• Skip to primary navigation
  • Skip to main content
  • Skip to primary sidebar
  • Skip to footer
  • Nieuwsbrief
  • Contact

Taxence

Taxence

  • Nieuws & achtergrond
    • Nieuws
    • Branchenieuws
    • Blogs
    • Verdieping
  • Thema’s
    • AI & Tax Technology
    • Arbeid & Loon
    • Belastingplan
    • BTW & Overdrachtsbelasting
    • BV & DGA
    • Duurzaamheid (ESG & CSRD)
    • Estate planning
    • Alle thema’s
  • Opleidingen
    • AI & Tax Tech
    • ESG & CSRD
    • Estate Planning
    • BTW
    • Vastgoed
    • Internationaal
    • Arbeid & Loon
    • Formeel
    • Familiebedrijven
    • VPB
    • Pensioen
  • Carrière
    • Personalia
    • Vacatures
    • Vacature toevoegen
    • Partners
  • Vakinformatie
    • NDFR
    • Addify
    • JES! Knowledge
    • Fiscaal en meer
    • Tax talks
    • Vakblad Estate Planning
    • Specials
  • Kennisbank

A1-verklaring geldt al voordat zij onherroepelijk is

11 oktober 2018 door Laura Jentink

De zogeheten A1-verklaring wijst op de sociale verzekeringsplicht van arbeidskrachten die in een ander land dan hun woonland werken. Bijvoorbeeld Rijnvarenden. Volgens de Hoge Raad is zo’n A1-verklaring al verbindend voordat zij onherroepelijk is geworden. Met een reactie van Laura Jentink.

In de zaak voor de Hoge Raad had de Sociale Verzekeringsbank (SVB) aan een Rijnvarende diverse A1-verklaringen afgegeven. Een A1-verklaring van 4 januari 2013 hield in dat op de Rijnvarende de Nederlandse wetgeving inzake sociale zekerheid van toepassing was in de periode 3 januari 2013 tot en met 31 december 2013. Een A1-verklaring van 24 juni 2014 betrof de periode van 1 januari 2013 tot en met 31 december 2014 en heeft dezelfde inhoud. De man ging in bezwaar tegen de A1-verklaring. De aanslag inkomstenbelasting voor het jaar 2013 was opgelegd toen de A1-verklaring van 24 juni 2014 niet onherroepelijk vaststond. De A1-verklaring stond evenmin onherroepelijk vast toen de Inspecteur uitspraak deed op het tegen de aanslag gerichte bezwaar. De Hoge Raad kreeg de vraag voorgelegd hoe men in zo’n geval ten aanzien
van de premieheffing moet handelen, nu de door de SVB gegeven A1-verklaring van 4 januari 2013 onherroepelijk is en evenmin is ingetrokken. Op het moment waarop het Hof de vragen voorlegde, stond de A1-verklaring van 24 juni 2014 nog steeds niet onherroepelijk vast.

 

Geen schorsing

De Hoge Raad geeft eerst aan dat de werking van de A1-verklaring niet wordt geschorst door een daartegen gericht bezwaar, beroep of hoger beroep. De inspecteur moet zich in het kader van de premieheffing dus richten naar een A1-verklaring van de SVB als die verklaring nog niet onherroepelijk vaststaat. Ditzelfde geldt voor de belastingrechter die moet oordelen over een besluit van de inspecteur met betrekking tot de premieheffing voor de Nederlandse sociale verzekeringen. Komt later vast te staan dat de A1-verklaring en daarmee ook de uitspraak onjuist waren? Dan kan de belastingrechter zijn uitspraak op verzoek herzien. Dat een A1-verklaring nog niet onherroepelijk vaststaat, kan voor de rechter aanleiding zijn om gebruik te maken van zijn bevoegdheid de (verdere) behandeling van de zaak aan te houden. Daarvoor bestaat met name grond als tegen de verklaring over de toepasselijke wetgeving een rechtsmiddel is aangewend en te verwachten valt dat de verklaring niet (ongewijzigd) in stand zal blijven. De tijd die hiermee is gemoeid, blijft buiten beschouwing bij de beoordeling of sprake is van overschrijding van de redelijke termijn voor berechting van de zaak. De periode van aanhouding is niet aan een maximum gebonden.

 

Opvolging door niet-onherroepelijke A1-verklaring

Vervolgens gaat de Hoge Raad in op de specifieke situatie dat een onherroepelijk A1-verklaring wordt gevolgd door een A1-verklaring die niet onherroepelijk vaststaat en die (deels) op dezelfde periode ziet. De Hoge Raad geeft aan dat het hof de bevoegdheid heeft om de (verdere) behandeling van de zaak aan te houden indien een A1-verklaring over de in geding zijnde periode onherroepelijk vaststaat. Maar het hof mag rekening houden met de mogelijkheid dat die verklaring geheel of ten dele zal worden ingetrokken of ongeldig zal worden verklaard naar aanleiding van (de uitkomst van) een procedure over een andere A1-verklaring. Uit de aard van de A1-verklaring vloeit voort dat het bevoegde orgaan van een lidstaat de bevoegdheid heeft op een verstrekte A1-verklaring terug te komen en daaraan de rechtskracht te ontnemen. Het hof oordeelt of aanleiding bestaat om de zaak aan te houden. Deze periode is niet aan een maximum gebonden. Het hof heeft overigens geen verplichting om in een procedure over de premieheffing te wachten op de definitieve uitkomst van een geschil over een voor die procedure relevante A1-verklaring van de SVB. 

