• Skip to primary navigation
  • Skip to main content
  • Skip to primary sidebar
  • Skip to footer
  • Nieuwsbrief
  • Contact

Taxence

Taxence

  • Nieuws & achtergrond
    • Nieuws
    • Branchenieuws
    • Blogs
    • Verdieping
  • Thema’s
    • AI & Tax Technology
    • Arbeid & Loon
    • Belastingplan
    • BTW & Overdrachtsbelasting
    • BV & DGA
    • Duurzaamheid (ESG & CSRD)
    • Estate planning
    • Alle thema’s
  • Opleidingen
    • AI & Tax Tech
    • ESG & CSRD
    • Estate Planning
    • BTW
    • Vastgoed
    • Internationaal
    • Arbeid & Loon
    • Formeel
    • Familiebedrijven
    • VPB
    • Pensioen
  • Carrière
    • Personalia
    • Vacatures
    • Vacature toevoegen
    • Partners
  • Vakinformatie
    • NDFR
    • Addify
    • JES! Knowledge
    • Fiscaal en meer
    • Tax talks
    • Vakblad Estate Planning
    • Specials
  • Kennisbank

Nieuw feit en de uitworp, standpuntbepaling of deelonderzoek?

3 september 2018 door Jasper van Ginneken

De afgelopen tijd zijn er weer veel aangiftes inkomstenbelasting ingediend bij de Belastingdienst. Volgens mr. Jasper van Ginneken heeft de inspecteur bij een uitworp één kans om voor de feiten die aan die aangifte ten grondslag liggen een (gecorrigeerde) aanslag op te leggen.

De systemen zijn zo ingesteld, dat bij bepaalde variabelen de aangifte wordt uitgeworpen waarna de beslissing valt of de aanslag overeenkomstig de aangifte wordt opgelegd, of dat een correctie volgt. Ondanks de uitworp, vindt niet altijd op dat moment correctie plaats, maar is de inspecteur op een later moment van mening dat hij een navordering mag doen, vaak op basis van een nieuw feit. Naar mijn mening kan de inspecteur geen nieuw feit stellen op het moment dat de onderliggende aangifte reeds is uitgeworpen, zodat navordering op grond van een nieuw feit op dat moment in beginsel niet mogelijk is.

 

Belastingplichtigen doen aangifte bij de inspecteur, naar aanleiding waarvan een ‘voorlopige aanslag’ aan de belastingplichtigen wordt opgelegd. Daarna worden de aangiften via een geautomatiseerde werkwijze geselecteerd voor controle op mogelijke fouten, waarna een definitieve aanslag volgt. Volgens het rapport van de Algemene Rekenkamer van 24 november 2016 worden hier verschillende externe bronnen voor gebruikt. Daarnaast kan de belastingdienst zelf ‘parameters instellen’ om een uitworpreden te creëren.

 

Alleen onderzoek uitworpreden

In een thans lopende procedure bij de Hoge Raad (Zaaknummer 17/01894) heeft de staatssecretaris bepleit dat het binnen de Belastingdienst beleid is dat op het moment dat er een uitworp volgt, enkel die uitworpreden wordt onderzocht. Wanneer een aangifte wordt uitgeworpen, is er sprake van een beoordeling door een medewerker die het gehele dossier van de belastingplichtige bij de beoordeling kan, en naar mijn mening behoort te betrekken. Op het moment dat er een oordeel wordt gevormd over de ingediende aangifte, die uiteindelijk leidt tot een beslissing in de vorm van een op te leggen aanslag, is er sprake geweest van een moment waarop de inspecteur zich een oordeel over het geheel van aangegeven feiten had behoren te vormen. Artikel 16, eerste lid 1 Algemene wet inzake rijksbelastingen, verhindert dat een inspecteur op basis van feiten en omstandigheden die hem bekend hadden kunnen zijn een navordering mag doen.

 

Schending rechtszekerheidsbeginsel

Uit het gegeven dat een uitworpreden wordt onderzocht en dat de betreffende aangifte door het systeem wordt uitgeworpen, volgt dat de inspecteur op dat moment alle feiten die de belastingplichtige naar voren brengt in de aangifte, kan onderzoeken en zodoende met die feiten en omstandigheden bekend kan zijn. Op het moment dat er sprake is van een uitworp, is het beleid dat er door een medewerker naar een gedeelte van de aangifte wordt gekeken. De inspecteur bepaalt op dat moment dat naar de overige feiten niet gekeken wordt. Daarmee wordt naar mijn mening een standpunt over de aangifte ingenomen en kan ten aanzien van die feiten geen beroep op het nieuwe feit meer worden gedaan. De omgekeerde wereld zou een schending van het rechtszekerheidsbeginsel met zich meebrengen. Immers, op het moment dat men een vragenbrief of voorgestelde correctie van de inspecteur krijgt toegezonden, mag men er vanuit gaan dat na die verhandelingen, op het moment dat de aanslag wordt opgelegd, ten aanzien van alle feiten en omstandigheden die aanslag werking heeft. Het zou immers in strijd met artikel 3:2 Algemene wet bestuursrecht zijn wanneer de inspecteur, op een later moment moet ‘erkennen’ dat er geen sprake is van een zorgvuldige besluitvorming.

