• Skip to primary navigation
  • Skip to main content
  • Skip to primary sidebar
  • Skip to footer
  • Nieuwsbrief
  • Contact

Taxence

Taxence

  • Nieuws & achtergrond
    • Nieuws
    • Branchenieuws
    • Blogs
    • Verdieping
  • Thema’s
    • AI & Tax Technology
    • Arbeid & Loon
    • Belastingplan
    • BTW & Overdrachtsbelasting
    • BV & DGA
    • Duurzaamheid (ESG & CSRD)
    • Estate planning
    • Alle thema’s
  • Opleidingen
    • AI & Tax Tech
    • ESG & CSRD
    • Estate Planning
    • BTW
    • Vastgoed
    • Internationaal
    • Arbeid & Loon
    • Formeel
    • Familiebedrijven
    • VPB
    • Pensioen
  • Carrière
    • Personalia
    • Vacatures
    • Vacature toevoegen
    • Partners
  • Vakinformatie
    • NDFR
    • Addify
    • JES! Knowledge
    • Fiscaal en meer
    • Tax talks
    • Vakblad Estate Planning
    • Specials
  • Kennisbank

Foutenleer van toepassing op fout bij bepaling van aan vaste inrichting toerekenbare winst

10 juni 2025 door Redactie

correctie box 3 Belastingdienst

Belanghebbende, een in Nederland gevestigde bv, heeft een vaste inrichting in België. In 1999 heeft zij een HIR gevormd ter zake van de bij de vervreemding van een huurrecht van een in Nederland gevestigde supermarkt behaalde boekwinst. In 2003 heeft belanghebbende het gebruiksrecht op een in België gelegen woning verworven. Het gebruiksrecht is tot het vermogen van de vaste inrichting gerekend. Bij de fiscale verwerking heeft belanghebbende een fout gemaakt. Zij heeft – in strijd met HR 2 maart 1994, ECLI:NL:HR:1994:ZC5597 – de HIR niet uitsluitend voor de bepaling van haar generale winst afgeboekt op de aanschaffingsprijs van het gebruiksrecht, maar ook voor de bepaling van de vrij te stellen winst van de vaste instelling. Hierdoor heeft bij de winstberekening van de vaste instelling telkenjare een te lage afschrijving op het gebruiksrecht plaatsgevonden, waardoor voor de jaren 2004 t/m 2012 de winst van de vaste inrichting te hoog is vastgesteld. Daardoor is aan belanghebbende in die jaren een te hoge vrijstelling ter voorkoming van dubbele belasting verleend, en is de in Nederland belastbare winst dus te laag vastgesteld. Het in aanmerking nemen van te lage afschrijvingen bij de winstbepaling van de vaste inrichting heeft bewerkstelligd dat ten onrechte de boekwinst die in 1999 door belanghebbende was behaald met de vervreemding van het huurrecht, in zoverre buiten haar totale winst is gebleven.

De inspecteur heeft de fout ontdekt en heeft voor 2013 het aangegeven bedrag aan vrij te stellen winst van de vaste inrichting gecorrigeerd. Tevens heeft hij in dat jaar de voor elk van de jaren 2004 t/m 2012 tot een te hoog bedrag verleende vrijstelling ter voorkoming van dubbele belasting met toepassing van de foutenleer in één keer gecorrigeerd. Rechtbank Zeeland-West-Brabant (NTFR 2022/1417) heeft de inspecteur in het gelijk gesteld. Belanghebbende heeft sprongcassatieberoep ingesteld, maar zonder succes.

De Hoge Raad zet in het arrest de strekking van de foutenleer uiteen en de wijze waarop de winst van een vaste inrichting onder de werking van belastingverdragen wordt bepaald. Gelet op deze wijze van bepaling van de vrij te stellen winst van een vaste inrichting en op de strekking van de foutenleer, te weten het vermijden van een te lage of een te hoge heffing van belasting als gevolg van een balansfout, is de Hoge Raad van oordeel dat een bij de bepaling van de aan een vaste inrichting toerekenbare winst gemaakte fout die heeft geleid tot een onjuiste vaststelling van het vermogen op de eindbalans van die vaste inrichting, zoals een afschrijvingsfout, en daarmee tot een te hoge of een te lage vrijstelling ter voorkoming van dubbele belasting, onder de toepassing van de foutenleer valt.

Nu de rechtbank terecht heeft geoordeeld dat in dit geval de verlengde navorderingstermijn niet van toepassing is, heeft zij eveneens terecht geoordeeld dat de in de jaren 2004 t/m 2012 gemaakte afschrijvingsfout kan worden hersteld door toepassing van de foutenleer in het jaar 2013, zijnde het oudste nog openstaande jaar.

