• Skip to primary navigation
  • Skip to main content
  • Skip to primary sidebar
  • Skip to footer
  • Nieuwsbrief
  • Contact

Taxence

Taxence

  • Nieuws & achtergrond
    • Nieuws
    • Branchenieuws
    • Blogs
    • Verdieping
  • Thema’s
    • AI & Tax Technology
    • Arbeid & Loon
    • Belastingplan
    • BTW & Overdrachtsbelasting
    • BV & DGA
    • Duurzaamheid (ESG & CSRD)
    • Estate planning
    • Alle thema’s
  • Opleidingen
    • AI & Tax Tech
    • ESG & CSRD
    • Estate Planning
    • BTW
    • Vastgoed
    • Internationaal
    • Arbeid & Loon
    • Formeel
    • Familiebedrijven
    • VPB
    • Pensioen
  • Carrière
    • Personalia
    • Vacatures
    • Vacature toevoegen
    • Partners
  • Vakinformatie
    • NDFR
    • Addify
    • JES! Knowledge
    • Fiscaal en meer
    • Tax talks
    • Vakblad Estate Planning
    • Specials
  • Kennisbank

Geen leegwaarderatio maar wev voor SW-waardering verhuurde woning

28 september 2016 door Marieke Jansen

Bij de heffing van erf- en schenkbelasting over verhuurde woningen is de leegwaarderatio volgens de Hoge Raad onverbindend als de uitkomst 10% of meer afwijkt van de werkelijke waarde op de waardepeildatum.

In deze zaak stelde de staatssecretaris van Financiën beroep in cassatie in tegen een uitspraak van het Gerechtshof Amsterdam inzake de waardebepaling van geërfde verhuurde onroerende zaken voor de aangifte erfbelasting. In tegenstelling tot Rechtbank Noord-Holland had Hof Amsterdam (verwijzend naar het arrest van de Hoge Raad van 3 april 2015) geoordeeld dat de waardebepaling volgens artikel 10a UBSW (leegwaarderatio) buiten toepassing blijft als aannemelijk is dat die vastgestelde waarde in betekenende mate afwijkt van de waarde in het economische verkeer (wev) ten tijde van het belastbare feit. Volgens de Hoge Raad had het hof echter geen onjuiste of te vergaande betekenis toegekend aan het arrest van 3 april 2015. De wetgever heeft met de regeling in artikel 21, lid 8 SW en artikel 10a UBSW willen voorkomen dat door gebruik van de WOZ-waarde verhuurde woningen voor de erf- en schenkbelasting worden belast naar een waarde die te ver afwijkt van de waarde in het economische verkeer. Artikel 10a UBSW heeft daarom met artikel 17a UBIB (waar het om draaide in het arrest van 3 april 2015) gemeen dat de door de wetgever gedelegeerde bevoegdheid beperkt is tot het treffen van een regeling waardoor de grondslag van de belastingheffing bij benadering overeenkomt met de waarde in het economische verkeer van verhuurde onroerende zaken.

Wet: artikel 21, lid 8 SW, artikel 10a UBSW, artikel 5.20 lid 3 Wet IB 2001, artikel 17a UBIB

Meer informatie: Hoge Raad 23 september 2016, ECLI:NL:HR:2016:2135

Filed Under: Estate Planning, Fiscaal nieuws, Nieuws

Reageer
Vorige artikel
Scholingskosten 2018: weer een verschil tussen ondernemers en werknemers
Volgende artikel
70 Nederlandse namen in Bahama Leaks

Reader Interactions

Gerelateerde berichten

nieuwe pensioenwet; transitie

Box 3 van jou of box 3 van mij?

In welke gevallen mogen fiscale partners de verdeling van hun gezamenlijke grondslag sparen en beleggen (box 3) nog wijzigen?

belastingrente

Ongespecificeerde rente eerst naar oudste schuldigerkenning

Hof Arnhem-Leeuwarden oordeelt dat bij meerdere schuldigerkenningen een niet-gespecificeerde rentebetaling eerst aan de oudste schuld moet worden toegerekend. Omdat daardoor over de tweede schuldigerkenning niet tijdig en volledig rente is betaald, is art. 10 SW daarop van toepassing.

Economisch belang in onverdeelde aandelen vormt aanmerkelijk belang

Hof Arnhem-Leeuwarden oordeelt dat een erfgenaam door haar economische belang in onverdeelde aandelen een aanmerkelijk belang heeft. Dat de aandelen niet op haar naam staan en tot een gemeenschap van vier erfgenamen behoren, maakt dit niet anders.

box 3 rendement

Heffingvrij vermogen verlaagt werkelijk rendement box 3 niet

Hof Arnhem-Leeuwarden oordeelt dat bij box 3-rechtsherstel over het werkelijke rendement geen rekening wordt gehouden met het heffingvrije vermogen. De inspecteur heeft wel de hoorplicht geschonden.

waardering woning successiewet

Kapitalisatiefactor geldt ook bij tijdelijk vruchtgebruik

Rechtbank Noord-Holland oordeelt dat de kapitalisatiefactor uit het Uitvoeringsbesluit Successiewet ook geldt voor een vruchtgebruik dat na uiterlijk één jaar eindigt. Toch wordt het beroep van de zoon gegrond verklaard, omdat de inspecteur tijdens de procedure alsnog rekening houdt met eigenaarslasten.

Geef een reactie Reactie annuleren

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Primary Sidebar

Opleidingen

Congres Estate Planning 2026

Online cursus CV en bedrijfsopvolging

Verdiepingscursus Internationale estate planning

Specialisatieopleiding Estate Planning

Online cursus De positie van de samenwoner in de inkomstenbelasting, relatievermogensrecht en vermogensplanning – Civiel en fiscaal

AGENDA

Online cursus Technisch aanmerkelijk belang | PE Accreditatie

Online Basistraining AI voor de fiscale praktijk

Cursus Contracteren en managen van AI-systemen | PE Accreditatie

Verdiepingscursus Internationale aspecten loonheffing | PE Accreditatie

Pitstop casuscollege bedrijfsopvolging | PE Accreditatie

Online Basistraining AI voor de fiscale praktijk

Online cursus CV en bedrijfsopvolging

Online cursus Schenken en lenen in familieverband

Meerdaagse opleiding Vastgoedfiscaliteiten

Stoomcursus AI voor Fiscale professionals

Meer opleidingen

Footer

  • Fiscaal nieuws
  • Opleidingen
  • Kennisbank
  • Vacatures
  • Over ons
  • Adverteren op Taxence
  • NDFR
  • JES! (ESG producten)
  • Fiscaal en meer
  • Tax Talks
  • Register Estate Planners (REP)
  • Contact
  • Linkedin
  • X
  • Facebook
  • Aanmelden nieuwsbrief
  • Naar Lefebvre Sdu Webshop

Taxence is een uitgave van
Lefebvre Sdu
Maanweg 174
2516 AB Den Haag

Powered by Lefebvre Sdu

  • Disclaimer
  • Privacy Statement en Cookiebeleid
lefebvre SDU

Het laatste nieuws van
Taxence in je mail?

Aanmelden

 

×