Het kabinet wil woningcorporaties meer ruimte geven om te investeren in middenhuurwoningen. Minister Boekholt-O’Sullivan licht toe hoe het herziene DAEB-Vrijstellingsbesluit van de Europese Commissie wordt uitgewerkt in de Woningwet en welke stappen al vóór de wetswijziging worden gezet.
De woningnood treft veel huishoudens, ook mensen die zijn aangewezen op een betaalbare middenhuurwoning. Om aan de vraag te voldoen zijn jaarlijks ten minste 12.000 nieuwe betaalbare huurwoningen nodig. Het herziene DAEB-Vrijstellingsbesluit van de Europese Commissie biedt meer ruimte voor het inzetten van staatssteun voor betaalbare huisvesting, waaronder het middenhuursegment. Hierdoor kunnen woningcorporaties én marktpartijen een grotere bijdrage leveren aan de bouw van middenhuurwoningen.
Meer ruimte voor woningcorporaties
Het kabinet wil de Woningwet aanpassen zodat woningcorporaties binnen de bestaande DAEB voor sociale huisvesting ook een beperkt deel middenhuurwoningen kunnen realiseren. Daardoor kunnen zij gebruikmaken van door het Waarborgfonds Sociale Woningbouw (WSW) geborgde leningen voor investeringen in middenhuur. Dit is volgens de minister een noodzakelijke voorwaarde om vanaf 2029 jaarlijks 5.000 middenhuurwoningen door woningcorporaties te realiseren, zoals afgesproken in de Nationale prestatieafspraken.
Daarnaast maakt de herziening het mogelijk de administratieve scheiding tussen DAEB- en niet-DAEB-activiteiten grotendeels op te heffen. Dat vermindert de administratieve lasten en vergroot de investeringsruimte voor sociale huur en middenhuur. Het wetsvoorstel wordt begin 2027 in consultatie gebracht en moet in de tweede helft van 2027 bij de Tweede Kamer worden ingediend.
Ook nu al extra mogelijkheden
Omdat de woningbouwopgave urgent is, zet het kabinet vooruitlopend op de wetswijziging al maatregelen in. Gemeenten en provincies kunnen dankzij het herziene Vrijstellingsbesluit eenvoudiger staatssteun verlenen, bijvoorbeeld via subsidies, garanties of korting op grondprijzen voor betaalbare woningbouw. Daarnaast wordt onderzocht of een financieringsproduct kan worden ontwikkeld waarmee woningcorporaties direct kunnen profiteren van WSW-borging zodra de wet is aangepast.
Ook werkt het kabinet aan verbetering van het investeringsklimaat voor marktpartijen. Zo wordt de overdrachtsbelasting voor verhuurders verlaagd van 8% naar 7% en zijn maatregelen aangekondigd om de businesscase voor middenhuur te versterken. Volgens de minister moeten woningcorporaties en marktpartijen elkaar aanvullen om de middenhuuropgave te realiseren.




Geef een reactie