• Skip to primary navigation
  • Skip to main content
  • Skip to primary sidebar
  • Skip to footer
  • Nieuwsbrief
  • Contact

Taxence

Taxence

  • Nieuws & achtergrond
    • Nieuws
    • Branchenieuws
    • Blogs
    • Verdieping
  • Thema’s
    • AI & Tax Technology
    • Arbeid & Loon
    • Belastingplan
    • BTW & Overdrachtsbelasting
    • BV & DGA
    • Duurzaamheid (ESG & CSRD)
    • Estate planning
    • Alle thema’s
  • Opleidingen
    • AI & Tax Tech
    • ESG & CSRD
    • Estate Planning
    • BTW
    • Vastgoed
    • Internationaal
    • Arbeid & Loon
    • Formeel
    • Familiebedrijven
    • VPB
    • Pensioen
  • Belastingplan
  • Carrière
    • Personalia
    • Vacatures
    • Vacature toevoegen
    • Partners
  • Vakinformatie
    • NDFR
    • Addify
    • JES! Knowledge
    • Fiscaal en meer
    • Tax talks
    • Vakblad Estate Planning
    • Specials
  • Kennisbank

Schadevergoeding voor kennelijk onredelijk ontslag belast

13 maart 2019 door michel halters - marlies kastelein

Heeft een werknemer in 2013 ontslag gekregen en heeft hij in 2014 een schadeloosstelling ontvangen? Dan is onder voorwaarden de stamrechtvrijstelling op die schadeloosstelling van toepassing en kan de ex-werkgeefster de schadeloosstelling zonder inhoudingen uitbetalen. Mr. Marlies Kastelein geeft een reactie.

Een werknemer werd in 2013 per direct door zijn werkgever ontslagen. In mei 2013 ontving de man een ontslagvergoeding. Na goedkeuring door de Belastingdienst is hierop de stamrechtvrijstelling toegepast en door de ex-werkgeefster zonder inhoudingen gestort in de stamrecht-B.V. van de werknemer. De ex-werkgeefster was door de werknemer in februari 2014 gedagvaard. De rechter veroordeelde de ex-werkgeefster tot betaling van een schadevergoeding vanwege kennelijk onredelijke opzegging. Bij de uitbetaling hield de ex-werkgeefster loonheffingen in.

 

Verwachting

In geschil bij de Hoge Raad is of het overgangsrecht voor het vervallen van de stamrechtvrijstelling van toepassing is. Volgens de Hoge Raad is van belang dat in 2013 de werknemer slechts een verwachting had dat hij een vergoeding zou gaan ontvangen vanwege een kennelijk onredelijk ontslag. Pas in 2014 na de uitspraak door de civiele rechter is sprake van een belaste bate. Ook komt pas in 2014 vast te staan dat schadevergoeding werd gebruikt voor een aanspraak op periodieke uitkeringen ter vervanging van gederfd of te derven loon. Voor het overgangsrecht is van belang dat de aanspraak op de schadeloosstelling op 31 december 2013 voldoende bepaald of bepaalbaar is. De stamrechtovereenkomst moet voor 1 januari 2014 getekend zijn en hierin moet het bedrag van de schadeloosstelling staan. De Hoge Raad onderschrijft het oordeel van het hof dat geen sprake is van een bestaande aanspraak op 31 december 2013, omdat deze nog niet bepaald is of bepaalbaar. De wetgever heeft in de overgangsregeling gekozen voor heldere eisen, waaraan de werknemer niet voldeed. Conclusie is dat de ex-werkgeefster in 2014 terecht loonheffingen heeft ingehouden op de schadeloosstelling vanwege kennelijk onredelijk ontslag.

 

Reactie Marlies Kastelein

‘Civielrechtelijk worden zowel de ontslagvergoeding ex art. 7:681 BW als de wettelijke rente ex art. 6:119 en 6:83, aanhef en onder b BW verschuldigd en opeisbaar op de datum van het onrechtmatige ontslag. Fiscaal worden inkomsten echter geacht te zijn genoten op het tijdstip waarop zij zijn ontvangen of verrekend, ter beschikking gesteld, rentedragend zijn geworden of vorderbaar en tevens inbaar zijn geworden. Fiscaal wordt tot uitgangspunt genomen dat het bedrag van de ontslagvergoeding vast moet staan, wil een genietingsmoment kunnen worden geconstateerd. Moratoire interessen maken niet dat de ontslagvergoeding geacht moet worden op een eerder moment te zijn genoten, ook niet al loopt de rente vanaf de ontslagdatum. De hoogte van deze wettelijke rente wordt fiscaal geacht op hetzelfde moment vorderbaar en inbaar te zijn geworden als de ontslagvergoeding zelf.

Het was te verwachten dat de Hoge Raad zich zou aansluiten bij het eensluidend oordeel van de rechtbank, het hof en de A-G. De Hoge Raad is niet snel geneigd tot ‘omgaan’, en het genietingstijdstip wordt al sinds jaar en dag op dezelfde wijze benaderd. Gelet op de samenhang tussen de loon- en inkomstenbelasting is het niet voor de hand liggend dat voor de loonbelasting een ander genietingstijdstip kan worden geconstateerd dan voor de inkomstenbelasting. De voor de inkomstenbelasting gewezen jurisprudentie van de Hoge Raad is dan ook tevens richtinggevend voor de loonbelasting.

