• Skip to primary navigation
  • Skip to main content
  • Skip to primary sidebar
  • Skip to footer
  • Nieuwsbrief
  • Contact

Taxence

Taxence

  • Nieuws & achtergrond
    • Nieuws
    • Branchenieuws
    • Blogs
    • Verdieping
  • Thema’s
    • AI & Tax Technology
    • Arbeid & Loon
    • Belastingplan
    • BTW & Overdrachtsbelasting
    • BV & DGA
    • Duurzaamheid (ESG & CSRD)
    • Estate planning
    • Alle thema’s
  • Opleidingen
    • AI & Tax Tech
    • ESG & CSRD
    • Estate Planning
    • BTW
    • Vastgoed
    • Internationaal
    • Arbeid & Loon
    • Formeel
    • Familiebedrijven
    • VPB
    • Pensioen
  • Carrière
    • Personalia
    • Vacatures
    • Vacature toevoegen
    • Partners
  • Vakinformatie
    • NDFR
    • Addify
    • JES! Knowledge
    • Fiscaal en meer
    • Tax talks
    • Vakblad Estate Planning
    • Specials
  • Kennisbank

Geen voorbehoud legaliteitsbeginsel in VSO inkeerregeling

19 maart 2019 door Remco Latour

Vorig jaar oordeelde de Hoge Raad dat bij het toetsen aan de voorwaarden voor de inkeerregeling het moment van inkeer bepalend is. Daarom hoeven medewerkers van de Belastingdienst geen zogeheten voorbehoud legaliteitsbeginsel meer te maken als zij een vaststellingsovereenkomst voor de inkeerregeling willen sluiten.

Aangiftevergrijp

Het opzettelijk indienen van een onjuiste of onvolledige aangifte met betrekking tot de aanslagbelastingen is een vergrijp. Op dit aangiftevergrijp staat een maximale boete van:

  • 100% van het bedrag van de aanslag voor zover dit aanslagbedrag door de opzet van de belastingplichtige niet zou zijn geheven. Als de inspecteur bij het opleggen van de aanslag rekening heeft gehouden met verrekenbare verliezen, moet hij deze verliesverrekening negeren bij het berekenen van de maximale vergrijpboete; of
  • 300% van het ten onrechte niet-geheven bedrag van de aanslag voor zover dit bedrag betrekking heeft op box 3-inkomen.

Tenzij sprake is van verzwarende omstandigheden zoals recidive zal doorgaans bij opzet de vergrijpboete de helft van het maximum bedragen.

 

Huidige inkeerregeling

De inkeerregeling is bedoeld om belastingplichtigen te stimuleren om alsnog een juiste en volledige aangifte in te dienen of juiste informatie te verstrekken. De huidige inkeerregeling werkt als volgt. Bij een tijdige inkeer legt de Belastingdienst geen vergrijpboete op. Voor zover het gaat om verzwegen inkomen of vermogen uit het buitenland, mag de inspecteur sinds 1 januari 2018 wel een boete opleggen. Als de inkeer te laat, maar geldig plaatsvindt, vormt deze inkeer een verzachtende omstandigheid. Dat betekent dat de inspecteur de hoogte van de vergrijpboete beperkt.

 

Tijdige inkeer

Wil een inkeer tijdig plaatsvinden, dan moet de belastingplichtige de juiste aangifte indienen of de juiste gegevens leveren:

  • uiterlijk twee jaar nadat hij het aangiftevergrijp heeft begaan; en
  • voordat hij weet of in alle redelijkheid zou moeten weten dat de fiscus op de hoogte is van zijn vergrijp.

 

Verharding inkeerregeling

De inkeertermijn van twee jaar is op 1 juli 2009 ingevoerd. Vóór die datum was alleen van belang dat inkeer plaatsvond voordat de belastingplichtige wist of moest weten dat de inspecteur achter het aangiftevergrijp was gekomen. Voor de Hoge Raad is de vraag gekomen hoe deze wijziging uitpakt voor belastingplichtigen die vóór 1 juli 2009 een aangiftevergrijp hebben begaan maar na 1 juli 2009 zijn ingekeerd. De Hoge Raad heeft geoordeeld dat het moment van inkeer bepalend is of de Belastingdienst een vergrijpboete mag opleggen of niet. Zie: ‘Moment van inkeer is bepalend voor vergrijpboete’. 

