• Skip to primary navigation
  • Skip to main content
  • Skip to primary sidebar
  • Skip to footer
  • Nieuwsbrief
  • Contact

Taxence

Taxence

  • Nieuws & achtergrond
    • Nieuws
    • Branchenieuws
    • Blogs
    • Verdieping
  • Thema’s
    • AI & Tax Technology
    • Arbeid & Loon
    • Belastingplan
    • BTW & Overdrachtsbelasting
    • BV & DGA
    • Duurzaamheid (ESG & CSRD)
    • Estate planning
    • Alle thema’s
  • Opleidingen
    • AI & Tax Tech
    • ESG & CSRD
    • Estate Planning
    • BTW
    • Vastgoed
    • Internationaal
    • Arbeid & Loon
    • Formeel
    • Familiebedrijven
    • VPB
    • Pensioen
  • Carrière
    • Personalia
    • Vacatures
    • Vacature toevoegen
    • Partners
  • Vakinformatie
    • NDFR
    • Addify
    • JES! Knowledge
    • Fiscaal en meer
    • Tax talks
    • Vakblad Estate Planning
    • Specials
  • Kennisbank

Potentiële verbeuring onvoldoende om erfenis te verlagen

1 juni 2021 door Remco Latour

Het tegenover andere deelgenoten verzwijgen van goederen in een gemeenschap kan reden zijn om het aandeel van de verzwijger verbeurd te verklaren. In sommige omstandigheden ligt een verbeurdverklaring minder voor de hand. Dat is evenmin een reden om de nalatenschap van de verzwijger te verlagen met zijn aandeel in het verzwegen vermogen.

Een echtpaar was in algehele gemeenschap van goederen gehuwd. De man had in zijn testament zijn echtgenote en zijn kinderen aangewezen als erfgenamen. Het testament bevatte een ouderlijke boedelverdeling. Daarnaast zou de echtgenote de inboedel die zij gebruikte en alle goederen uit de erfenis als legaat kunnen krijgen als zij de erfenis verwierp. Zij moest dan wel de waarde van die gelegateerde goederen inbrengen in de nalatenschap. Toen de man in 1995 overleed, verwierp zijn weduwe inderdaad haar erfdeel. In plaats daarvan aanvaardde zij het legaat van inboedel en vruchtgebruik. Nu had het echtpaar een tegoed bij een Zwitserse bank, dat zij nooit hadden opgegeven. De moeder voegde een deel van dat vermogen toe aan een depot op haar naam. Begin 2000 bracht zij vervolgen dit vermogen onder in twee Liechtensteinse stichtingen (Stiftungen).

Overlijden moeder

Toen de moeder in 2006 overleed, maakten haar erfgenamen evenmin melding van het buitenlandse vermogen. Maar in 2014 gaven zij dat vermogen toch op in het kader van de inkeerregeling. De Belastingdienst legde de erfgenamen daarop navorderingsaanslagen successierecht (de voorloper van de erfbelasting) op. Daarbij heeft de fiscus het zuivere saldo van de nalatenschap van de moeder verhoogd met het vermogen van de Stiftungen. Daarentegen is die nalatenschap ook weer verminderd met de helft van het buitenlandse vermogen ten tijde van het overlijden van de vader. Naar aanleiding van een bezwaarschrift verlaagde de fiscus de nalatenschap van de moeder nog met een rentevordering en inkomstenbelastingschuld. Maar verdere verlagingen zijn volgens zowel de inspecteur als Rechtbank Gelderland niet nodig. Zie ook: NTFR 2020/1754 met annotatie van mr. A. de Vries.

Beroep op verbeurd aandeel

De erfgenamen proberen alsnog hun gelijk te behalen bij Hof Arnhem-Leeuwarden. Zij wijzen op een bepaling in het Burgerlijk Wetboek. Deze bepaling ziet op de situatie waarin een deelgenoot opzettelijk tot de gemeenschap behorende goederen verzwijgt, zoek maakt of verborgen houdt. In dat geval verbeurt die deelgenoot zijn aandeel in die goederen aan de andere deelgenoten. Volgens de erfgenamen heeft hun moeder door de buitenlandse rekening te verzwijgen haar aandeel in de erfenis met betrekking tot dat vermogen verbeurd. Dat de erfgenamen op haar sterfbed alsnog hoorden van het buitenlandse vermogen, doet daar niets aan af.

