• Skip to primary navigation
  • Skip to main content
  • Skip to primary sidebar
  • Skip to footer
  • Nieuwsbrief
  • Contact

Taxence

Taxence

  • Nieuws & achtergrond
    • Nieuws
    • Branchenieuws
    • Blogs
    • Verdieping
  • Thema’s
    • AI & Tax Technology
    • Arbeid & Loon
    • Belastingplan
    • BTW & Overdrachtsbelasting
    • BV & DGA
    • Duurzaamheid (ESG & CSRD)
    • Estate planning
    • Alle thema’s
  • Opleidingen
    • AI & Tax Tech
    • ESG & CSRD
    • Estate Planning
    • BTW
    • Vastgoed
    • Internationaal
    • Arbeid & Loon
    • Formeel
    • Familiebedrijven
    • VPB
    • Pensioen
  • Carrière
    • Personalia
    • Vacatures
    • Vacature toevoegen
    • Partners
  • Vakinformatie
    • NDFR
    • Addify
    • JES! Knowledge
    • Fiscaal en meer
    • Tax talks
    • Vakblad Estate Planning
    • Specials
  • Kennisbank

Aansprakelijkstelling van oud-dga op losse schroeven

4 maart 2015 door

Heeft de ontvanger de voormalige dga van een bv terecht aansprakelijk gesteld voor de niet-betaalde Vpb-schuld van de failliete, verkochte bv? De Hoge Raad verwees deze zaak naar Hof Den Haag en gaf daarbij enkele handvatten voor de beantwoording van de vraag.

Wat was er aan de hand? Een bv verkocht in 2000 haar onderneming en vormde voor de boekwinst die zij behaalde met de verkoop van onroerende zaken een herinvesteringsreserve. Eind december 2004 verkocht de dga zijn aandelen aan een andere bv. Op dat moment zat er nog genoeg geld in de bv om de Vpb over de vrijgevallen hir te voldoen. De bv deed echter geen aangifte Vpb over 2004 en toen de nieuwe eigenaar in 2007 failliet ging, stelde de ontvanger de voormalige dga aansprakelijk op grond van artikel 40 Invorderingswet. Was dit terecht? Hof Amsterdam vond van wel. De Hoge Raad gaf aan op welke moment het aan de verkopende dga te wijten kan zijn dat het vermogen van de bv niet voldoende is om de belasting te betalen. Hij moet dan op het verkoopmoment weten (of behoren te weten) dat de koper handelingen zal opstarten die buiten de normale bedrijfsuitvoering liggen en die het voor de ontvanger onmogelijk zullen maken om de belasting te verhalen. De verkopende dga moet bewijzen dat hiervan geen sprake is geweest. Het hofoordeel berustte op een onjuiste rechtsopvatting. Verder had de ontvanger mogelijk onzorgvuldig gehandeld ten opzichte van dga door de bv makkelijk uitstel van betaling te verlenen zonder zekerheid te eisen. De Hoge Raad verwees de zaak naar hof Den Haag.

 

Wet: artikel 40 Invorderingswet

Meer informatie: Hoge Raad, 27 februari 2015, ECLI:NL:HR:2015:468

Filed Under: Fiscaal nieuws, Formeel belastingrecht, Nieuws

Reageer
Vorige artikel
Voorziening voor ‘zacht pensioen’ dat VUT compenseerde
Volgende artikel
Minieme samenloop TWA van zeeschepen en tonnageregime

Reader Interactions

Gerelateerde berichten

correctie box 3 Belastingdienst

Vergeten behandelvoornemen is fout die navordering toestaat

De Hoge Raad oordeelt dat het niet stoppen van het geautomatiseerde proces bij het opleggen van de primitieve aanslag een fout in de ruime en neutrale zin van art. 16, lid 2, letter c AWR is. Omdat de te weinig geheven belasting meer dan 30% bedraagt, is de fout kenbaar en mag de inspecteur navorderen.

Vpb-aangifte bv levert nieuw feit op voor navordering dga

Rechtbank Zeeland-West-Brabant oordeelt dat de inspecteur pas via de aangifte vennootschapsbelasting van de bv over de gegevens beschikt die tot navordering leiden. Omdat de inspecteur het dossier van de bv niet hoeft te raadplegen, beschikt hij over een nieuw feit en mag hij over 2018 tot en met 2020 navorderen.

rente Vpb

Belastingrente Vpb verlaagd na arrest Hoge Raad over rentepercentage

Rechtbank Noord-Holland verlaagt de belastingrente voor de vennootschapsbelasting omdat het wettelijke minimumtarief van 8% en 10% onverbindend is. De rente moet worden berekend volgens het algemene belastingrentepercentage.

Document openbaar over werkwijze Belastingdienst bij lopende FIOD-onderzoeken

De staatssecretaris van Financiën heeft een document openbaar gemaakt over de werkwijze van de Belastingdienst bij lopende FIOD-onderzoeken.

Jersey

Informatiebevoegdheid inspecteur kent geen territoriale beperking

De Hoge Raad oordeelt dat de inspecteur zijn informatiebevoegdheid niet eerst via een belastingverdrag hoeft uit te oefenen. Ook bij een belastingplichtige die op Jersey woont, mag hij rechtstreeks informatie opvragen op grond van artikel 47 AWR. Een vrouw en haar partner verhuizen in 2013 met hun kinderen van Nederland naar Jersey. De inspecteur vraagt... lees verder

Geef een reactie Reactie annuleren

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Primary Sidebar

Opleidingen

Masterclass Belastingcontrole met steekproeven vs Tax Monitoring

AGENDA

Online cursus Schenken en lenen in familieverband

Meerdaagse opleiding Vastgoedfiscaliteiten

Stoomcursus AI voor Fiscale professionals

Online cursus toepassing box 3 in de praktijk

Future Fit Professionals

Stoomcursus btw en internationaal zakendoen

Online cursus Immigrerende DGA’s: fiscale gevolgen en sociale zekerheid bij migratie naar Nederland

Online Basistraining AI voor de fiscale praktijk

Online cursus BTW, factuurvereisten en ViDA

Verdiepingscursus Tweetrapsmakingen opzetten en afwikkelen

Meer opleidingen

Footer

  • Fiscaal nieuws
  • Opleidingen
  • Kennisbank
  • Vacatures
  • Over ons
  • Adverteren op Taxence
  • NDFR
  • JES! (ESG producten)
  • Fiscaal en meer
  • Tax Talks
  • Register Estate Planners (REP)
  • Contact
  • Linkedin
  • X
  • Facebook
  • Aanmelden nieuwsbrief
  • Naar Lefebvre Sdu Webshop

Taxence is een uitgave van
Lefebvre Sdu
Maanweg 174
2516 AB Den Haag

Powered by Lefebvre Sdu

  • Disclaimer
  • Privacy Statement en Cookiebeleid
lefebvre SDU

Het laatste nieuws van
Taxence in je mail?

Aanmelden

 

×