
    • NDFR
    • Addify
    • JES! Knowledge
    • Fiscaal en meer
    • Tax talks
    • Vakblad Estate Planning
    • Specials
  • Kennisbank

Handelaar watersportartikelen is ondernemer

14 februari 2014 door Marieke Jansen

Voor een jetskidealer die geen administratie bijhield en aangifte van de winst deed, gold omkering en verzwaring van de bewijslast. Vage dan wel tegenstrijdige verklaringen van getuigen zetten dan geen zoden aan de dijk.

Zo bleek in een zaak die een handelaar van watervoertuigen aanspande tegen de fiscus. Uit een boekenonderzoek in 2005 bleek dat door tussenkomst van de handelaar in het jaar 2000 meer dan 100 jetski’s tegen contante betaling aan particulieren waren verkocht. Over de periode tot 1 februari 2002 had hij geen administratie gevoerd of stukken bewaard. Ter zake van de verkoop van de waterscooters en toebehoren in 2000 was de man naar zijn eigen mening geen ondernemer en genoot hij geen winst uit onderneming in de zin van de Wet IB 1964. Hof ‘s-Hertogenbosch kwam tot de conclusie dat de man zelf grote aantallen waterscooters verkocht, ze gebruiksklaar maakte, de fabrieksgarantie regelde en ze afleverde aan de klanten. De werkzaamheden van de handelaar waren daarom aan te merken als het met een organisatie van kapitaal en arbeid deelnemen aan het economische verkeer met het oogmerk winst te behalen. De man had de facto als dealer gefunctioneerd in jaren 2000 en 2001. Dat het dealerschap pas officieel werd bij inschrijving in de kamer van koophandel in februari 2002, maakt dit niet anders. Volgens het hof had de inspecteur terecht en op redelijke wijze de winst van de activiteiten berekend voor de inkomsten- en omzetbelasting.

Wet: artikel 6 en 7 Wet IB1964, artikel 52 AWR

Meer informatie: Gerechtshof ‘s-Hertogenbosch, 12 december 2013 (gepubliceerd op 31 december 2013), ECLI:NL:GHSHE:2013:6022

Filed Under: Fiscaal nieuws, IB-ondernemer, Nieuws

Reageer
Vorige artikel
Weigeren partnervrijstelling in strijd met EU-recht
Volgende artikel
Heffing over vrijvalwinst geen belemmering kapitaalverkeer

Reader Interactions

Gerelateerde berichten

Telemarketingwerk telt niet mee voor het urencriterium

Hof Arnhem-Leeuwarden oordeelt dat telemarketingactiviteiten onvoldoende samenhangen met de bouw- en schilderwerkzaamheden van een ondernemer om tot dezelfde onderneming te behoren. De telemarketingactiviteiten vormen ook zelfstandig geen onderneming, waardoor de gewerkte uren niet meetellen voor het urencriterium.

herinvesteringsreserve

Agrarische activiteiten blijven bron van inkomen ondanks verliezen

Hof ’s-Hertogenbosch oordeelt dat de agrarische activiteiten van een vof in 2019 en 2020 nog steeds een bron van inkomen vormen. De inspecteur maakt niet aannemelijk dat een objectieve voordeelsverwachting ontbreekt.

verlies ondernemer

Correctie box 3-vermogen wegens overtollige liquiditeiten in eenmanszaak

Rechtbank Den Haag oordeelt dat de inspecteur het box 3-vermogen van de man terecht heeft gecorrigeerd wegens duurzaam overtollige liquiditeiten in zijn eenmanszaak. Slechts €165.000 van de bank- en spaartegoeden geldt als werkkapitaal; het restant is overtollig en valt in box 3.

belangen aandelen

Standpunt bijgeschreven vergoeding cumulatief preferente aandelen en financieringstoets lucratief belang

De kennisgroep ROW heeft de vraag beantwoord of de bijgeschreven vergoeding op de cumulatief preferente aandelen meetelt voor de financieringstoets van artikel 3.92b, vierde lid, Wet IB 2001.

verbouwing huis

Verbouwing van vier panden kwalificeert als box 1-winst

Rechtbank Den Haag oordeelt per pand of sprake is van meer dan normaal vermogensbeheer. Voor vier van de zeven panden is dat het geval, waardoor de resultaten daaruit terecht als winst uit onderneming in box 1 zijn belast.

Geef een reactie Reactie annuleren

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Primary Sidebar

Opleidingen

AGENDA

Stoomcursus Erfrecht – Civiel en fiscaal – Het hele erfrecht in één dag!  | PE Accreditatie

Basiscursus Estate planning | PE Accreditatie

Specialisatieopleiding Vermogensstructurering

Specialisatieopleiding Estate Planning | PE Accreditatie

Webinar Fiscale wijzigingen 2027 | PE Accreditatie

Online cursus Btw-aangifte | PE Accreditatie

Online cursus Staken van de onderneming: (turbo)liquidatie, WHOA liquidatie akkoord | PE Accreditatie

Masterclass Overdrachtsbelasting | PE Accreditatie

Online Basistraining AI voor de fiscale praktijk

Online cursus Technisch aanmerkelijk belang | PE Accreditatie

Meer opleidingen

Footer

  • Fiscaal nieuws
  • Opleidingen
  • Kennisbank
  • Vacatures
  • Over ons
  • Adverteren op Taxence
  • NDFR
  • JES! (ESG producten)
  • Fiscaal en meer
  • Tax Talks
  • Register Estate Planners (REP)
  • Contact
  • Linkedin
  • X
  • Facebook
  • Aanmelden nieuwsbrief
  • Naar Lefebvre Sdu Webshop

Taxence is een uitgave van
Lefebvre Sdu
Maanweg 174
2516 AB Den Haag

Powered by Lefebvre Sdu

  • Disclaimer
  • Privacy Statement en Cookiebeleid
lefebvre SDU

Het laatste nieuws van
Taxence in je mail?

Aanmelden

 

×