Sanctie niet ingeroepen

Maar het hof gaat niet mee in de redenering van de erfgenamen. Tussen de erfgenamen bestaat immers een bijzondere relatie: moeder, kinderen en kleinkinderen. In deze situatie vindt de verbeuring niet van rechtswege plaats, maar pas als de (klein)kinderen deze zware sanctie willen inroepen. In deze zaak blijkt niet dat een erfgenaam deze sanctie heeft ingeroepen. Alleen daarom al is geen reden om de nalatenschap van de moeder te verlagen met een schuld vanwege verbeuring.

Wet: art. 3:194, tweede lid BW en art. 21 SW

Bron: Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 18 mei 2021 (gepubliceerd 28 mei 2021), ECLI:NL:GHARL:2021:4884, 20/00298

Verdiepingscursus erven en schenken

U leert aan de hand van de testamentencheck, waarmee het erfrechtelijke beleid kan worden bepaald, de belangrijkste civielrechtelijke en fiscale aandachtspunten. Daarnaast behandelen de specialisten van ScholsBurgerhartSchols een aantal veel voorkomende testamentvarianten.

Meer informatie en aanmelden

Filed Under: Estate Planning, Nieuws

Reageer
Vorige artikel
Verlaging administratieve lasten NOW-controle
Volgende artikel
Belastingverdrag met Cyprus

Reader Interactions

Gerelateerde berichten

coronakorting voor hotel

Bedrijfsopvolgingsvrijstelling geldt niet bij overdracht via bv-structuur

De Hoge Raad oordeelt dat de vrijstelling voor overdrachtsbelasting bij bedrijfsopvolging niet geldt als de overdracht via bv’s loopt. De zogenoemde doorkijkarresten maken dit niet anders, omdat zij niet zien op de persoon van de verkrijger.

sociaal belang

Giften aan sportverenigingen en fiscale mogelijkheden

Een uitbreiding van de giftenaftrek met eenmalige giften aan sportverenigingen is niet in lijn met de ambitie van het kabinet om het belastingstelsel te vereenvoudigen.

fiscale wijzigingen 2026

Termijn belastingrente erfbelasting volgens wettekst leidend

Rechtbank Den Haag oordeelt dat de duidelijke wettekst van art. 30g AWR leidend is bij de uitleg van de termijn voor belastingrente. Een verzoek om een voorlopige aanslag dat tijdig volgens die tekst is ingediend, voorkomt belastingrente.

Winstafhankelijke vergoeding voldoet aan doeleis OZR

Aandelen in een bv kwalificeren als onroerendezaakrechtspersoon, ook bij een winstafhankelijke gebruiksvergoeding. De bedrijfsopvolgingsvrijstelling geldt niet bij uitgifte van nieuwe aandelen.

dividend-aandelen

Geen giftenaftrek voor waardeloze converteerbare obligatie

Rechtbank Noord-Holland oordeelt dat de converteerbare obligatie ten tijde van de giften geen waarde had, zodat de periodieke giftenaftrek terecht is geweigerd.

Geef een reactie Reactie annuleren

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Primary Sidebar

Opleidingen

Masterclass De positie van de samenwoner in de inkomstenbelasting, relatievermogensrecht en vermogensplanning – Civiel en fiscaal

Basiscursus Estate planning

Leergang Erfrecht

Stoomcursus Estate planning praktisch ingezet

Online cursus Schenken en lenen in familieverband

AGENDA

Stoomcursus Erfrecht – Civiel en fiscaal – Het hele erfrecht in één dag! 

Fiscale AI-dag

Specialisatieopleiding Estate Planning

Basiscursus Estate planning

Masterclass Actualiteiten vermogensstructurering 2026

Masterclass Box 3 – Forfaitair stelsel met een Tegenbewijsregeling en de toekomst na 2028

Stoomcursus Vastgoedrekenen en -financieren

Masterclass verantwoord adviseren: Ethiek als kompas in de fiscaliteit

Masterclass Overdrachtsbelasting

Verdiepingscursus Tweetrapsmakingen opzetten en afwikkelen

Meer opleidingen

Footer

  • Fiscaal nieuws
  • Opleidingen
  • Kennisbank
  • Vacatures
  • Over ons
  • Adverteren op Taxence
  • NDFR
  • JES! (ESG producten)
  • Fiscaal en meer
  • Tax Talks
  • Register Estate Planners (REP)
  • Contact
  • Linkedin
  • X
  • Facebook
  • Aanmelden nieuwsbrief
  • Naar Lefebvre Sdu Webshop

Taxence is een uitgave van
Lefebvre Sdu
Maanweg 174
2516 AB Den Haag

Powered by Lefebvre Sdu

  • Disclaimer
  • Privacy Statement en Cookiebeleid
lefebvre SDU

Het laatste nieuws van
Taxence in je mail?

×