• Skip to primary navigation
  • Skip to main content
  • Skip to primary sidebar
  • Skip to footer
  • Nieuwsbrief
  • Contact

Taxence

Taxence

  • Nieuws & achtergrond
    • Nieuws
    • Branchenieuws
    • Blogs
    • Verdieping
  • Thema’s
    • AI & Tax Technology
    • Arbeid & Loon
    • Belastingplan
    • BTW & Overdrachtsbelasting
    • BV & DGA
    • Duurzaamheid (ESG & CSRD)
    • Estate planning
    • Alle thema’s
  • Opleidingen
    • AI & Tax Tech
    • ESG & CSRD
    • Estate Planning
    • BTW
    • Vastgoed
    • Internationaal
    • Arbeid & Loon
    • Formeel
    • Familiebedrijven
    • VPB
    • Pensioen
  • Carrière
    • Personalia
    • Vacatures
    • Vacature toevoegen
    • Partners
  • Vakinformatie
    • NDFR
    • Addify
    • JES! Knowledge
    • Fiscaal en meer
    • Tax talks
    • Vakblad Estate Planning
    • Specials
  • Kennisbank

HR: overgangsrecht privégebruik auto van de zaak legitiem

16 januari 2019 door michel halters - heleen elbert

Voor auto’s met een datum van eerste toelating in Nederland na 1 januari 2017 geldt het 22%-tarief. Voor oudere auto’s geldt het tarief van 25%. De Hoge Raad oordeelt dat de wetgever met het treffen van deze overgangsregeling niet een regeling heeft getroffen die van elke redelijke grond is ontbloot. Mr. Heleen Elbert, fiscaal jurist en promovenda autobelastingen aan de Erasmus Universiteit geeft een reactie.

Een werknemer kreeg in 2015 van zijn werkgever een Opel Zafira Tourer met als datum eerste toelating 21 augustus 2015 ter beschikking gesteld. Voor het tijdvak januari 2017 paste de werkgever het 25%-tarief toe voor de bijtelling. Zou de werknemer een auto met eerste datum toelating vanaf 1 januari 2017 ter beschikking gesteld hebben gekregen, dan zou de bijtelling 22% van de cataloguswaarde zijn geweest. Bij de Hoge Raad is in geschil of de wettelijke overgangsregeling in strijd is met Europeesrechtelijke verdragsrechtelijke beginselen.

 

Oordeel Hoge Raad

De Hoge Raad oordeelt dat na een wetswijziging altijd een onderscheid gemaakt moet worden tussen gevallen die zich vóór dan wel na het tijdstip voordoen waarop de nieuwe regeling van toepassing is. Dit onderscheid is geen discriminatie, omdat de wetgever anders geen mogelijkheid zou hebben om nieuwe wetten in te voeren. Er is alleen sprake van discriminatie als de door de wetgever gemaakte keuze voor een overgangsregeling van elke redelijke grond is ontbloot. De Hoge Raad komt met een aantal factoren waarom dat volgens hem niet zo is. Ten eerste is beoogd aan te sluiten bij actuele ontwikkelingen ter zake van factoren voor privégebruik en de kosten van auto’s van de zaak die van invloed zijn op de benadering van de gemiddelde waarde van het voordeel van het privégebruik. Ten tweede te verhinderen dat een auto die voor 2017 in het buitenland in gebruik is genomen, wel in aanmerking zou komen voor de 22%-bijtelling en een auto die voor 2017 te naam is gesteld in het kentekenregister niet. Ten derde de complexiteit van de uitvoering van de regeling te beperken en als laatste argument rechtszekerheid te bieden aan automobilisten die voor 1 januari 2017 een leasecontract zijn aangegaan tegen het bijtellingstarief waarvan bij de keuze van de auto is uitgegaan. Volgens de Hoge Raad is het overgangsrecht voor de bijtelling van de auto van de zaak dus niet evident van elke redelijke grond ontbloot.

 

Reactie mr. Heleen Elbert

'Dat ik heel verbaasd ben over dit arrest kan ik niet zeggen. De wetgever heeft nu eenmaal heel ruime mogelijkheden om de wet aan te passen. Is de verlaging van de bijtelling dan echt zo onredelijk? Dat denk ik niet, hij is al jaren (te) hoog, en sinds 1 januari 2017 dan eindelijk iets minder hoog. Wel is het sneu voor iedereen die in een zuinige auto van de zaak rijdt en net nog onder het percentage van 25 valt. Een veel voorkomend misverstand is dat dit percentage ook voor die auto's na 60 maanden verlaagd wordt naar 22. Vergeet het maar: op grond van de overgangsregeling van art. 36c Wet LB en de tegenhanger in 10.a.4. Wet IB blijft het forfait voor al deze auto's eeuwigdurend (in ieder geval tot de volgende wetswijziging) 25%. Dat dit eenvoudiger is voor de uitvoeringspraktijk en dat de wetgever toch ergens een datum moet prikken kan ik volgen. Ook het argument dat men tijdig op de hoogte is gesteld van de verlaging snap ik. Hoewel ik er wel op wil wijzen dat niet iedereen de vrije keuze heeft om te bepalen wanneer een auto van de zaak wordt aangeschaft. Waarom de toelaatbaarheid van het overgangsrecht gekoppeld wordt aan het voorkomen dat buitenlandse auto's een voordeel genieten snap ik niet helemaal. In mijn ogen zou het sowieso discriminatie zijn wanneer een uit het buitenland afkomstige auto gunstiger wordt behandeld dan een vanaf het begin in Nederland rijdende auto. Daar is die overgangsregeling volgens mij helemaal niet voor nodig (maar wel makkelijk, geef ik toe). Voor de bepaling van de cataloguswaarde of het geldende kortingspercentage op de bijtelling maakt de buitenlandse afkomst bijvoorbeeld ook niet uit. Ook het argument van de rechtszekerheid in combinatie met een tariefsverlaging vind ik nog wat lastig te behappen: ik zou mijn rechtszekerheid in dit geval graag opgeven wanneer dit betekent dat ik in een gunstiger belastingtarief val, u niet? Enfin, dit maakte bij de verlaging van de overdrachtsbelasting ook niet uit. De wetgever is volgens de Hoge Raad binnen de lijntjes gebleven, en dat is dat.'

