• Skip to primary navigation
  • Skip to main content
  • Skip to primary sidebar
  • Skip to footer
  • Nieuwsbrief
  • Contact

Taxence

Taxence

  • Nieuws & achtergrond
    • Nieuws
    • Branchenieuws
    • Blogs
    • Verdieping
  • Thema’s
    • AI & Tax Technology
    • Arbeid & Loon
    • Belastingplan
    • BTW & Overdrachtsbelasting
    • BV & DGA
    • Duurzaamheid (ESG & CSRD)
    • Estate planning
    • Alle thema’s
  • Opleidingen
    • AI & Tax Tech
    • ESG & CSRD
    • Estate Planning
    • BTW
    • Vastgoed
    • Internationaal
    • Arbeid & Loon
    • Formeel
    • Familiebedrijven
    • VPB
    • Pensioen
  • Carrière
    • Personalia
    • Vacatures
    • Vacature toevoegen
    • Partners
  • Vakinformatie
    • NDFR
    • Addify
    • JES! Knowledge
    • Fiscaal en meer
    • Tax talks
    • Vakblad Estate Planning
    • Specials
  • Kennisbank

Aftrek pensioenpremie en vervroegd ingaan pensioen

20 december 2019 door

Aftrek pensioenpremie en vervroegd ingaan pensioen

Het Centraal Aanspreekpunt Pensioenen heeft onlangs twee nieuwe V&A-besluiten inzake pensioen gepubliceerd. V&A 19-010 heeft betrekking op de vraag of de door een werknemer aan een beroepspensioenfonds betaalde pensioenpremie in de aangifte IB als negatief loon kan worden opgenomen.

In V&A 19-008 wordt antwoord gegeven op de vraag van welke voor 2025 geldende AOW-leeftijd kan worden uitgegaan voor de periode van vijf jaar vóór de AOW-leeftijd waarin de pensioenuitkeringen vervroegd kunnen ingaan terwijl de werknemer doorwerkt.

V&A 19-010

In een aantal situaties betalen werknemers die deelnemen aan de pensioenregeling van een beroepspensioenfonds zelf de pensioenpremie aan dat fonds. Deze premie komt dan niet in mindering op het in de loonheffing betrokken loon uit de dienstbetrekking. Ook krijgen deze werknemers geen vergoeding van de werkgever voor de betaalde pensioenpremie. In een nieuw V&A-besluit geeft het Centraal Aanspreekpunt Pensioenen aan dat de werknemer de betaalde pensioenpremie in de aangifte inkomstenbelasting als negatief loon kan opnemen. Voorwaarde is wel dat de pensioenregeling waarvoor de premie is betaald, blijft binnen de grenzen die zijn opgenomen in de Wet op de loonbelasting 1964 (hoofdstuk IIB en VIII) en de daarop gebaseerde regelgeving.

Krijgt de werknemer voor de aan het beroepspensioenfonds betaalde pensioenpremie een vergoeding van de werkgever, dan behoort deze vergoeding tot het loon uit de dienstbetrekking. De werknemer kan de betaalde pensioenpremie vervolgens als negatief loon opnemen in de aangifte IB. De door een ondernemer voor de deelname aan een beroepspensioenregeling betaalde pensioenpremie kan met inachtneming van de regels van art. 3.18 Wet IB 2001 in aftrek worden gebracht bij het bepalen van de winst uit onderneming.

V&A 19-008

Een werknemer wil de uitkeringen van het ouderdomspensioen op zijn 62ste verjaardag (1 december 2020) vervroegd laten ingaan. De werknemer wil blijven werken na de vervroegde ingang van de pensioenuitkeringen. Kan de werkgever, met gebruikmaking van de tegemoetkoming van onderdeel 6 van het Verzamelbesluit pensioenen (Stcrt. 2018, 68653), zijn pensioen vervroegd laten ingaan? Volgens het besluit is dit mogelijk. In zijn brief van 1 november 2019 heeft de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid aangegeven dat de AOW-leeftijd na het verwerken van de in het pensioenakkoord van 5 juni 2019 over de AOW-leeftijd gemaakte afspraken, ook in 2025 op 67 jaar zal worden vastgesteld.

Op de beoogde vervroegde ingangsdatum van de pensioenuitkeringen is de werknemer 62 jaar. Bij de vervroegde ingang van het pensioen heeft hij dus de leeftijd bereikt die vijf jaar lager is dan de voor de hem geldende AOW-leeftijd. De werknemer voldoet bij de vervroegde ingang van de pensioenuitkeringen aan de voorwaarden van de tegemoetkoming van onderdeel 6 van het Verzamelbesluit pensioenen.

