Het kabinet wil de suikerinname via alcoholvrije dranken verminderen en werkt aan een gedifferentieerde verbruiksbelasting op basis van suikergehalte.
Het kabinet licht toe dat de omzetting van de huidige verbruiksbelasting naar een gedifferentieerde verbruiksbelasting gericht is op het verminderen van de suikerinname. Uit onderzoek blijkt dat jongeren wekelijks gemiddeld 90 suikerklontjes binnenkrijgen via alcoholvrije dranken, wat een groot effect heeft op de gezondheid. Het kabinet wil daarom ongezonde keuzes onaantrekkelijker maken en werkt parallel aan een bredere suikerbelasting op voeding.
Ingrijpende keuzes
De omzetting naar een gedifferentieerde verbruiksbelasting gaat gepaard met “ingrijpende keuzes” rond tarieven, uitzonderingen en uitvoeringsaspecten. Er liggen verschillende scenario’s voor, waaronder varianten waarbij alleen dranken met toegevoegde suikers worden belast of waarin bepaalde producten worden uitgezonderd. Het kabinet benadrukt dat de keuze voor een nieuw stelsel nog niet is gemaakt en integraal wordt bezien met de vormgeving van de suikerbelasting.
Een belangrijke fiscale aanpassing betreft de aanscherping van de zuiveluitzondering. Door de huidige definitie konden dranken met een minimale hoeveelheid melkvet de belasting ontwijken. Dit wordt per 2027 aangepast, zodat alleen melk, karnemelk en vergelijkbare sojadranken worden uitgezonderd. Dit voorkomt “oneerlijke concurrentie” en levert structureel € 41 miljoen op.
Uitvoerbaarheid en frauderisico’s
De Douane wijst erop dat de omzetting een structuurwijziging is met een voorbereidingstijd van 12 tot 24 maanden. Daarnaast leidt een stelsel met veel uitzonderingen tot meer complexiteit en een grotere kans op fraude. Met name scenario’s waarbij alleen toegevoegde suikers worden belast kennen risico’s, omdat niet kan worden vastgesteld of suikers van nature aanwezig zijn of zijn toegevoegd.
Ook internationale voorbeelden, zoals het Verenigd Koninkrijk, laten zien dat dergelijke systemen kunnen leiden tot hogere tarieven voor belaste dranken en vergelijkbare uitvoeringsproblemen.
Het kabinet benadrukt dat er op dit moment “geen gezondheidsargument is” om dranken met natuurlijke suikers of zoetstoffen anders te behandelen dan dranken met toegevoegd suiker. Het gezondheidsbelang staat voorop en verdere keuzes worden zorgvuldig voorbereid.





Geef een reactie