 

Al met al ben ik van mening dat op het moment dat er sprake is van een uitworp, de inspecteur één kans heeft om voor de feiten die aan die aangifte ten grondslag liggen een (gecorrigeerde) aanslag op te leggen. Voor een nieuw feit, is in ieder geval geen plaats.

Filed Under: Blogs, Formeel belastingrecht

Reageer
Vorige artikel
Mandatory disclosure-richtlijn: kom nu in actie!
Volgende artikel
Ten halve ingekeerd en ten hele vervolgd?

Reader Interactions

Gerelateerde berichten

Hoge Raad

Rechter mag proceskostenvergoeding fors matigen zonder toelichting

De Hoge Raad oordeelt dat de rechter ruime vrijheid heeft om proceskostenvergoedingen te matigen. De rechter hoeft de omvang van die matiging niet afzonderlijk te motiveren.

Opinie | ViDA – de fiscaal-digitale politiestaat komt eraan

Nederland, opgepast! ViDA komt eraan. Onlangs stuurde de staatssecretaris van Financiën het Nader Rapport inzake het voorstel van wet (Wet implementatie Richtlijn Btw in het digitale tijdperk – Enkele btw-registratie) naar de Koning. Het betreft de implementatie van de ViDA-richtlijn. Wie denkt dat ViDA alleen betrekking heeft op VAT (oftewel omzetbelasting), heeft het goed mis... lees verder

online aangifte erfbelasting

Wijziging Regeling elektronisch berichtenverkeer Belastingdienst

De staatssecretaris van Financiën heeft een wijziging van de Regeling elektronisch berichtenverkeer Belastingdienst gepubliceerd.

aangetekend verzenden

Inspecteur draagt bewijslast bij betwiste verzenddatum aanslag

De Hoge Raad oordeelt dat de inspecteur moet bewijzen wanneer een aanslag is verzonden als de belastingplichtige de verzenddatum betwist. Lukt dat niet, dan begint de bezwaartermijn pas bij daadwerkelijke ontvangst.

schulden

Wijziging Uitvoeringsregeling Algemene wet inkomensafhankelijke regelingen (verlengde betalingsregeling)

De staatssecretaris van Financiën heeft een Regeling gepubliceerd met een wijziging van de Uitvoeringsregeling Algemene wet inkomensafhankelijke regelingen in verband met het mogelijk maken van een verlengde betalingsregeling bij de aanwezigheid van vermogen waarvan het onredelijk bezwarend wordt geacht om deze terstond liquide te maken.

Geef een reactie Reactie annuleren

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Primary Sidebar

Opleidingen

AGENDA

Stoomcursus Erfrecht – Civiel en fiscaal – Het hele erfrecht in één dag! 

Fiscale AI-dag

Specialisatieopleiding Estate Planning

Basiscursus Estate planning

Masterclass Actualiteiten vermogensstructurering 2026

Masterclass Box 3 – Forfaitair stelsel met een Tegenbewijsregeling en de toekomst na 2028

Stoomcursus Vastgoedrekenen en -financieren

Masterclass verantwoord adviseren: Ethiek als kompas in de fiscaliteit

Masterclass Overdrachtsbelasting

Verdiepingscursus Tweetrapsmakingen opzetten en afwikkelen

Meer opleidingen

Footer

  • Fiscaal nieuws
  • Opleidingen
  • Kennisbank
  • Vacatures
  • Over ons
  • Adverteren op Taxence
  • NDFR
  • JES! (ESG producten)
  • Fiscaal en meer
  • Tax Talks
  • Register Estate Planners (REP)
  • Contact
  • Linkedin
  • X
  • Facebook
  • Aanmelden nieuwsbrief
  • Naar Lefebvre Sdu Webshop

Taxence is een uitgave van
Lefebvre Sdu
Maanweg 174
2516 AB Den Haag

Powered by Lefebvre Sdu

  • Disclaimer
  • Privacy Statement en Cookiebeleid
lefebvre SDU

Het laatste nieuws van
Taxence in je mail?

×