 

Commentaar Laura Jentink

Laura Jentink is auteur van Loonzaken

Op grond van EG-verordening zijn werknemers op wie deze verordening van toepassing is, slechts aan de wetgeving van één lidstaat onderworpen. De lidstaat waarvan de wetgeving van toepassing is, verstrekt op verzoek van de werknemer of diens werkgever een zogenoemde A1-verklaring die inhoudt dat deze wetgeving van toepassing is, en die eventueel vermeldt tot welke datum en onder welke voorwaarden dit het geval is. Een dergelijke verklaring is bindend zolang deze niet is ingetrokken of ongeldig verklaard door de lidstaat waar zij is afgegeven. De heffing van de premies volksverzekeringen en de vaststelling van de verzekeringsplicht over twee bestuursorganen (Belastingdienst en SVB) en over twee rechterlijke kolommen is verdeeld. Dit maakt dat procedures betreffende internationale verzekeringsplicht tijdrovend en complex kunnen zijn.

 

Wet art. 6:16 en 8:119 Awb

Verordening: art. 5, tweede lid en 19 Verordening (EG) 987/2009

Meer informatie: Hoge Raad 5 oktober 2018, ECLI:NL:HR:2018:1725

Filed Under: Arbeid & loon, Fiscaal nieuws, Nieuws

Reageer
Vorige artikel
Geef soortaandeel uit en claim bedrijfsopvolgingsregeling
Volgende artikel
Vooraankondiging arresten Hoge Raad 12 oktober 2018

Reader Interactions

Gerelateerde berichten

schijnzelfstandigheid; opheffen handhaningsmoratorium

Kabinet schrapt deel zzp-wet

Het kabinet wil de onrust rond nieuwe wetgeving voor zelfstandigen verminderen. Daarom wordt een deel van het wetsvoorstel Verduidelijking beoordeling arbeidsrelaties en rechtsvermoeden (Vbar) geschrapt en wordt gewerkt aan een nieuwe Zelfstandigenwet.

dga-salaris

Evaluatie gebruikelijkloonregeling

Het kabinet ziet op dit moment geen aanleiding om het normbedrag generiek te verhogen of te differentiëren. Staatssecretaris Eerenberg licht de uitkomsten van het vervolgonderzoek over de gebruikelijkloonregeling toe. De gebruikelijkloonregeling verplicht een dga om een zakelijk arbeidsinkomen in aanmerking te nemen en daarover loonheffing in box 1 te betalen. Het gebruikelijk loon is het... lees verder

salaris

3e uitgave cijferbijlage Nieuwsbrief Loonheffingen 2026 gepubliceerd

De Belastingdienst heeft in de bijlage met de tarieven, bedragen en percentages loonheffingen vanaf 1 januari 2026 tabel 15 (Loonkostenvoordelen) aangepast.

salaris

Gebruikelijk loon dga volgt meest verdienende werknemer

Rechtbank Den Haag oordeelt dat de inspecteur het gebruikelijk loon van een dga terecht heeft vastgesteld op het loon van de best verdienende werknemer.

minimumjeugdlonen per 1 januari 2024

Besluit premie arbeidsinschakeling geen loon in 2026

Dit besluit bevestigt dat een in 2026 betaalde premie arbeidsinschakeling aan bijstandsgerechtigde jongeren onder de 27 jaar niet tot het loon voor de loonbelasting behoort. Hiermee wordt vooruitgelopen op de per 1 januari 2027 in werking tredende wijziging van de Participatiewet.

Geef een reactie Reactie annuleren

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Primary Sidebar

Opleidingen

Verdiepingscursus Internationale aspecten loonheffing

Online cursus introductie participatieregelingen en lucratieve belangen

Online cursus Gebruikelijk loon 2026

Masterclass Management- en werknemersparticipatie

AGENDA

Online Basistraining AI voor de fiscale praktijk

Masterclass Inbreng in en terugkeer uit de BV

Masterclass Vastgoedfiscaliteiten

Online cursus Vennootschapsbelastingplicht stichtingen & verenigingen

Masterclass De positie van de samenwoner in de inkomstenbelasting, relatievermogensrecht en vermogensplanning – Civiel en fiscaal

Online cursus De positie van het kind in het erfrecht en estate planning – Civiel en fiscaal

Online cursus introductie participatieregelingen en lucratieve belangen

Online cursus Staken van de onderneming: (turbo)liquidatie, WHOA liquidatie akkoord

Basistraining AI voor de fiscale praktijk

Congres Estate Planning 2026

Meer opleidingen

Footer

  • Fiscaal nieuws
  • Opleidingen
  • Kennisbank
  • Vacatures
  • Over ons
  • Adverteren op Taxence
  • NDFR
  • JES! (ESG producten)
  • Fiscaal en meer
  • Addify
  • Tax Talks
  • Register Estate Planners (REP)
  • Contact
  • Linkedin
  • X
  • Facebook
  • Aanmelden nieuwsbrief
  • Naar Lefebvre Sdu Webshop

Taxence is een uitgave van
Lefebvre Sdu
Maanweg 174
2516 AB Den Haag

Powered by Lefebvre Sdu

  • Disclaimer
  • Privacy Statement en Cookiebeleid
lefebvre SDU

Het laatste nieuws van
Taxence in je mail?

×