Het kabinet deelt niet de analyse dat turboliquidaties steeds vaker worden misbruikt, maar erkent dat misbruik voorkomt. De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid benadrukt dat transparantie is vergroot en dat wordt gewerkt aan een permanente regeling met betere waarborgen.
In antwoord op Kamervragen over misbruik via turboliquidaties stelt de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid dat niet kan worden vastgesteld of misbruik is toe- of afgenomen. Het aantal turboliquidaties is na een piek van bijna 50.000 in 2022 gedaald tot 33.000 in 2024. Deze daling lijkt verband te houden met de inwerkingtreding van de Tijdelijke wet transparantie turboliquidaties op 15 november 2023.
Hoewel uit de praktijk bekend is dat misbruik plaatsvindt, is de omvang daarvan lastig vast te stellen. De Belastingdienst herkent de inschatting niet dat in tien jaar € 1,5 miljard aan inkomsten zou zijn misgelopen. Uit een eerder onderzoek blijkt dat van circa € 1,9 miljard aan openstaande schulden bij bedrijfsbeëindigingen in 2016–2019, circa € 525 miljoen zag op turboliquidaties. Dat een schuld openstaat, betekent volgens het kabinet niet dat sprake is van misbruik of fraude.
Transparantie en bestuursverbod
Met de Tijdelijke wet is de transparantie vergroot en de rechtsbescherming van schuldeisers verbeterd. Het bestuur moet een financiële verantwoording opstellen en deponeren bij het handelsregister. Bestuurders kunnen een bestuursverbod krijgen indien zij niet aan de verantwoordingsverplichting voldoen of doelbewust schuldeisers hebben benadeeld.
Het WODC concludeert dat de Tijdelijke wet bij naleving bijdraagt aan meer transparantie en in mindere mate aan het voorkomen van misbruik. De looptijd van de wet is verlengd tot 15 november 2027. Er is een wetgevingstraject aangekondigd om de voorzieningen permanent in te voeren, waarbij wordt gezocht naar “een juiste balans tussen het faciliteren van relatief laagdrempelige bedrijfsbeëindiging en het aanbrengen van waarborgen om misbruik zoveel mogelijk te voorkomen”.
Een verplichting om bij schulden altijd faillissement aan te vragen acht het kabinet niet wenselijk, omdat faillissement zonder baten niet altijd meerwaarde heeft. Alle opties blijven open bij de uitwerking van de permanente regeling.





Geef een reactie