• Skip to primary navigation
  • Skip to main content
  • Skip to primary sidebar
  • Skip to footer
  • Nieuwsbrief
  • Contact

Taxence

Taxence

  • Nieuws & achtergrond
    • Nieuws
    • Branchenieuws
    • Blogs
    • Verdieping
  • Thema’s
    • AI & Tax Technology
    • Arbeid & Loon
    • Belastingplan
    • BTW & Overdrachtsbelasting
    • BV & DGA
    • Duurzaamheid (ESG & CSRD)
    • Estate planning
    • Alle thema’s
  • Opleidingen
    • AI & Tax Tech
    • ESG & CSRD
    • Estate Planning
    • BTW
    • Vastgoed
    • Internationaal
    • Arbeid & Loon
    • Formeel
    • Familiebedrijven
    • VPB
    • Pensioen
  • Carrière
    • Personalia
    • Vacatures
    • Vacature toevoegen
    • Partners
  • Vakinformatie
    • NDFR
    • Addify
    • JES! Knowledge
    • Fiscaal en meer
    • Tax talks
    • Vakblad Estate Planning
    • Specials
  • Kennisbank

Economisch belang in onverdeelde aandelen vormt aanmerkelijk belang

7 september 2026 door Sharog Susani

Hof Arnhem-Leeuwarden oordeelt dat een erfgenaam door haar economische belang in onverdeelde aandelen een aanmerkelijk belang heeft. Dat de aandelen niet op haar naam staan en tot een gemeenschap van vier erfgenamen behoren, maakt dit niet anders.

Na het overlijden van haar moeder in 2006 erft een vrouw samen met haar drie broers en zussen onder meer twaalf aandelen in een vennootschap. Iedere erfgenaam is voor een vierde deel gerechtigd tot de nalatenschap. Door een ruzie blijven de twaalf aandelen onverdeeld. In 2020 verkoopt en levert de vrouw haar onverdeelde aandeel in deze aandelen aan haar broer voor € 90.000. In haar aangifte IB/PVV 2020 geeft zij hiervoor € 4.532 belastbaar inkomen uit aanmerkelijk belang aan. De inspecteur stelt dit inkomen vast op € 39.311. In hoger beroep stellen haar erfgenamen dat de vrouw nooit een aanmerkelijk belang heeft gehad. Volgens hen is in 2020 geen sprake van een verkoop van aandelen, maar van de afwikkeling van een erfrechtelijke aanspraak.

Economisch belang is beslissend

Het hof stelt voorop dat voor een aanmerkelijk belang voldoende is dat iemand het volledige economische belang bij de aandelen houdt. De civielrechtelijke duiding van de verkrijging kan daarom in het midden blijven. De vrouw heeft in 2006 een vierde deel van het economische belang bij de twaalf aandelen verkregen. Dit komt overeen met drie aandelen. Dat de aandelen niet op haar naam staan en onderdeel zijn van een onverdeelde gemeenschap van vier erfgenamen, doet daar niet aan af. Omdat het economische belang bij deze drie aandelen meer dan 5% van het geplaatste aandelenkapitaal vertegenwoordigt, heeft de vrouw een aanmerkelijk belang. De inspecteur heeft daarom bij de verkoop in 2020 terecht belastbaar inkomen uit aanmerkelijk belang in aanmerking genomen. Het hoger beroep is ongegrond.

Wet: art. 4.6 Wet IB 2001

Bron: Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 28-07-2026, ECLI:NL:GHARL:2026:5068, 25/1012 | NDFR

Filed Under: Estate Planning, Fiscaal nieuws, Inkomstenbelasting, Nieuws

Reageer
Vorige artikel
Prejudiciële vraag HR over verlies heffingskorting box 3

Reader Interactions

Gerelateerde berichten

Prejudiciële vraag HR over verlies heffingskorting box 3

De Hoge Raad vraagt het HvJ of de Nederlandse volgorde bij verrekening van buitenlandse bronbelasting in strijd is met het vrije kapitaalverkeer. Door deze volgorde kan een belastingplichtige heffingskortingen verliezen bij beleggingen in buitenlandse aandelen.

vermogensaanwasbelasting

Geactualiseerd Box 3-besluit bevat nieuwe goedkeuringen voor belastingschulden en vruchtgebruik

Het Box 3-besluit bevat nieuwe goedkeuringen voor belastingschulden, tegenbewijs en vruchtgebruik.

Geen aftrek afwaardering leningen aan verlieslatende bv

Rechtbank Zeeland-West-Brabant oordeelt dat een dga geen afwaarderingsverlies kan nemen op verschillende leningen aan een vennootschap. Voor de gecedeerde lening bieden de borgstellingen verhaal, terwijl de overige leningen onzakelijk zijn.

box 3 rendement

Heffingvrij vermogen verlaagt werkelijk rendement box 3 niet

Hof Arnhem-Leeuwarden oordeelt dat bij box 3-rechtsherstel over het werkelijke rendement geen rekening wordt gehouden met het heffingvrije vermogen. De inspecteur heeft wel de hoorplicht geschonden.

Samenwonende moeder en dochter zijn geen fiscale partners

Rechtbank Noord-Nederland oordeelt dat een samenwonende moeder en dochter geen fiscale partners zijn. De dochter kan daarom de dieetkosten van haar moeder niet als specifieke zorgkosten aftrekken.

Geef een reactie Reactie annuleren

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Primary Sidebar

Opleidingen

Verdiepingscursus Tweetrapsmakingen opzetten en afwikkelen

Specialisatieopleiding Estate Planning

Basiscursus Estate planning

Online cursus Afwikkeling van overnameregelingen in firmacontract en statuten

Online cursus Familiestichting en family governance

AGENDA

Verdiepingscursus Internationale aspecten loonheffing | PE Accreditatie

Pitstop casuscollege bedrijfsopvolging | PE Accreditatie

Online Basistraining AI voor de fiscale praktijk

Correctie box 3-vermogen wegens overtollige liquiditeiten in eenmanszaak

Online cursus CV en bedrijfsopvolging

Online cursus Schenken en lenen in familieverband

Meerdaagse opleiding Vastgoedfiscaliteiten

Stoomcursus AI voor Fiscale professionals

Online cursus toepassing box 3 in de praktijk

Future Fit Professionals

Meer opleidingen

Footer

  • Fiscaal nieuws
  • Opleidingen
  • Kennisbank
  • Vacatures
  • Over ons
  • Adverteren op Taxence
  • NDFR
  • JES! (ESG producten)
  • Fiscaal en meer
  • Tax Talks
  • Register Estate Planners (REP)
  • Contact
  • Linkedin
  • X
  • Facebook
  • Aanmelden nieuwsbrief
  • Naar Lefebvre Sdu Webshop

Taxence is een uitgave van
Lefebvre Sdu
Maanweg 174
2516 AB Den Haag

Powered by Lefebvre Sdu

  • Disclaimer
  • Privacy Statement en Cookiebeleid
lefebvre SDU

Het laatste nieuws van
Taxence in je mail?

Aanmelden

 

×