Het kabinet zet de voorgenomen aanpassing van de samenvoegbepaling in de loonbelasting door om een door de Hoge Raad geconstateerde ongelijke behandeling op te heffen. Daardoor verliezen naar verwachting ongeveer 11.000 werkende uitkeringsgerechtigden vanaf 2027 (een deel van) hun arbeidskorting.
Het kabinet erkent dat de maatregel voor de betrokken groep onrechtvaardig kan voelen en voor veel mensen een forse verlaging van het netto-inkomen betekent. De aanleiding is een arrest van de Hoge Raad, waarin is geoordeeld dat het onderscheid tussen arbeidsongeschikten die hun uitkering via de werkgever ontvangen en degenen die hun uitkering rechtstreeks van het UWV krijgen, moet worden opgeheven. Het kabinet kiest ervoor beide groepen geen arbeidskorting meer te laten ontvangen over de uitkering, omdat het toekennen van arbeidskorting aan beide groepen volgens het kabinet niet past bij het doel van de arbeidskorting: het stimuleren van arbeidsparticipatie.
Gemiddeld € 3.000 minder netto
Naar verwachting gaat de meerderheid van de circa 11.000 betrokken uitkeringsgerechtigden er gemiddeld ongeveer € 3.000 netto per jaar op achteruit. Voor een klein deel kan de wijziging juist gunstig uitpakken, bijvoorbeeld wanneer iemand met zijn totale inkomen in het afbouwtraject van de arbeidskorting zit. Theoretisch kan het maximale inkomensverlies oplopen tot ongeveer € 8.700 per jaar, wanneer ook het volledige recht op de inkomensafhankelijke combinatiekorting (IACK) vervalt. Volgens het kabinet gaat het daarbij om een uitzonderlijke situatie.
Het kabinet benadrukt dat de precieze inkomenseffecten niet volledig in kaart kunnen worden gebracht. In de loonaangifte zijn loon en uitkering door de huidige samenvoegbepaling administratief samengevoegd, waardoor niet kan worden vastgesteld welke personen precies worden geraakt.
Communicatie en hervormingsagenda
De wijziging treedt per 2027 in werking. Volgens het kabinet biedt dit werkgevers, softwareontwikkelaars en uitkeringsgerechtigden tijd om zich voor te bereiden. Vanaf september 2026 ontvangen de naar verwachting getroffen uitkeringsgerechtigden een persoonlijke brief van het UWV. Ook werkgevers, hulpverleners en salarisprofessionals worden via de Belastingdienst en het UWV geïnformeerd.
Het kabinet erkent dat de maatregel de inkomenskloof tussen werkenden en (werkende) uitkeringsgerechtigden zichtbaar maakt. Dat bredere vraagstuk wordt meegenomen in de fiscale hervormingsagenda, waarover de Tweede Kamer later dit jaar wordt geïnformeerd. Een meer fundamentele aanpassing van de arbeidskorting vergt volgens het kabinet tijd, budgettaire dekking en voldoende draagvlak. Daarom kiest het kabinet er nu voor eerst de door de Hoge Raad geconstateerde discriminatie op korte termijn weg te nemen.





Geef een reactie