• Skip to primary navigation
  • Skip to main content
  • Skip to primary sidebar
  • Skip to footer
  • Nieuwsbrief
  • Contact

Taxence

Taxence

  • Nieuws & achtergrond
    • Nieuws
    • Branchenieuws
    • Blogs
    • Verdieping
  • Thema’s
    • AI & Tax Technology
    • Arbeid & Loon
    • Belastingplan
    • BTW
    • BV & DGA
    • Duurzaamheid (ESG & CSRD)
    • Estate planning
    • Alle thema’s
  • Opleidingen
    • AI & Tax Tech
    • ESG & CSRD
    • Estate Planning
    • BTW
    • Vastgoed
    • Internationaal
    • Arbeid & Loon
    • Formeel
    • Familiebedrijven
    • VPB
    • Pensioen
  • Belastingplan
  • Carrière
    • Personalia
    • Vacatures
    • Vacature toevoegen
    • Partners
  • Vakinformatie
    • NDFR
    • Addify
    • JES! Knowledge
    • Fiscaal en meer
    • Tax talks
    • Vakblad Estate Planning
    • Specials
  • Kennisbank

Wet werkelijk rendement box 3: structuurwijzigingen en uitvoerbaarheid

23 januari 2026 door redactie

box 3 rendement

De staatssecretaris van Financiën beantwoordt resterende vragen over het wetsvoorstel Wet werkelijk rendement box 3 en geeft een appreciatie van de ingediende moties en amendementen.

De staatssecretaris gaat in op het amendement van het lid Grinwis over het vrijstellen van vermogenswinstbelasting bij schenking of vererving van gebouwde eigendommen op NSW-landgoederen. Het amendement wordt ontraden omdat onduidelijk is hoe de heffing plaatsvindt, de Belastingdienst de uitvoerbaarheid niet tijdig kan vaststellen en budgettaire dekking ontbreekt. Wel zal de staatssecretaris de gevolgen van de Wet werkelijk rendement box 3 voor gebouwde eigendommen op NSW-landgoederen in kaart brengen en mogelijkheden uitwerken om te voorkomen dat het voortbestaan van deze landgoederen onder druk komt te staan, zodat een volgend kabinet hierover kan besluiten.​

Structuurwijzigingen en uitvoerbaarheid

Op vragen van onder meer de leden Grinwis, Stultiens, Oosterhuis en Van Eijk wordt toegelicht welke aanpassingen nog mogelijk zijn binnen het tijdpad. Parameters zoals het heffingsvrije resultaat, de vastgoedbijtelling en het tarief kunnen nog worden aangepast, maar meer fiscaaltechnische wijzigingen gelden als structuurwijziging en zijn niet meer tijdig uitvoerbaar. Een tweede schijf (toptarief) of een heffingskorting voor groen beleggen zijn voorbeelden van dergelijke structuurwijzigingen, waarvoor nu geen invoeringsdatum kan worden genoemd; in de keten Inkomensheffingen is op zijn vroegst ruimte voor nieuw beleid per belastingjaar 2029.​

Het arrest van de Hoge Raad over de belastingrente in de vennootschapsbelasting heeft volgens de staatssecretaris geen gevolgen voor de planning van de implementatie van het wetsvoorstel, omdat dit arrest geen impact heeft op de keten Inkomensheffingen.​

Budgettaire effecten en systematiek

De staatssecretaris gaat in op de keuze voor een hybride stelsel ten opzichte van een volledige vermogenswinst- of vermogensaanwasbelasting. In het hybride stelsel worden beleggingen in principe via een vermogensaanwasbelasting belast en vastgoed en aandelen in startups en scale-ups via een vermogenswinstbelasting. Een volledige vermogensaanwasbelasting zou incidenteel circa 23 miljard euro meer opleveren in de eerste tien jaar, terwijl een volledige vermogenswinstbelasting in de eerste vijf jaar ongeveer € 5 miljard minder oplevert dan het hybride stelsel. Structureel leveren deze stelsels in 2060 echter evenveel op; belastinguitstel kan de staat nooit extra geld opleveren. De staatssecretaris wil daarmee de misvatting rechtzetten dat een volledige vermogenswinstbelasting op lange termijn meer opbrengst of welvaart zou genereren.​

Ook wordt ingegaan op de leegwaarderatio, die volgens het kabinet terecht wordt verdisconteerd in de inbrengwaarde bij inwerkingtreding van het nieuwe box 3-stelsel, en op de gevolgen van de afschaffing van de partiële buitenlandse belastingplicht. Verder wordt toegelicht dat een doorschuifregeling bij trouwen en scheiden en een achterwaartse verliesverrekening (carry back) grote structuurwijzigingen zijn, die niet uitvoerbaar zijn per 1 januari 2028 en aanzienlijke budgettaire effecten hebben, vooral in de eerste jaren.

