• Skip to primary navigation
  • Skip to main content
  • Skip to primary sidebar
  • Skip to footer
  • Nieuwsbrief
  • Contact

Taxence

Taxence

  • Nieuws & achtergrond
    • Nieuws
    • Branchenieuws
    • Blogs
    • Verdieping
  • Thema’s
    • AI & Tax Technology
    • Arbeid & Loon
    • Belastingplan
    • BTW
    • BV & DGA
    • Duurzaamheid (ESG & CSRD)
    • Estate planning
    • Alle thema’s
  • Opleidingen
    • AI & Tax Tech
    • ESG & CSRD
    • Estate Planning
    • BTW
    • Vastgoed
    • Internationaal
    • Arbeid & Loon
    • Formeel
    • Familiebedrijven
    • VPB
    • Pensioen
  • Belastingplan
  • Carrière
    • Personalia
    • Vacatures
    • Vacature toevoegen
    • Partners
  • Vakinformatie
    • NDFR
    • Addify
    • JES! Knowledge
    • Fiscaal en meer
    • Tax talks
    • Vakblad Estate Planning
    • Specials
  • Kennisbank

Oude bestemming nog steeds van belang voor WOZ-waarde

13 november 2017 door Remco Latour

Een perceel grond zal op basis van de bestemming een maximaal te realiseren bruto vloeroppervlak (BVO) hebben. Dit maximaal te realiseren BVO beïnvloedt de WOZ-waarde als het perceel op de waardepeildatum onbebouwd is, zelfs als de eigenaar het perceel uiteindelijk voor andere doeleinden gebruikt.

Een B.V. had in 2008 voor € 3 miljoen een perceel grond gekocht. Op het perceel, dat een oppervlakte had van 1368 m2, zou een appartementengebouw worden gebouwd met 48 bedrijfsruimten en 49 parkeerplaatsen. Er zou dan een BVO zijn van 5125 m2. Het apppartementsgebouw kwam er echter nooit. In 2015 liet de B.V. een short stay hotel voor studenten bouwen op het perceel.

 

Eliminatie subjectieve bestemming

De B.V. zag in deze omstandigheden aanleiding om in beroep te gaan tegen de WOZ-beschikking over 2012. De gemeente was daarbij namelijk uitgegaan van een maximaal te realiseren BVO op de waardepeildatum van 1 januari 2011 van 5125 m2. Dit was volgens Hof Amsterdam toegestaan. Men moet een perceel waarderen met inachtneming van de mogelijkheid dat er een koper zal zijn die gebruik wil maken van de bouwbestemming, aldus het hof. De stelling van de B.V. dat men dient uit te gaan van het feitelijk gebruik van  een stuk onbebouwde grond, was onjuist. Bovendien constateerde het hof dat de gemeente met haar WOZ-waarde ver onder de koopprijs van het perceel was gebleven. Ook dit vormde een indicatie dat de WOZ-waarde niet te hoog was.

 

Wet: artikel 17 Wet WOZ

Meer informatie: Gerechtshof Amsterdam 17 oktober 2017 (gepubliceerd 8 november 2017), ECLI:NL:GHAMS:2017:4314

Filed Under: Fiscaal nieuws, Heffing lagere overheden, Nieuws

Reageer
Vorige artikel
Commentaar NOB Belastingplan 2018
Volgende artikel
Aftrek van btw is beperkt houdbaar

Reader Interactions

Gerelateerde berichten

waardering woning successiewet

Onjuiste waarderingsmethode leidt tot lagere WOZ-waarden

Rechtbank Zeeland-West-Brabant oordeelt dat de heffingsambtenaar de WOZ-waarden van een woning niet mag onderbouwen met alleen een geïndexeerde eerdere waarde en een afschrijvingscorrectie. Voor woningen moet de waarde worden bepaald met de vergelijkingsmethode.

Wet betaalbare huur

Recreatiewoning van bv leidt tot forensenbelasting bij dga

Gerechtshof 's-Hertogenbosch oordeelt dat een dga forensenbelasting is verschuldigd voor een gemeubileerde recreatiewoning van zijn bv. Dat hij de woning nauwelijks gebruikt en deze volgens hem moeilijk verhuurbaar is, maakt dat niet anders.

dwanginvordering schulden

Onderzoek: hogere vermogensgrens kwijtschelding lokale belastingen heeft beperkt effect op schulden

Een hogere vermogensgrens zorgt ervoor dat aanzienlijk meer huishoudens een financiële buffer kunnen behouden én kwijtschelding kunnen krijgen. Tegelijkertijd zijn er weinig aanwijzingen dat deze maatregel op zichzelf leidt tot substantiële besparingen op schuldhulpverlening of armoedebeleid. Het onderzoek naar de vermogensnormen voor kwijtschelding van lokale belastingen laat zien dat een volledige gelijktrekking met de vermogensgrenzen... lees verder

ovb bij appartement in kantoorgebouw

Startfee voorkomt no cure no pay-model niet bij WOZ-zaken

Rechtbank Den Haag oordeelt dat de startfee en besparingsfee van het kantoor niet wegnemen dat het op basis van no cure no pay werkt. De korting op de proceskostenvergoeding van art. 30a Wet WOZ blijft daarom gelden.

Hoge Raad

Schending toezendplicht Wet WOZ leidt in beginsel tot proceskostenvergoeding

De Hoge Raad oordeelt dat schending van de toezendplicht in de Wet WOZ in beginsel leidt tot een proceskostenvergoeding. Dat de belastingplichtige ook zonder die schending zou hebben geprocedeerd, maakt dat niet anders.

Geef een reactie Reactie annuleren

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Primary Sidebar

AGENDA

Online cursus Auto van de zaak | PE Accreditatie

Online cursus CV en bedrijfsopvolging

Masterclass Inbreng in en terugkeer uit de BV | PE Accreditatie

Verdiepingscursus DGA-advisering | PE Accreditatie

Online Basistraining AI voor de fiscale praktijk

AI Governance & Compliance: Veilige toepassing van AI in juridische/fiscale praktijk | PE Accreditatie

Online cursus BTW, factuurvereisten en ViDA | PE Accreditatie

Masterclass Btw-processen in SAP S/4HANA | PE Accreditatie

Stoomcursus Erfrecht – Civiel en fiscaal – Het hele erfrecht in één dag!  | PE Accreditatie

Basiscursus Estate planning | PE Accreditatie

Meer opleidingen

Footer

  • Fiscaal nieuws
  • Opleidingen
  • Kennisbank
  • Vacatures
  • Over ons
  • Adverteren op Taxence
  • NDFR
  • Fiscaal en meer
  • Tax Talks
  • Register Estate Planners (REP)
  • Contact
  • Linkedin
  • X
  • Facebook
  • Aanmelden nieuwsbrief
  • Naar Lefebvre Sdu Webshop

Taxence is een uitgave van
Lefebvre Sdu
Maanweg 174
2516 AB Den Haag

Powered by Lefebvre Sdu

  • Disclaimer
  • Privacy Statement en Cookiebeleid
lefebvre SDU

Het laatste nieuws van
Taxence in je mail?

Aanmelden

 

×