• Skip to primary navigation
  • Skip to main content
  • Skip to primary sidebar
  • Skip to footer
  • Nieuwsbrief
  • Contact

Taxence

Taxence

  • Nieuws & achtergrond
    • Nieuws
    • Branchenieuws
    • Blogs
    • Verdieping
  • Thema’s
    • AI & Tax Technology
    • Arbeid & Loon
    • Belastingplan
    • BTW & Overdrachtsbelasting
    • BV & DGA
    • Duurzaamheid (ESG & CSRD)
    • Estate planning
    • Alle thema’s
  • Opleidingen
    • AI & Tax Tech
    • ESG & CSRD
    • Estate Planning
    • BTW
    • Vastgoed
    • Internationaal
    • Arbeid & Loon
    • Formeel
    • Familiebedrijven
    • VPB
    • Pensioen
  • Belastingplan
  • Carrière
    • Personalia
    • Vacatures
    • Vacature toevoegen
    • Partners
  • Vakinformatie
    • NDFR
    • Addify
    • JES! Knowledge
    • Fiscaal en meer
    • Tax talks
    • Vakblad Estate Planning
    • Specials
  • Kennisbank

Fiscale consequenties uitstel stemming wetsvoorstel bedrag ineens, RVU en verlofsparen

16 december 2020 door Anne-Marie Noordenbos

vetrek pensionado zwaar belast

De Eerste Kamer heeft besloten het wetsvoorstel bedrag ineens, RVU en verlofsparen te behandelen op 12 januari 2021. Daarmee is er op 1 januari 2021 nog geen RVU-drempelvrijstelling. Het wetsvoorstel kent wel terugwerkende kracht tot 1 januari 2021. Wat zijn de fiscale consequenties van dit uitstel?

Betalingen in het kader van een RVU die de werkgever doet in de periode vanaf 1 januari 2021 tot het moment waarop de Eerste Kamer instemt met het wetsvoorstel bedrag ineens, RVU en verlofsparen, worden getoetst op basis van de tekst van artikel 32ba, van de Wet op de loonbelasting 1964 zoals deze op het moment van betalen van toepassing is. Aangezien de tekst van artikel 32ba Wet LB niet wordt gewijzigd per 1 januari 2021, afgezien van de met terugwerkende kracht in te voeren maatregelen van het wetsvoorstel bedrag ineens, RVU en verlofsparen, is dat dus de tekst zoals deze op 31 december 2020 luidt. Dat wil zeggen dat uitkeringen, bijdragen of premies worden beschouwd te zijn gedaan of voldaan op het tijdstip waarop zij betaald of verrekend zijn, ter beschikking zijn gesteld of rentedragend zijn geworden. Op dat moment is ook de eindheffing als bedoeld in artikel 32ba, eerste lid, Wet LB, verschuldigd.

RVU-drempelvrijstelling

Na aanvaarding van het wetsvoorstel door de Eerste Kamer en inwerkingtreding (met terugwerkende kracht) per 1 januari 2021, kan een werkgever alsnog een beroep doen op de RVU-drempelvrijstelling.

De hoogte van de RVU-drempelvrijstelling wordt, conform de tekst van het wetsvoorstel, bepaald door het bedrag in de wet (2021: € 1.847 per maand) te vermenigvuldigen met het aantal maanden dat ligt tussen de eerste uitkering en de AOW-gerechtigde leeftijd (afgerond op hele maanden naar boven en met een maximum van 36 maanden). Voor het kunnen toepassen van de RVU-drempelvrijstelling heeft de terugwerkende kracht derhalve alleen effect als ook daadwerkelijk een RVU-uitkering is gedaan in de periode waarover de terugwerkende kracht gaat.

Stel dat het wetsvoorstel in januari 2021 wordt aangenomen en in februari 2021 wordt de eerste RVU-uitkering gedaan. In dat geval is het niet mogelijk om in februari met terugwerkende kracht een uitkering over januari toe te kennen en nog gebruik te maken van de RVU-drempelvrijstelling over januari. Het is alleen mogelijk om gebruik te maken van de RVU-drempelvrijstelling met terugwerkende kracht over januari als ook in januari de RVU-uitkering is gedaan en wordt voldaan aan de overige voorwaarden voor de RVU-drempelvrijstelling. Over deze uitkering kan in januari een eindheffing verschuldigd zijn, die door middel van een correctiebericht kan worden gecorrigeerd zodra de maatregelen van het wetsvoorstel met terugwerkende kracht zijn ingegaan.

Let op!

