• Skip to primary navigation
  • Skip to main content
  • Skip to primary sidebar
  • Skip to footer
  • Nieuwsbrief
  • Contact

Taxence

Taxence

  • Nieuws & achtergrond
    • Nieuws
    • Branchenieuws
    • Blogs
    • Verdieping
  • Thema’s
    • AI & Tax Technology
    • Arbeid & Loon
    • Belastingplan
    • BTW & Overdrachtsbelasting
    • BV & DGA
    • Duurzaamheid (ESG & CSRD)
    • Estate planning
    • Alle thema’s
  • Opleidingen
    • AI & Tax Tech
    • ESG & CSRD
    • Estate Planning
    • BTW
    • Vastgoed
    • Internationaal
    • Arbeid & Loon
    • Formeel
    • Familiebedrijven
    • VPB
    • Pensioen
  • Carrière
    • Personalia
    • Vacatures
    • Vacature toevoegen
    • Partners
  • Vakinformatie
    • NDFR
    • Addify
    • JES! Knowledge
    • Fiscaal en meer
    • Tax talks
    • Vakblad Estate Planning
    • Specials
  • Kennisbank

LJN: CA0269, Hoge Raad, CPG 12/02808

17 mei 2013 door redactie

Conclusie PG: In deze zaak staat centraal de exploitatie van een nachtclub/relaxhuis, waarbij drie (rechts)personen waren betrokken: een BV, een stichting en een maatschap. De BV beschikt over de benodigde vergunningen, de ‘bedrijfsfaciliteiten’ en beeldmerken. De maatschap is een niet openbare maatschap van prostituees voor de gezamenlijke exploitatie van een relaxbedrijf in samenwerking met de BV. De stichting stelt zich volgens haar statuten mede ten doel het vertegenwoordigen van de maatschap naar buiten. In cassatie moet ervan worden uitgegaan dat de stichting en de maatschap vereenzelvigd moeten worden. De BV, de stichting en de maatschap hebben een samenwerkingsovereenkomst gesloten. Het gaat er in de onderhavige zaak om of de drie betrokken (rechts)personen tezamen als één ‘ieder’ in de zin van artikel 7, lid 1, van de Wet kunnen worden aangemerkt (hierna ook wel: entiteit). De vraag is of de stichting en de maatschap tezamen met de BV één ieder vormt, dan wel of de stichting samen met de maatschap afzonderlijk moet worden bezien van de BV. Bij de beantwoording van deze vraag moet volgens de A-G worden uitgegaan van de aan het verhandelde ter zitting ontleende vaststelling dat de drie (rechts)personen in gezamenlijkheid bepaalden hoe het bedrijf werd geëxploiteerd. De klacht van belanghebbende met betrekking tot de vastlegging hiervan in het proces-verbaal kan niet tot cassatie leiden. Het begrip ‘ieder’, dat in de Zesde richtlijn en de Wet wordt gebruikt bij de omschrijving van respectievelijk belastingplichtige en ondernemer, omvat, naar A-G Van Hilten afleidt uit de jurisprudentie – niet alleen ‘enkelvoudige’ (rechts)personen, maar ook combinaties van personen. Bij het voorgaande zij opgemerkt dat de combinaties van personen in de rechtspraak van het HvJ telkens ‘officiële’ personenvennootschappen zijn. Het lijkt A-G Van Hilten dat de vraag of het begrip ‘ieder’ zich uitstrekt tot samenwerkingsverbanden/combinaties die niet te boek staan als ‘juridisch’ samenwerkingsverband, maar feitelijk wel als zod

Meer informatie: http://zoeken.rechtspraak.nl/ResultPage.aspx?snelzoeken=t&searchtype=ljn&ljn=CA0269

Filed Under: Jurisprudentie

Reageer
Vorige artikel
LJN: CA0365, Gerechtshof Arnhem, 12/00165
Volgende artikel
LJN: CA0323, Hoge Raad, CPG 12/04039

Reader Interactions

Gerelateerde berichten

Stoomcursus Erfrecht – Civiel en fiscaal – Het hele erfrecht in één dag! 

Voorbereid om te adviseren op het gebied van het erfrecht – Civiel en fiscaal  Civiel en fiscaal – Het hele erfrecht in één dag!  Jouw cliënt heeft steeds meer vragen over zijn testament. Een adviseur kan niet meer zonder kennis van het erfrecht! Een cursus met erfrechtelijke en fiscale tips. Prof. mr. dr. Bernard Schols... lees verder

Gebruikelijk loon dga terecht bij lage en oplopende omzet bv

Het hof oordeelt dat de gebruikelijkloonregeling terecht is toegepast. De bv maakt niet aannemelijk dat een lager loon of een structurele verliessituatie bestaat.

erflater

Statutair bestuurders coöperatie in dienstbetrekking door formeel gezag

Hof Arnhem-Leeuwarden oordeelt dat de statutair bestuurders van een melkveehoudercoöperatie in een privaatrechtelijke dienstbetrekking staan; de formele gezagsverhouding is doorslaggevend.

ECLI:NL:GHAMS:2025:3817 Gerechtshof Amsterdam, 21-10-2025, 23/486

Toepassing gebruikelijkloonregeling. Meer informatie: https://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHAMS:2025:3817&pk_campaign=rss&pk_medium=rss&pk_keyword=uitspraken

rentevergoeding

Standpunt samenloop artikel 15b Wet Vpb 1969 en berekening tweede limiet

De Kennisgroep IBR Vpb & winst heeft een vraag beantwoord over de samenloop van artikel 15b Wet Vpb 1969 en de bij de bepaling van de tweede limiet in aanmerking te nemen kosten.

Geef een reactie Reactie annuleren

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Primary Sidebar

AGENDA

Stoomcursus Erfrecht – Civiel en fiscaal – Het hele erfrecht in één dag! 

Fiscale AI-dag

Specialisatieopleiding Estate Planning

Basiscursus Estate planning

Masterclass Actualiteiten vermogensstructurering 2026

Masterclass Box 3 – Forfaitair stelsel met een Tegenbewijsregeling en de toekomst na 2028

Stoomcursus Vastgoedrekenen en -financieren

Masterclass verantwoord adviseren: Ethiek als kompas in de fiscaliteit

Masterclass Overdrachtsbelasting

Verdiepingscursus Afwikkeling van nalatenschappen

Meer opleidingen

Footer

  • Fiscaal nieuws
  • Opleidingen
  • Kennisbank
  • Vacatures
  • Over ons
  • Adverteren op Taxence
  • NDFR
  • JES! (ESG producten)
  • Fiscaal en meer
  • Tax Talks
  • Register Estate Planners (REP)
  • Contact
  • Linkedin
  • X
  • Facebook
  • Aanmelden nieuwsbrief
  • Naar Lefebvre Sdu Webshop

Taxence is een uitgave van
Lefebvre Sdu
Maanweg 174
2516 AB Den Haag

Powered by Lefebvre Sdu

  • Disclaimer
  • Privacy Statement en Cookiebeleid
lefebvre SDU

Het laatste nieuws van
Taxence in je mail?

×