Hof Amsterdam oordeelt dat een Nederlandse piloot voor het belastingverdrag Nederland-Verenigd Koninkrijk in 2018 uitsluitend inwoner is van het Verenigd Koninkrijk. Nederland mag daarom zijn loon van een Maltese luchtvaartmaatschappij niet belasten.
Een piloot met de Nederlandse nationaliteit werkt in 2018 voor een Maltese luchtvaartmaatschappij. Hij staat nog ingeschreven bij zijn ouders in Nederland en verblijft daar regelmatig. In het Verenigd Koninkrijk huurt hij woonruimte, eerst in een pilotenhuis en vanaf mei 2018 samen met zijn vriendin. De inspecteur rekent zijn loon tot het Nederlandse inkomen en verleent geen aftrek ter voorkoming van dubbele belasting. In geschil is of Nederland over dit loon mag heffen.
Woonplaats in twee landen
Het hof oordeelt dat de piloot naar Nederlands recht in Nederland woont, omdat hij nog een duurzame persoonlijke band met Nederland heeft. Tegelijkertijd is hij volgens de Britse Statutory Residence Test ook inwoner van het Verenigd Koninkrijk. Zijn oude slaapkamer bij zijn ouders is geen duurzaam tehuis, maar hooguit een tijdelijke slaapplek. In het Verenigd Koninkrijk heeft hij wel een duurzaam tehuis.
Verdrag wijst heffingsrecht toe aan VK
Volgens de tiebreaker van het belastingverdrag is de piloot uitsluitend inwoner van het Verenigd Koninkrijk. Daar woont hij met zijn vriendin, heeft hij sociale contacten, een bankrekening en zijn werkbasis. Zijn persoonlijke en economische betrekkingen zijn daar het sterkst. Het loon uit zijn dienstbetrekking is daarom niet in Nederland belast. De vraag of per diems en cash expenses tot het loon behoren, hoeft het hof niet meer te beantwoorden.
Wet: art. 4 AWR en art. 4 Verdrag Nederland-Verenigd Koninkrijk
Bron: Gerechtshof Amsterdam, 21-04-2026, ECLI:NL:GHAMS:2026:1285, 23/873 en 23/875 | NDFR
GenIA-L jurisprundentieonderzoek
Vind en analyseer relevante rechtspraak in minuten. Een uitspraak van vandaag is vanaf morgen te vinden in GenIA-L!






Geef een reactie