• Skip to primary navigation
  • Skip to main content
  • Skip to primary sidebar
  • Skip to footer
  • Nieuwsbrief
  • Contact

Taxence

Taxence

  • Nieuws & achtergrond
    • Nieuws
    • Branchenieuws
    • Blogs
    • Verdieping
  • Thema’s
    • AI & Tax Technology
    • Arbeid & Loon
    • Belastingplan
    • BTW & Overdrachtsbelasting
    • BV & DGA
    • Duurzaamheid (ESG & CSRD)
    • Estate planning
    • Alle thema’s
  • Opleidingen
    • AI & Tax Tech
    • ESG & CSRD
    • Estate Planning
    • BTW
    • Vastgoed
    • Internationaal
    • Arbeid & Loon
    • Formeel
    • Familiebedrijven
    • VPB
    • Pensioen
  • Carrière
    • Personalia
    • Vacatures
    • Vacature toevoegen
    • Partners
  • Vakinformatie
    • NDFR
    • Addify
    • JES! Knowledge
    • Fiscaal en meer
    • Tax talks
    • Vakblad Estate Planning
    • Specials
  • Kennisbank

Houd bestemming van werkzaamheid in de gaten

20 maart 2012 door Asha Stuivenwold

Een werkzaamheid bij vastgoed eindigt in beginsel op het moment van vervreemding. Maar als de bestemming van het vermogensbestanddeel wijzigt in het duurzaam aanhouden voor belegging, kan de werkzaamheid eerder eindigen.

Het ging in deze zaak om een man die (samen met anderen) een winkelcentrum wilde kopen. Hij had de intentie het winkelcentrum door te verkopen nadat hij hiervoor een lucratief huurcontract zou hebben gesloten, waarmee een meerwaarde zou worden gecreëerd. Er was sprake van resultaat uit overige werkzaamheden, maar de vraag was tot welk moment. De gang van zaken betekende volgens de Hoge Raad dat de werkzaamheid in de zin van artikel 3.90 van de Wet IB 2001 in beginsel voortduurde tot het moment van wederverkoop. Het aandeel van de man in het winkelcentrum bleef tot dat moment tot zijn werkzaamheidsvermogen behoren. Dit zou alleen anders zijn als op een gegeven moment eerder in de tijd niet meer zou zijn voldaan aan de voorwaarden voor het bestaan van een werkzaamheid. Dit had bijvoorbeeld gekund als de bestemming van het winkelcentrum was gewijzigd in het duurzaam aanhouden voor belegging. Omdat het hof niet op deze mogelijkheid was ingegaan, kon de hofuitspraak niet in stand blijven en moest de Hoge Raad de zaak verwijzen.

 

Wet: artikel 3.90 Wet IB 2001

Meer informatie: Hoge Raad, 16 maart 2012, LJN: BU4808

Filed Under: Fiscaal nieuws, IB-ondernemer, Nieuws

Reageer
Vorige artikel
‘Moet de belastingbetaler dokken voor Messi en Ronaldo?'
Volgende artikel
Mandaat was geldig ondanks onjuiste verwijzing

Reader Interactions

Gerelateerde berichten

aangifte belasting 2024

Werkinstructie overige inkomsten Belastingdienst openbaar

De Belastingdienst heeft werkinstructies openbaar gemaakt over het aandachtsgebied ‘Overige inkomsten’. In de documenten staat hoe aangiften inkomstenbelasting inhoudelijk worden beoordeeld bij onder meer alimentatie, periodieke uitkeringen, kapitaalverzekeringen, lijfrenten en revisierente.

btw en autohandel

Ambtelijk verzuim blokkeert navordering autohandelaar

Hof Arnhem-Leeuwarden vernietigt de navorderingsaanslag IB/PVV 2016 wegens ambtelijk verzuim: de inspecteur had de jarenlange verliezen uit de aangiften moeten opmerken en eerder moeten onderzoeken. De aanslag IB/PVV 2017 blijft in stand, omdat de autohandel geen bron van inkomen vormt.

rentevergoeding

Rentevordering op onzakelijke lening deels oninbaar

Rechtbank Den Haag oordeelt dat de rente op een rekening-courantvordering deels oninbaar is. Voor de aandelenoverdracht en de lagere waardering van onroerende zaken krijgen de erven geen gelijk.

Doorinbreng onderneming verhindert geruisloze inbreng

Rechtbank Noord-Holland oordeelt dat inbreng van een maatschapsaandeel in een persoonlijke holding niet geruisloos kan. De onderneming is direct doorgeleverd aan andere bv’s, waardoor niet wordt voldaan aan de voorwaarden van het Besluit geruisloze omzetting.

auto bpm

HIR niet aannemelijk gemaakt door ontbreken concreet voornemen

Rechtbank Gelderland oordeelt dat een bv ultimo 2019 geen herinvesteringsreserve mag vormen voor de boekwinst op een verkocht bedrijfspand. De bv maakt namelijk niet aannemelijk dat op de balansdatum een voldoende concreet herinvesteringsvoornemen bestaat.

Geef een reactie Reactie annuleren

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Primary Sidebar

Opleidingen

AGENDA

Verdiepingscursus Internationale estate planning

Masterclass Pillar 2 – Wet minimumbelasting 2024 (Pijler 2)

Stoomcursus Estate planning praktisch ingezet

Masterclass communicatie voor de fiscale professional – pitchen, moeilijke gesprekken & presenteren

Masterclass De positie van de samenwoner in de inkomstenbelasting, relatievermogensrecht en vermogensplanning – Civiel en fiscaal

Nationaal Btw Congres 2026

Online cursus introductie participatieregelingen en lucratieve belangen

Online cursus Internationale aspecten van Nederlandse belastingwetgeving

Online cursus Auto van de zaak

Online cursus Staken van de onderneming: (turbo)liquidatie, WHOA liquidatie akkoord

Meer opleidingen

Footer

  • Fiscaal nieuws
  • Opleidingen
  • Kennisbank
  • Vacatures
  • Over ons
  • Adverteren op Taxence
  • NDFR
  • JES! (ESG producten)
  • Fiscaal en meer
  • Tax Talks
  • Register Estate Planners (REP)
  • Contact
  • Linkedin
  • X
  • Facebook
  • Aanmelden nieuwsbrief
  • Naar Lefebvre Sdu Webshop

Taxence is een uitgave van
Lefebvre Sdu
Maanweg 174
2516 AB Den Haag

Powered by Lefebvre Sdu

  • Disclaimer
  • Privacy Statement en Cookiebeleid
lefebvre SDU

Het laatste nieuws van
Taxence in je mail?

Aanmelden

 

×