Over betalingen in het kader van een RVU die de werkgever doet in de periode vanaf 1 januari 2021 tot het moment waarop de Eerste Kamer instemt met het wetsvoorstel bedrag ineens, RVU en verlofsparen, is eindheffing verschuldigd. Deze eindheffing kan door middel van een correctiebericht worden gecorrigeerd zodra het wetsvoorstel met terugwerkende kracht is ingegaan mits aan de voorwaarden voor de RVU-drempelvrijstelling wordt voldaan.

Meer informatie: Centraal Aanspreekpunt Pensioenen, 16 december 2020

Filed Under: Financiële planning, Fiscaal nieuws, Nieuws

Reageer
Vorige artikel
Compensatie voor gesloten detailhandel
Volgende artikel
Verdwenen omzet is vermoedelijk winstuitdeling aan dga

Reader Interactions

Gerelateerde berichten

echtscheiding

Tariefbeperking pensioenverrekening niet discriminerend

De Hoge Raad oordeelt dat de tariefbeperking voor aftrek van doorbetaald pensioen bij een scheiding van vóór 1 mei 1995 niet in strijd is met het discriminatieverbod. Pensioenverrekening volgens het arrest Boon/Van Loon en pensioenverevening op grond van de Wet verevening pensioenrechten bij scheiding zijn voor deze regeling geen gelijke gevallen.

lijfrente

Standpunt looptijd bancaire nabestaandenlijfrente voor kind dat bijna 30 jaar is

De Kennisgroep verzekeringsproducten en assurantiebelasting heeft vragen beantwoord over de looptijd van een bancaire nabestaandenlijfrente wanneer het tegoed door overlijden van de rekeninghouder toekomt aan een kind dat bijna dertig jaar oud is.

wet excessief lenen

Kabinet zoekt breed draagvlak voor aanpassing box 3

Het kabinet wil zo snel mogelijk tot concrete en breed gedragen voorstellen voor box 3 komen, maar ziet dat de steun voor aanpassingen en de dekking daarvan sterk uiteenloopt. Minister Heinen en staatssecretaris Eerenberg leggen vier scenario’s voor en vragen om uitstel van de behandeling van de Wet werkelijk rendement box 3.

AOW-premie

Minister Vijlbrief informeert Kamer over pensioenonderwerpen

Minister Vijlbrief informeert de Tweede Kamer over verschillende pensioenonderwerpen, waaronder de verrekening van pensioen met uitkeringen, de informatierechten van gepensioneerden bij internationale waardeoverdracht en buitenlandse pensioenuitvoerders. Ook loopt de evaluatie van werknemers zonder pensioen vertraging op.

Kamer wil vastgoedregime box 3 achter de hand houden

De Tweede Kamer wil dat het kabinet het voorgestelde realisatieregime voor vastgoed in box 3 gereedhoudt voor het geval de Wet werkelijk rendement box 3 (Wwr) niet doorgaat. Een motie van Kamerlid Hoogeveen met die strekking is aangenomen.

Geef een reactie Reactie annuleren

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Primary Sidebar

Opleidingen

Future Fit Professionals

Specialisatieopleiding Vermogensstructurering

Masterclass Actualiteiten vermogensstructurering 2026

Online cursus toepassing box 3 in de praktijk

Masterclass Vermogen in box 1, 2 en 3: de afwegingen

AGENDA

Stoomcursus Erfrecht – Civiel en fiscaal – Het hele erfrecht in één dag!  | PE Accreditatie

Basiscursus Estate planning | PE Accreditatie

Specialisatieopleiding Vermogensstructurering

Specialisatieopleiding Estate Planning | PE Accreditatie

Webinar Fiscale wijzigingen 2027 | PE Accreditatie

Online cursus Btw-aangifte | PE Accreditatie

Online cursus Staken van de onderneming: (turbo)liquidatie, WHOA liquidatie akkoord | PE Accreditatie

Masterclass Overdrachtsbelasting | PE Accreditatie

Online Basistraining AI voor de fiscale praktijk

Online cursus Technisch aanmerkelijk belang | PE Accreditatie

Meer opleidingen

Footer

  • Fiscaal nieuws
  • Opleidingen
  • Kennisbank
  • Vacatures
  • Over ons
  • Adverteren op Taxence
  • NDFR
  • JES! (ESG producten)
  • Fiscaal en meer
  • Tax Talks
  • Register Estate Planners (REP)
  • Contact
  • Linkedin
  • X
  • Facebook
  • Aanmelden nieuwsbrief
  • Naar Lefebvre Sdu Webshop

Taxence is een uitgave van
Lefebvre Sdu
Maanweg 174
2516 AB Den Haag

Powered by Lefebvre Sdu

  • Disclaimer
  • Privacy Statement en Cookiebeleid
lefebvre SDU

Het laatste nieuws van
Taxence in je mail?

Aanmelden

 

×