• Skip to primary navigation
  • Skip to main content
  • Skip to primary sidebar
  • Skip to footer
  • Nieuwsbrief
  • Contact

Taxence

Taxence

  • Nieuws & achtergrond
    • Nieuws
    • Branchenieuws
    • Blogs
    • Verdieping
  • Thema’s
    • AI & Tax Technology
    • Arbeid & Loon
    • Belastingplan
    • BTW & Overdrachtsbelasting
    • BV & DGA
    • Duurzaamheid (ESG & CSRD)
    • Estate planning
    • Alle thema’s
  • Opleidingen
    • AI & Tax Tech
    • ESG & CSRD
    • Estate Planning
    • BTW
    • Vastgoed
    • Internationaal
    • Arbeid & Loon
    • Formeel
    • Familiebedrijven
    • VPB
    • Pensioen
  • Carrière
    • Personalia
    • Vacatures
    • Vacature toevoegen
    • Partners
  • Vakinformatie
    • NDFR
    • Addify
    • JES! Knowledge
    • Fiscaal en meer
    • Tax talks
    • Vakblad Estate Planning
    • Specials
  • Kennisbank

Is grond voor aanleg van golfbaan bouwterrein?

18 december 2014 door Marieke Jansen

Bij de beoordeling of afzonderlijk geleverde onbebouwde gronden als ‘bouwterreinen’ in de zin van de Wet OB moeten worden aangemerkt, is het volgens de Hoge Raad van belang te kijken naar wat de koper voor ogen had met de terreinen bij de levering.

In augustus 2006 waren percelen grond aangekocht met de bedoeling daarop een golfbaan aan te leggen. Voor de overdrachtsbelasting beriep de koper zich op vrijstelling, omdat de grond aangemerkt moest worden als ‘bouwterrein’ (in de zin van de Wet OB). De inspecteur kon zich hier echter niet in vinden en legde een naheffingsaanslag op voor de overdrachtsbelasting. Hof Den Haag was het met de koper eens dat er sprake was van bouwterrein. De Hoge Raad merkte op dat het hof er mogelijk vanuit was gegaan dat ook het clubhuis moest worden betrokken in de beoordeling of de percelen bouwterrein waren. Dan had wel vastgesteld moeten worden of de golfbaan enerzijds en het clubhuis anderzijds zich leenden voor zelfstandig gebruik. Als het hof zijn oordeel baseerde op de opvatting dat de golfbaan en het clubhuis zich niet leenden voor onafhankelijk gebruik, was dit oordeel volgens de Hoge Raad ten onrechte onvoldoende gemotiveerd. Als hof’s oordeel er vanuit ging dat het clubhuis en golfterrein wél zelfstandig te gebruiken waren, was haar conclusie dat de (aan de percelen) voorafgaande verrichte werkzaamheden waren verricht ‘met het oog op bebouwing van de grond’ onbegrijpelijk zonder motivering. Of er sprake was van bebouwing hangt ervan af of en in hoeverre de werkzaamheden ertoe hebben geleid dat op de percelen bouwwerken werden opgericht, eventueel met ‘erbij behorend terrein’. De Hoge Raad verwees het geding naar Hof Amsterdam voor verdere behandeling van de zaak.

Wet: artikel 11 lid 1 en 4 Wet OB, artikel 15, lid 1 sub a WBR

Meer informatie: Hoge Raad, 12 december 2014, ECLI:NL:HR:2014:3566

Filed Under: BTW & overdrachtsbelasting, Fiscaal nieuws, Nieuws

Reageer
Vorige artikel
Compensatie trage behandeling rechtbank door snelle uitspraak hof
Volgende artikel
Belastingplan 2015 aangenomen door Eerste Kamer

Reader Interactions

Gerelateerde berichten

fiscale regels landbouw

Standpunt kwalificatie bouwterrein

De Kennisgroep omzetbelasting heeft de vraag beantwoord of het voor de kwalificatie als bouwterrein noodzakelijk is dat het omgevingsplan bebouwing toestaat.

laadpaal bij woning

VEH vraagt oplossing voor dubbele btw op laadpalen bij VvE’s

Vereniging Eigen Huis (VEH) roept staatssecretaris Eerenberg op om een einde te maken aan de onbedoelde dubbele btw-heffing bij het opladen van elektrische auto's via laadpalen van verenigingen van eigenaars (VvE's).

Standpunt samenloopvrijstelling bij beherend vennoot CV

De Kennisgroep overdrachtsbelasting beantwoordt de vraag of de samenloopvrijstelling geldt bij de verkrijging van aandelen in een beherend vennoot van een CV met de (economische) eigendom van een bouwterrein.

schoonheidssalon

Standpunt medische vrijstelling (schoonheidsspecialiste)

De Kennisgroep omzetbelasting heeft de vraag beantwoord of bepaalde diensten van een schoonheidsspecialiste zijn vrijgesteld.

kamer-leeg opvang

Standpunt inbrengvrijstelling bij onroerende zaken die geen functie meer vervullen in onderneming

De Kennisgroep overdrachtsbelasting neemt een standpunt in over de inbreng van onroerende zaken die nog wel kwalificeren als ondernemingsvermogen voor de IH maar geen functie meer vervullen in de onderneming.

Geef een reactie Reactie annuleren

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Primary Sidebar

Opleidingen

Masterclass Btw-processen in SAP S/4HANA

Stoomcursus btw en internationaal zakendoen

Online cursus BTW, factuurvereisten en ViDA

Nationaal Btw Congres 2026

Masterclass Overdrachtsbelasting

AGENDA

Online cursus CV en bedrijfsopvolging

Online cursus Schenken en lenen in familieverband

Meerdaagse opleiding Vastgoedfiscaliteiten

Stoomcursus AI voor Fiscale professionals

Online cursus toepassing box 3 in de praktijk

Future Fit Professionals

Stoomcursus btw en internationaal zakendoen

Online cursus Immigrerende DGA’s: fiscale gevolgen en sociale zekerheid bij migratie naar Nederland

Online Basistraining AI voor de fiscale praktijk

Online cursus BTW, factuurvereisten en ViDA

Meer opleidingen

Footer

  • Fiscaal nieuws
  • Opleidingen
  • Kennisbank
  • Vacatures
  • Over ons
  • Adverteren op Taxence
  • NDFR
  • JES! (ESG producten)
  • Fiscaal en meer
  • Tax Talks
  • Register Estate Planners (REP)
  • Contact
  • Linkedin
  • X
  • Facebook
  • Aanmelden nieuwsbrief
  • Naar Lefebvre Sdu Webshop

Taxence is een uitgave van
Lefebvre Sdu
Maanweg 174
2516 AB Den Haag

Powered by Lefebvre Sdu

  • Disclaimer
  • Privacy Statement en Cookiebeleid
lefebvre SDU

Het laatste nieuws van
Taxence in je mail?

Aanmelden

 

×