Het kabinet ziet de Wet arbeidsmarkt in balans als een eerste stap richting een betere balans tussen vaste en flexibele arbeid. De minister licht toe hoe de evaluatie wordt benut voor verdere hervormingen via het arbeidsmarktpakket.
Minister Vijlbrief benadrukt dat bij de invoering van de Wet arbeidsmarkt in balans (Wab) al werd verwacht dat de effecten op de arbeidsmarkt beperkt zouden zijn. De wet moest worden gezien als een “eerste stap in de goede richting” naar een betere balans tussen flexibele werknemers en werknemers met een vast dienstverband.
Beperkte effecten niet verontrustend
In dat licht is het volgens de minister “niet verontrustend dat de meetbare effecten van de Wab relatief beperkt zijn”. De inzichten uit de evaluatie worden meegenomen in de verdere uitwerking van het arbeidsmarktpakket, dat voortbouwt op adviezen van de Commissie Regulering van Werk en de SER. Dit pakket moet zowel de zekerheid van werkenden vergroten als de wendbaarheid van werkgevers versterken.
Drie belangrijke aandachtspunten
De evaluatie geeft volgens het kabinet drie belangrijke richtingen voor beleid. Ten eerste kan het zijn dat financiële prikkels onvoldoende sterk zijn om werkgevers te bewegen tot vaste contracten. Daarom wordt met het arbeidsmarktpakket ingezet op het verder verkleinen van verschillen tussen flexibele en vaste contracten.
Ten tweede is de bekendheid met de regels en het doenvermogen van werkgevers en werknemers beperkt. Hierdoor worden maatregelen niet altijd nageleefd en werken prikkels minder goed. Het kabinet wil daarom inzetten op gerichtere communicatie en samenwerking met sociale partners, onder meer gericht op sectoren met veel flexwerk.
Ten derde blijkt dat sectorale verschillen groot zijn. In sectoren waar flexwerk de norm is, blijven effecten beperkt. De evaluatie suggereert dat werkcultuur binnen sectoren een grote invloed heeft op contractkeuzes. Dit onderstreept het belang om beleid beter aan te laten sluiten bij sectorale praktijken en om waar mogelijk een cultuuromslag te stimuleren.
De minister geeft aan deze bevindingen te willen betrekken bij de verdere behandeling van het arbeidsmarktpakket.





Geef een reactie