• Skip to primary navigation
  • Skip to main content
  • Skip to primary sidebar
  • Skip to footer
  • Nieuwsbrief
  • Contact

Taxence

Taxence

  • Nieuws & achtergrond
    • Nieuws
    • Branchenieuws
    • Blogs
    • Verdieping
  • Thema’s
    • AI & Tax Technology
    • Arbeid & Loon
    • Belastingplan
    • BTW & Overdrachtsbelasting
    • BV & DGA
    • Duurzaamheid (ESG & CSRD)
    • Estate planning
    • Alle thema’s
  • Opleidingen
    • AI & Tax Tech
    • ESG & CSRD
    • Estate Planning
    • BTW
    • Vastgoed
    • Internationaal
    • Arbeid & Loon
    • Formeel
    • Familiebedrijven
    • VPB
    • Pensioen
  • Carrière
    • Personalia
    • Vacatures
    • Vacature toevoegen
    • Partners
  • Vakinformatie
    • NDFR
    • Addify
    • JES! Knowledge
    • Fiscaal en meer
    • Tax talks
    • Vakblad Estate Planning
    • Specials
  • Kennisbank

Tijdelijk hoofdverblijf toch voor verlaagd tarief overdrachtsbelasting in aanmerking

21 mei 2025 door Sharog Susani

verbouwing van kantoor naar hotel

Het Hof oordeelt dat een man en zijn echtgenote recht hebben op het verlaagde 2%-tarief omdat zij woning I meer dan zes maanden als hoofdverblijf gebruiken, ondanks dat zij vooraf een tweede woning aankopen.

Een man en zijn echtgenote kopen op 21 juni 2021 woning I voor € 838.500. Op 1 oktober 2021 sluiten zij de koop van woning II voor € 828.000, die beter past bij hun gezinssituatie. Omdat woning II nog verbouwd moet worden, wonen zij van 5 januari 2022 tot 12 augustus 2022 tijdelijk in woning I. Bij de akte van levering betalen zij 8% overdrachtsbelasting (€ 67.080) en dienen zij bezwaar in voor toepassing van het 2%-tarief op grond van artikel 14, lid 2, Wbr. Zowel de inspecteur als de rechtbank wijzen dit bezwaar af wegens ontbreken van de intentie om woning I anders dan tijdelijk als hoofdverblijf te gebruiken bij verkrijging.

Intentie en feitelijk gebruik doorslaggevend

Het hof benadrukt dat overdrachtsbelasting een tijdstipbelasting is en dat toetsing van het 2%-tarief plaatsvindt op het moment van verkrijging. Uit de parlementaire geschiedenis volgt dat het begrip ‘anders dan tijdelijk als hoofdverblijf’ ook bij de intentie geldt, waarbij een periode van in beginsel zes maanden als bewijsmaatstaf dient. Omdat de man en zijn echtgenote woning I meer dan zes maanden als hoofdverblijf hebben gebruikt en er geen sprake is van misbruik, voldoen zij aan het hoofdverblijfcriterium. Bovendien waren zij nog geen eigenaar van woning II op het moment van verkrijging van woning I, zodat volgtijdelijk gebruik is toegestaan. Het hof vernietigt de uitspraak van de rechtbank, kent toepassing van het 2%-tarief toe en gelast teruggaaf van € 25.155.

Wet: art. 14 WBRV

Bron: Gerechtshof Den Haag 10 april 2025 (gepubliceerd 19 mei 2025), ECLI:NL:GHDHA:2025:766, BK 24/208

Filed Under: BTW & overdrachtsbelasting, Fiscaal nieuws, Nieuws

Reageer
Vorige artikel
KGS gecombineerde vergunning voor verblijf en arbeid
Volgende artikel
Nederland mag gedeeltelijk heffen over in België belaste pensioenuitkeringen

Reader Interactions

Gerelateerde berichten

fiscale regels landbouw

Standpunt kwalificatie bouwterrein

De Kennisgroep omzetbelasting heeft de vraag beantwoord of het voor de kwalificatie als bouwterrein noodzakelijk is dat het omgevingsplan bebouwing toestaat.

laadpaal bij woning

VEH vraagt oplossing voor dubbele btw op laadpalen bij VvE’s

Vereniging Eigen Huis (VEH) roept staatssecretaris Eerenberg op om een einde te maken aan de onbedoelde dubbele btw-heffing bij het opladen van elektrische auto's via laadpalen van verenigingen van eigenaars (VvE's).

Standpunt samenloopvrijstelling bij beherend vennoot CV

De Kennisgroep overdrachtsbelasting beantwoordt de vraag of de samenloopvrijstelling geldt bij de verkrijging van aandelen in een beherend vennoot van een CV met de (economische) eigendom van een bouwterrein.

schoonheidssalon

Standpunt medische vrijstelling (schoonheidsspecialiste)

De Kennisgroep omzetbelasting heeft de vraag beantwoord of bepaalde diensten van een schoonheidsspecialiste zijn vrijgesteld.

kamer-leeg opvang

Standpunt inbrengvrijstelling bij onroerende zaken die geen functie meer vervullen in onderneming

De Kennisgroep overdrachtsbelasting neemt een standpunt in over de inbreng van onroerende zaken die nog wel kwalificeren als ondernemingsvermogen voor de IH maar geen functie meer vervullen in de onderneming.

Geef een reactie Reactie annuleren

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Primary Sidebar

Opleidingen

Online cursus BTW, factuurvereisten en ViDA

Masterclass Btw-processen in SAP S/4HANA

Nationaal Btw Congres 2026

Stoomcursus btw en internationaal zakendoen

Masterclass Overdrachtsbelasting

AGENDA

Online cursus CV en bedrijfsopvolging

Online cursus Schenken en lenen in familieverband

Meerdaagse opleiding Vastgoedfiscaliteiten

Stoomcursus AI voor Fiscale professionals

Online cursus toepassing box 3 in de praktijk

Future Fit Professionals

Stoomcursus btw en internationaal zakendoen

Online cursus Immigrerende DGA’s: fiscale gevolgen en sociale zekerheid bij migratie naar Nederland

Online Basistraining AI voor de fiscale praktijk

Online cursus BTW, factuurvereisten en ViDA

Meer opleidingen

Footer

  • Fiscaal nieuws
  • Opleidingen
  • Kennisbank
  • Vacatures
  • Over ons
  • Adverteren op Taxence
  • NDFR
  • JES! (ESG producten)
  • Fiscaal en meer
  • Tax Talks
  • Register Estate Planners (REP)
  • Contact
  • Linkedin
  • X
  • Facebook
  • Aanmelden nieuwsbrief
  • Naar Lefebvre Sdu Webshop

Taxence is een uitgave van
Lefebvre Sdu
Maanweg 174
2516 AB Den Haag

Powered by Lefebvre Sdu

  • Disclaimer
  • Privacy Statement en Cookiebeleid
lefebvre SDU

Het laatste nieuws van
Taxence in je mail?

Aanmelden

 

×