 

Heleen Elbert is bestuurslid van de Vereniging Zakelijke Rijders. Dit commentaar is op persoonlijke titel geschreven.

 

In dezelfde zin Hoge Raad 11 januari 2019, ECLI:NL:HR:2019:32

 

Wet: art. 13bis en 36c lid 1 Wet LB 1964, art. 14 en art. 1 EP EVRM en art. 26 IVBPR

Meer informatie: Hoge Raad 11 januari 2019, ECLI:NL:HR:2019:1

Filed Under: Auto, Fiscaal nieuws, Nieuws

Reageer
Vorige artikel
75% zelfde economische functie, 75% van offerte reserveren
Volgende artikel
Vooraankondiging arresten 18 januari 2019

Reader Interactions

Gerelateerde berichten

vrachtwagen snelweg

Tijdelijke verlaging tarieven vrachtwagenheffing per 1 september 2026

Dit besluit voorziet in een tijdelijke verlaging van de tarieven van de vrachtwagenheffing. De maatregel wordt vooruitlopend op een wetswijziging ingevoerd om de transportsector tegemoet te komen vanwege de sterk gestegen brandstofprijzen als gevolg van het conflict in het Midden-Oosten. De Wet vrachtwagenheffing treedt op 1 juli 2026 in werking. Op grond van deze wet... lees verder

laadkosten auto van de zaak

Nieuwe heffing maakt brandstoflease vanaf 2027 fors duurder

Vanaf 2027 wordt het voor werkgevers aanzienlijk duurder om werknemers in een benzine- of hybride leaseauto te laten rijden. Het kabinet voert dan een nieuwe heffing in, officieel de pseudo-eindheffing genoemd, die bedoeld is om elektrisch rijden verder te stimuleren. Werkgevers moeten vanaf 1 januari 2027 maandelijks 1 procent van de cataloguswaarde van nieuwe niet-elektrische... lees verder

vrachtwagen verblijfskosten eigen rijders

Tijdelijke verlaging motorrijtuigenbelasting voor bestelauto’s en vrachtauto’s

Door de stijgende brandstofprijzen als gevolg van de oorlog in het Midden-Oosten verlaagt het kabinet tijdelijk de motorrijtuigenbelasting voor bepaalde voertuigen. De maatregel gaat in op 1 juli 2026 en geldt tot 1 januari 2027. De tijdelijke verlaging is van toepassing op bestelauto’s waarvoor het ondernemerstarief geldt en op vrachtauto’s.

kilometervergoeding

Ondernemers kunnen online bpm-aangifte doen met eHerkenning

Ondernemers die zelf aangifte bpm doen, kunnen sinds 20 mei 2026 online bpm-aangifte doen met eHerkenning. Dit geldt voor nieuwe motorrijtuigen en voor gebruikte motorrijtuigen waarvoor aangifte wordt gedaan met de forfaitaire tabel.

bestelbus

Standpunt teruggaaf BPM bij export bestelauto ouder dan vijf jaar geactualiseerd

De Kennisgroep auto heeft een standpunt geactualiseerd. Het standpunt betreft een vraag over het recht op teruggaaf van BPM bij export van een bestelauto ouder dan vijf jaar met datum eerste toelating voor 1 januari 2025, waarvoor BPM op aangifte is betaald. Het standpunt met nummer KG-BPM-2017-160 (document ID 333432) wordt hierbij ingetrokken.

Geef een reactie Reactie annuleren

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Primary Sidebar

Opleidingen

Online cursus Auto van de zaak

Online cursus Auto van de zaak

AGENDA

Online Basistraining AI voor de fiscale praktijk

Online cursus De positie van het kind in het erfrecht en estate planning – Civiel en fiscaal

Online cursus BTW, factuurvereisten en ViDA

Verdiepingscursus Tweetrapsmakingen opzetten en afwikkelen

Stoomcursus Tax accounting

Online cursus De positie van het kind in het erfrecht en estate planning – Civiel en fiscaal

Online cursus afwaarderen & kwijtschelden van vorderingen

Masterclass Belastingcontrole met steekproeven vs Tax Monitoring

Online cursus Afwikkeling van overnameregelingen in firmacontract en statuten

Verdiepende AI training voor de fiscale praktijk

Meer opleidingen

Footer

  • Fiscaal nieuws
  • Opleidingen
  • Kennisbank
  • Vacatures
  • Over ons
  • Adverteren op Taxence
  • NDFR
  • JES! (ESG producten)
  • Fiscaal en meer
  • Tax Talks
  • Register Estate Planners (REP)
  • Contact
  • Linkedin
  • X
  • Facebook
  • Aanmelden nieuwsbrief
  • Naar Lefebvre Sdu Webshop

Taxence is een uitgave van
Lefebvre Sdu
Maanweg 174
2516 AB Den Haag

Powered by Lefebvre Sdu

  • Disclaimer
  • Privacy Statement en Cookiebeleid
lefebvre SDU

Het laatste nieuws van
Taxence in je mail?

Aanmelden

 

×