Meer informatie:

Centraal Aanspreekpunt Pensioenen 11 december 2019, V&A 19-010 en 17 december 2019, V&A 19-008; MvF 11 december 2019, nr. 2018-28514 (Stcrt. 2018, 68653); TK 2019-2020, 32163, nr. 48

Wet: art. 3.18 Wet IB 2001; art. 18 e.v. Wet LB 1964

Filed Under: Financiële planning, Fiscaal nieuws, Nieuws

Reageer
Vorige artikel
Beperking van belastingvoordelen voor brievenbusmaatschappijen
Volgende artikel
Loonaangifte 2020 alleen via eHerkenning of DigiD

Reader Interactions

Gerelateerde berichten

opstal waarde woning eigenwoningregeling

Onderlinge verdeling eigen woning wijzigen bij navordering

De Hoge Raad oordeelt dat een belastingplichtige en zijn partner een aanvankelijk gekozen onderlinge verdeling van een gemeenschappelijk inkomensbestanddeel mogen wijzigen zolang de navorderingsaanslagen van beiden nog niet onherroepelijk vaststaan. Die mogelijkheid geldt niet alleen voor het inkomensbestanddeel waarop de navordering ziet.

bedrag ineens pensioen

Standpunt pensioenvrijstelling Vpb

In samenwerking met de Kennisgroep pensioenen heeft de Kennisgroep belastingplicht en kwalificatie rechtsvormen de vraag beantwoord of een voorwaarde van een minimumleeftijd of van een minimum loonbedrag voor deelname aan een pensioenregeling voor een buitenlands pensioenlichaam in de weg staat aan de toepassing van artikel 5, eerste lid, onderdeel b, Wet Vpb 1969.

Vragen en antwoorden formulier Opgaaf werkelijk rendement geactualiseerd

Op het Forum Fiscaal Dienstverleners is een nieuwe versie geplaatst van het Vraag en antwoorden formulier Opgaaf werkelijk rendement.

bedrag ineens pensioen

Nieuw V&A 26-006 Invaren ongehuwd ouderdomspensioen

Het Centraal Aanspreekpunt Pensioenen heeft V&A 26-006 gepubliceerd waarin twee vragen over het invaren van een opgebouwd ongehuwd ouderdomspensioen worden behandeld.

box 3

Standpunt voorkomingsartikel in Verdrag Nederland – België 2001

De kennisgroep IBR IB niet-winst/LB/PH aanslag heeft een standpunt ingenomen over de berekening van de voorkoming van dubbele belasting onder het belastingverdrag tussen Nederland en België. Meer specifiek over de vraag of een schuld die verband houdt met een in België gelegen onroerende zaak, maar niet is verzekerd met een recht van hypotheek, in aanmerking wordt genomen bij de berekening.

Geef een reactie Reactie annuleren

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Primary Sidebar

Opleidingen

Masterclass Actualiteiten vermogensstructurering 2025

Online cursus toepassing box 3 in de praktijk

Masterclass Actualiteiten vermogensstructurering 2026

Future Fit Professionals

Masterclass Vermogen in box 1, 2 en 3: de afwegingen

AGENDA

Online cursus CV en bedrijfsopvolging

Online cursus Schenken en lenen in familieverband

Meerdaagse opleiding Vastgoedfiscaliteiten

Stoomcursus AI voor Fiscale professionals

Online cursus toepassing box 3 in de praktijk

Future Fit Professionals

Stoomcursus btw en internationaal zakendoen

Online cursus Immigrerende DGA’s: fiscale gevolgen en sociale zekerheid bij migratie naar Nederland

Online Basistraining AI voor de fiscale praktijk

Online cursus BTW, factuurvereisten en ViDA

Meer opleidingen

Footer

  • Fiscaal nieuws
  • Opleidingen
  • Kennisbank
  • Vacatures
  • Over ons
  • Adverteren op Taxence
  • NDFR
  • JES! (ESG producten)
  • Fiscaal en meer
  • Tax Talks
  • Register Estate Planners (REP)
  • Contact
  • Linkedin
  • X
  • Facebook
  • Aanmelden nieuwsbrief
  • Naar Lefebvre Sdu Webshop

Taxence is een uitgave van
Lefebvre Sdu
Maanweg 174
2516 AB Den Haag

Powered by Lefebvre Sdu

  • Disclaimer
  • Privacy Statement en Cookiebeleid
lefebvre SDU

Het laatste nieuws van
Taxence in je mail?

Aanmelden

 

×