Rechtbank Noord-Nederland oordeelt dat de samenwonersvrijstelling niet geldt als een appartement eerst volledig door de vrouw is gekocht, daarna deels aan haar partner is overgedragen en later weer volledig aan haar wordt toegedeeld. De heffing schendt wel haar eigendomsrecht, maar de rechtbank kan geen rechtsherstel bieden.
Een vrouw verkrijgt op 24 december 2014 een appartementsrecht en betaalt daarover overdrachtsbelasting. Op 14 mei 2018 draagt zij een 49/100 onverdeeld aandeel in het appartement over aan haar toenmalige partner. Daardoor ontstaat tussen hen een gemeenschap. Op 23 december 2024 verdelen de vrouw en haar inmiddels ex-partner die gemeenschap. Het appartement wordt daarbij volledig aan de vrouw toegedeeld. Zij betaalt hiervoor € 18.735 overdrachtsbelasting op aangifte. De inspecteur wijst haar bezwaar af. In geschil is of de toedeling is vrijgesteld op grond van de samenwonersvrijstelling. Subsidiair beroept de vrouw zich op het evenredigheidsbeginsel, het gelijkheidsbeginsel en haar eigendomsrecht.
Samenwonersvrijstelling geldt niet
De rechtbank oordeelt dat de vrouw niet voldoet aan het vereiste dat de gemeenschap is ontstaan door een gezamenlijke verkrijging. Zij heeft het appartement eerst volledig zelf verkregen en pas later een aandeel overgedragen aan haar ex-partner. Dat is volgens de rechtbank een zogenoemde jojo-toedeling. De wetgever heeft bij de invoering van de Wet op belastingen van rechtsverkeer onderkend dat zulke situaties onder de heffing vallen en heeft die uitkomst als een verbetering gezien. Een uitleg naar doel en strekking helpt de vrouw daarom niet. Ook het beroep op het evenredigheidsbeginsel faalt, omdat de rechtbank formele wetgeving niet aan dat beginsel mag toetsen en de wetgever deze situatie heeft voorzien.
Schending eigendomsrecht zonder herstel
Het beroep op het gelijkheidsbeginsel slaagt evenmin. Volgens de rechtbank zijn samenwoners en gehuwden voor deze regeling geen gelijke gevallen, omdat het huwelijk eigen wettelijke plichten meebrengt. Wel oordeelt de rechtbank dat het eigendomsrecht van de vrouw is geschonden. Het gezamenlijkheidsvereiste voorkomt misbruik, maar bij een jojo-toedeling is daarvan geen sprake: de woning komt terug bij degene die deze eerder zelf heeft ingebracht en daarover al overdrachtsbelasting heeft betaald. Toch kan de rechtbank de heffing niet terugdraaien. Er zijn meerdere manieren om rechtsherstel te bieden, en de keuze daartussen is aan de wetgever. Het beroep is ongegrond, maar de inspecteur moet wel het griffierecht vergoeden.
Wet: art. 15, eerste lid, onderdeel g Wbr
Bron: Rechtbank Noord-Nederland, 07-05-2026, ECLI:NL:RBNNE:2026:1787, 25/1684 | NDFR
Masterclass De positie van de samenwoner in de inkomstenbelasting, relatievermogensrecht en vermogensplanning – Civiel en fiscaal
*Nieuw*
Exclusief bij Lefebvre Sdu Licent Academy!
Juridische en fiscale kansen en risico’s voor ongehuwd samenwonenden
Samenwonen zonder huwelijk of geregistreerd partnerschap vraagt om bewuste keuzes en een goede planning, voor nu én later.
Deze masterclass brengt de juridische, economische en fiscale positie van samenwoners in kaart, met nadruk op de inkomstenbelasting, relatievermogensrecht, erfrecht en vermogensplanning. We behandelen hoe het samenlevingscontract, testamenten, nalatenschap en planningstechnieken samenkomen om samenwoners optimaal te beschermen. Met relevante wetsartikelen, praktische voorbeelden en grensgevallen leer je hoe je samenwoners effectief adviseert.





Geef een reactie