In de parlementaire geschiedenis van Belastingplan 2014 is geventileerd dat aard en omvang van het stamrecht op 31 december 2013 voldoende bepaald of bepaalbaar moesten zijn, wilde men in 2014 nog gebruik kunnen maken van de stamrechtvrijstelling in de loonbelasting. De Hoge Raad heeft geoordeeld dat dit niet het geval is als het bedrag van de aanspraak nog niet vaststaat. Daarmee valt voor belanghebbende het doek.’

 

Mr. Marlies Kastelein is werkzaam bij Meijburg & Co Belastingadviseurs.

Binnenkort is haar uitgebreide commentaar te lezen in het NTFR. Nog geen abonnee? Klik dan hier om 3 maanden kennis te maken met NTFR.

 

Wet: art. 11, lid 1, onderdeel g Wet LB 1964 (tekst 2013) en art. 39f lid 1 Wet LB 1964

Meer informatie: Hoge Raad 8 maart 2019, ECLI:NL:HR:2019:266

Filed Under: Arbeid & loon, Financiële planning, Fiscaal nieuws, Nieuws

Reageer
Vorige artikel
A-G: Perpetual security is fiscaal gezien lening
Volgende artikel
Besluit deelnemingsvrijstelling geactualiseerd

Reader Interactions

Gerelateerde berichten

lijfrente

Terugwerkende kracht maakt pensioen niet eerder genoten

De Hoge Raad oordeelt dat pensioenuitkeringen niet met terugwerkende kracht vorderbaar en inbaar kunnen worden. Ook kan een te laat vastgestelde pensioeningangsdatum niet zonder meer met terugwerkende kracht voldoen aan de uiterste ingangsdatum voor pensioen.

echtscheiding

Tariefbeperking pensioenverrekening niet discriminerend

De Hoge Raad oordeelt dat de tariefbeperking voor aftrek van doorbetaald pensioen bij een scheiding van vóór 1 mei 1995 niet in strijd is met het discriminatieverbod. Pensioenverrekening volgens het arrest Boon/Van Loon en pensioenverevening op grond van de Wet verevening pensioenrechten bij scheiding zijn voor deze regeling geen gelijke gevallen.

Duitse pensioenen deels belast in Nederland

Hof ’s-Hertogenbosch oordeelt dat een Duits ambtenarenpensioen volledig en een Duitse Altersrente gedeeltelijk in box 1 belastbaar zijn. Omdat de inspecteur beide pensioenen volledig heeft vrijgesteld, zijn de aanslagen eerder te laag dan te hoog vastgesteld.

arbeidsrecht

Standpunt Kennisgroep ROW geactualiseerd

De Kennisgroep ROW heeft standpunt KG:059:2025:3 geactualiseerd. In de geactualiseerde versie is een verwijzing opgenomen naar het standpunt van de kennisgroep aanmerkelijk belang met nummer KG:003:2026:4.

lijfrente

Standpunt looptijd bancaire nabestaandenlijfrente voor kind dat bijna 30 jaar is

De Kennisgroep verzekeringsproducten en assurantiebelasting heeft vragen beantwoord over de looptijd van een bancaire nabestaandenlijfrente wanneer het tegoed door overlijden van de rekeninghouder toekomt aan een kind dat bijna dertig jaar oud is.

Geef een reactie Reactie annuleren

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Primary Sidebar

Opleidingen

Masterclass Management- en werknemersparticipatie

Pitstop Actualiteiten Loonheffing

Online cursus Gebruikelijk loon 2026

Online cursus introductie participatieregelingen en lucratieve belangen

Webinar zzp dossier, wanneer is er wel of niet sprake van schijnzelfstandigheid?

Opleidingen

Masterclass Vermogen in box 1, 2 en 3: de afwegingen

Masterclass Actualiteiten vermogensstructurering 2025

Specialisatieopleiding Vermogensstructurering

Future Fit Professionals

Masterclass Actualiteiten vermogensstructurering 2026

AGENDA

Stoomcursus Erfrecht – Civiel en fiscaal – Het hele erfrecht in één dag!  | PE Accreditatie

Basiscursus Estate planning | PE Accreditatie

Specialisatieopleiding Vermogensstructurering

Specialisatieopleiding Estate Planning | PE Accreditatie

Webinar Fiscale wijzigingen 2027 | PE Accreditatie

Online cursus Btw-aangifte | PE Accreditatie

Online cursus Staken van de onderneming: (turbo)liquidatie, WHOA liquidatie akkoord | PE Accreditatie

Masterclass Overdrachtsbelasting | PE Accreditatie

Online Basistraining AI voor de fiscale praktijk

Online cursus Technisch aanmerkelijk belang | PE Accreditatie

Meer opleidingen

Footer

  • Fiscaal nieuws
  • Opleidingen
  • Kennisbank
  • Vacatures
  • Over ons
  • Adverteren op Taxence
  • NDFR
  • JES! (ESG producten)
  • Fiscaal en meer
  • Tax Talks
  • Register Estate Planners (REP)
  • Contact
  • Linkedin
  • X
  • Facebook
  • Aanmelden nieuwsbrief
  • Naar Lefebvre Sdu Webshop

Taxence is een uitgave van
Lefebvre Sdu
Maanweg 174
2516 AB Den Haag

Powered by Lefebvre Sdu

  • Disclaimer
  • Privacy Statement en Cookiebeleid
lefebvre SDU

Het laatste nieuws van
Taxence in je mail?

Aanmelden

 

×