 

Geen voorbehoud meer

Uit een op een WOB-verzoek openbaar gemaakt document blijkt wat bij de Belastingdienst de vervolgacties zijn op het arrest van de Hoge Raad. Medewerkers van de Belastingdienst moeten bij het aangaan van vaststellingsovereenkomsten vanwege vrijwillige inkeer geen voorbehoud legaliteitsbeginsel te maken. Is een bezwaarschrift conform het sjabloon VSO aangehouden? Dan zal de bezwaarbehandelaar dit bezwaarschrift afhandelen. Daarbij zal hij voor zover mogelijk de wederpartij verzoeken het bezwaar in te trekken. In sommige gevallen is afgeweken van het sjabloon VSO. Daardoor kon de belanghebbende in bezwaar ook de hoogte van de boete bestreden. Van deze bezwaarschriften zal een individuele herbeoordeling plaatsvinden.

 

Wet: art. 67d en 67n AWR

Besluit: § 26 BBBB

Meer informatie: ministerie van Financiën 1 maart 2019

Filed Under: Formeel belastingrecht, Nieuws, Verdieping, Verdieping

Reageer
Vorige artikel
Goedkeuringswet Multilateraal Verdrag in werking getreden
Volgende artikel
Vooraankondiging arresten Hoge Raad 22 maart 2019

Reader Interactions

Gerelateerde berichten

parkeren eigen terrein

Aanmaningskosten terecht ondanks ontbrekende MijnOverheid-notificatie

Plaatsing van een naheffingsaanslag parkeerbelasting in de berichtenbox van MijnOverheid geldt als geldige bekendmaking, ook als de belastingschuldige geen e-mailnotificatie heeft ontvangen. Aanmaningskosten zijn dan terecht in rekening gebracht.

souvenir

Schaduwboekhouding maakt omkering bewijslast terecht

Gerechtshof Amsterdam oordeelt dat de in een schoudertas aangetroffen schaduwboekhouding rechtmatig is verkregen. Dit rechtvaardigt omkering en verzwaring van de bewijslast en een redelijke schatting van de omzet over heel 2018.

Ontbonden stichting blijft bestaan bij aanwezige baten

Hof ’s-Hertogenbosch oordeelt dat een ontbonden stichting niet is opgehouden te bestaan als achteraf nog baten blijken te bestaan en het vermogen niet is vereffend. De Vpb-aanslagen zijn daarom tijdig en rechtsgeldig bekendgemaakt.

contant geld

Besluit mbt boetes overtreding verbod op contante betalingen vanaf € 3.000

Dit besluit wijzigt het Besluit bestuurlijke boetes financiële sector, het Uitvoeringsbesluit Wwft 2018 en het Besluit gedragstoezicht financiële ondernemingen Wft in verband met het verbod op contante betalingen voor goederen vanaf € 3.000. Het besluit regelt met name de handhaving en sanctionering van dit verbod.

Hoge Raad

Rechter mag proceskostenvergoeding fors matigen zonder toelichting

De Hoge Raad oordeelt dat de rechter ruime vrijheid heeft om proceskostenvergoedingen te matigen. De rechter hoeft de omvang van die matiging niet afzonderlijk te motiveren.

Geef een reactie Reactie annuleren

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Primary Sidebar

Opleidingen

AGENDA

Masterclass De positie van de samenwoner in de inkomstenbelasting, relatievermogensrecht en vermogensplanning – Civiel en fiscaal

Nationaal Btw Congres 2026

Online cursus introductie participatieregelingen en lucratieve belangen

Online cursus Internationale aspecten van Nederlandse belastingwetgeving

Online cursus Auto van de zaak

Online cursus Staken van de onderneming: (turbo)liquidatie, WHOA liquidatie akkoord

Stoomcursus Erfrecht – Civiel en fiscaal – Het hele erfrecht in één dag! 

Stoomcursus AI voor Fiscale professionals

Specialisatieopleiding Estate Planning

Basiscursus Estate planning

Meer opleidingen

Footer

  • Fiscaal nieuws
  • Opleidingen
  • Kennisbank
  • Vacatures
  • Over ons
  • Adverteren op Taxence
  • NDFR
  • JES! (ESG producten)
  • Fiscaal en meer
  • Tax Talks
  • Register Estate Planners (REP)
  • Contact
  • Linkedin
  • X
  • Facebook
  • Aanmelden nieuwsbrief
  • Naar Lefebvre Sdu Webshop

Taxence is een uitgave van
Lefebvre Sdu
Maanweg 174
2516 AB Den Haag

Powered by Lefebvre Sdu

  • Disclaimer
  • Privacy Statement en Cookiebeleid
lefebvre SDU

Het laatste nieuws van
Taxence in je mail?

Aanmelden

 

×