Bron: WGO Wet werkelijk rendement box 3 – resterende vragen en appreciaties, nr. 2026-0000017445, Ministerie van Financien, 22 januari 2026

Online cursus toepassing box 3 in de praktijk

In dit praktijkgerichte webinar van mr. ric van Uunen gaan we niet uitgebreid in op de technische details van de box 3-heffing zelf. In plaats daarvan richten we ons op wat écht relevant is voor jouw adviespraktijk: het proactief begeleiden van klanten bij het optimaliseren van hun box 3-positie.

Meer informatie en aanmelden

Filed Under: Financiële planning, Fiscaal nieuws, Nieuws

Reageer
Vorige artikel
AP: uitvoering anti-witwaswet alleen verantwoord bij aantoonbare effectiviteit en privacybescherming
Volgende artikel
Pensioenfonds verricht verzekeringsdienst en mist btw-aftrek

Reader Interactions

Gerelateerde berichten

crypto box 3 jongere

Nederlandse huishoudens hebben € 3,2 miljard aan crypto bij Nederlandse aanbieders

Nederlandse huishoudens hadden eind juni 2026 voor € 3,2 miljard aan cryptovaluta ondergebracht bij Nederlandse cryptodienstverleners. Dat blijkt uit nieuwe cijfers van De Nederlandsche Bank (DNB), die deze gegevens voor het eerst publiceert.

Nieuwe Handreiking onderdekking en prijsgeven van in eigen beheer verzekerde pensioen- en soortgelijke verplichtingen

Het Centraal Aanspreekpunt Pensioenen heeft de Handreiking onderdekking en prijsgeven van in eigen beheer verzekerde pensioen- en soortgelijke verplichtingen gepubliceerd.

Late verrekening lijfrente na scheiding blijft belast

Een bedrag dat een vrouw ruim twintig jaar na haar echtscheiding ontvangt ter verrekening van verzwegen lijfrentepolissen, is belast in box 1. Het lange tijdsverloop en het feit dat de lijfrente al volledig is uitgekeerd, maken dat niet anders.

pensioen uit Belgie

Nederland mag volledig heffen over Belgisch pensioen

Nederland heeft als woonstaat het exclusieve heffingsrecht over een Belgisch pensioen en een Belgische verzekeringsuitkering. De in België ingehouden bedrijfsvoorheffing geeft daarom geen recht op Nederlandse voorkoming van dubbele belasting.

Box 2 of box 3 vraagt om rekenen én spreiden

De keuze tussen beleggen in privé of via de BV hangt af van het verwachte rendement en de kosten. Tijdens de Tax Talks-focusuitzending bespreekt Jeroen Knol waar het omslagpunt ligt en waarom ook spreiding, flexibiliteit en liquiditeit belangrijk zijn.

Geef een reactie Reactie annuleren

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Primary Sidebar

Opleidingen

Masterclass Actualiteiten vermogensstructurering 2026

Masterclass Actualiteiten vermogensstructurering 2025

Specialisatieopleiding Vermogensstructurering

Online cursus toepassing box 3 in de praktijk

AGENDA

Online cursus Auto van de zaak | PE Accreditatie

Online cursus CV en bedrijfsopvolging

Masterclass Inbreng in en terugkeer uit de BV | PE Accreditatie

Verdiepingscursus DGA-advisering | PE Accreditatie

Online Basistraining AI voor de fiscale praktijk

AI Governance & Compliance: Veilige toepassing van AI in juridische/fiscale praktijk | PE Accreditatie

Online cursus BTW, factuurvereisten en ViDA | PE Accreditatie

Masterclass Btw-processen in SAP S/4HANA | PE Accreditatie

Stoomcursus Erfrecht – Civiel en fiscaal – Het hele erfrecht in één dag!  | PE Accreditatie

Basiscursus Estate planning | PE Accreditatie

Meer opleidingen

Footer

  • Fiscaal nieuws
  • Opleidingen
  • Kennisbank
  • Vacatures
  • Over ons
  • Adverteren op Taxence
  • NDFR
  • JES! (ESG producten)
  • Fiscaal en meer
  • Tax Talks
  • Register Estate Planners (REP)
  • Contact
  • Linkedin
  • X
  • Facebook
  • Aanmelden nieuwsbrief
  • Naar Lefebvre Sdu Webshop

Taxence is een uitgave van
Lefebvre Sdu
Maanweg 174
2516 AB Den Haag

Powered by Lefebvre Sdu

  • Disclaimer
  • Privacy Statement en Cookiebeleid
lefebvre SDU

Het laatste nieuws van
Taxence in je mail?

Aanmelden

 

×