(Cassatieberoep ongegrond.)

Wet: art. 15e Wet Vpb 1969 en art. 3.54 Wet IB

Bron: Hoge Raad, 06-06-2025, ECLI:NL:HR:2025:850, 22/00900 | NDFR

Filed Under: Fiscaal nieuws, Nieuws, Vennootschapsbelasting, Vpb & Div.bel

Reageer
Vorige artikel
Restantvoorraadregeling rechtvaardigt discriminerende BPM niet
Volgende artikel
Recht op LKV en LIV bij overgang van onderneming

Reader Interactions

Gerelateerde berichten

EU-lijst non cooperatieve jurisdicties

Trustbestuurder aansprakelijk voor lege bv

Gerechtshof Amsterdam oordeelt dat een voormalige trustbestuurder van een lege Nederlandse bv aansprakelijk is op grond van art. 2:9 BW voor een onbetaalde vpb-schuld. Zijn beroep op verjaring en decharge wordt verworpen, maar de schadevergoeding wordt aanzienlijk gematigd.

A1 verklaring werknemers

Standpunt kwalificatie Frans Fonds Commun de Placement

De Kennisgroep belastingplicht en kwalificatie rechtsvormen heeft de vraag beantwoord met welke Nederlandse rechtsvorm een Frans Fonds Commun de Placement vergelijkbaar is.

ongelijk vermogen

Kamer bevraagt kabinet over belastingontwijking, transparantie en vermogensbelasting

In het schriftelijk overleg met staatssecretaris Eerenberg stellen de fracties van D66, VVD, GroenLinks-PvdA en CDA uitgebreide vragen over belastingontwijking, fiscale transparantie, de liquidatieverliesregeling, een mogelijke trailing tax voor vermogende emigranten en de fiscale geheimhoudingsplicht.

Foutenleer herstelt vergeten afwaardering niet in later jaar

Rechtbank Noord-Holland oordeelt dat een bv een in 2016 kwijtgescholden vordering niet alsnog in 2019 mag afwaarderen via de foutenleer. Ook een liquidatieverlies op een Amerikaanse dochter komt niet in aftrek, omdat de vereffening niet is voltooid.

Standpunten kwalificatie Pakistaanse, Bermudaanse en Bengalese Company Limited Shares

De Kennisgroep belastingplicht en kwalificatie rechtsvormen heeft de vraag beantwoord met welke Nederlandse rechtsvorm een Pakistaanse Company Limited by Shares, een Bermudaanse Company Limited by Shares en een Bengalese Company Limited by Shares vergelijkbaar is.

Geef een reactie Reactie annuleren

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Primary Sidebar

Opleidingen

Online cursus afwaarderen & kwijtschelden van vorderingen

Online cursus Wet Fiscaal Kwalificatiebeleid Rechtsvormen (incl. aanpassing FGR)

Online cursus afwaarderen & kwijtschelden van vorderingen

Online cursus Vennootschapsbelastingplicht stichtingen & verenigingen

Masterclass Fiscale aspecten fusies & overnames

AGENDA

Verdiepingscursus Tweetrapsmakingen opzetten en afwikkelen

Stoomcursus Tax accounting

Online cursus De positie van het kind in het erfrecht en estate planning – Civiel en fiscaal

Online cursus afwaarderen & kwijtschelden van vorderingen

Masterclass Belastingcontrole met steekproeven vs Tax Monitoring

Online cursus BTW, factuurvereisten en ViDA

Online cursus Afwikkeling van overnameregelingen in firmacontract en statuten

Verdiepende AI training voor de fiscale praktijk

Online cursus Familiestichting en family governance

Online cursus De positie van de samenwoner in de inkomstenbelasting, relatievermogensrecht en vermogensplanning – Civiel en fiscaal

Meer opleidingen

Footer

  • Fiscaal nieuws
  • Opleidingen
  • Kennisbank
  • Vacatures
  • Over ons
  • Adverteren op Taxence
  • NDFR
  • JES! (ESG producten)
  • Fiscaal en meer
  • Tax Talks
  • Register Estate Planners (REP)
  • Contact
  • Linkedin
  • X
  • Facebook
  • Aanmelden nieuwsbrief
  • Naar Lefebvre Sdu Webshop

Taxence is een uitgave van
Lefebvre Sdu
Maanweg 174
2516 AB Den Haag

Powered by Lefebvre Sdu

  • Disclaimer
  • Privacy Statement en Cookiebeleid
lefebvre SDU

Het laatste nieuws van
Taxence in je mail?

Aanmelden

 

×