• Skip to primary navigation
  • Skip to main content
  • Skip to primary sidebar
  • Skip to footer
  • Nieuwsbrief
  • Contact

Taxence

Taxence

  • Nieuws & achtergrond
    • Nieuws
    • Branchenieuws
    • Blogs
    • Verdieping
  • Thema’s
    • AI & Tax Technology
    • Arbeid & Loon
    • Belastingplan
    • BTW & Overdrachtsbelasting
    • BV & DGA
    • Duurzaamheid (ESG & CSRD)
    • Estate planning
    • Alle thema’s
  • Opleidingen
    • AI & Tax Tech
    • ESG & CSRD
    • Estate Planning
    • BTW
    • Vastgoed
    • Internationaal
    • Arbeid & Loon
    • Formeel
    • Familiebedrijven
    • VPB
    • Pensioen
  • Carrière
    • Personalia
    • Vacatures
    • Vacature toevoegen
    • Partners
  • Vakinformatie
    • NDFR
    • Addify
    • JES! Knowledge
    • Fiscaal en meer
    • Tax talks
    • Vakblad Estate Planning
    • Specials
  • Kennisbank

HR: Regeling bestuurdersaansprakelijkheid niet strijdig met evenredigheidsbeginsel

14 juli 2025 door Redactie

schuld aansprakelijkheid beestuurder

In zijn arrest HR 6 oktober 2023, ECLI:NL:HR:2023:1371, NTFR 2023/1742 heeft de Hoge Raad het Hof van Justitie prejudicieel gevraagd of de regeling van de bestuurdersaanprakelijkheid botst met het evenredigheidsbeginsel. Het Hof van Justitie heeft die vraag ontkennend beantwoord (HvJ 14 november 2024, C-613/23, ECLI:EU:C:2024:961, NTFR 2024/2003).

In het onderhavige eindarrest oordeelt de Hoge Raad, onder verwijzing naar dat prejudiciële arrest, dat de regeling van artikel 36 lid 4 Iw 1990 niet in strijd is met het Unierechtelijke evenredigheidsbeginsel.

Ten overvloede overweegt de Hoge Raad nog dat het hier gaat om een situatie waarin slechts één persoon, de enige bestuurder van een bv, aansprakelijk is voor een aantal belastingschulden. Anders dan in het geval verschillende personen (bijv. verschillende bestuurders) aansprakelijk zijn voor een belastingschuld, en een keuze moet worden gemaakt wie van hen daarvoor aansprakelijk wordt of worden gesteld, bestond voor de ontvanger daarom in dit geval geen ruimte belangen af te wegen bij zijn beslissing belanghebbende aansprakelijk te stellen. Indien die ruimte wenselijk wordt geacht, is het aan de wetgever om de wettelijke regeling over aansprakelijkstelling daartoe aan te passen.

Cassatieberoep ongegrond.

Bron: Hoge Raad, 11-07-2025, HR 21/03566bis, ECLI:NL:HR:2025:1128 | NDFR

Filed Under: Fiscaal nieuws, Formeel belastingrecht, Nieuws

Reageer
Vorige artikel
Werknemersbescherming bij doorstart na faillissement versterkt
Volgende artikel
Het 3%-R&D-actieplan: investeren in een toekomstbestendige economie

Reader Interactions

Gerelateerde berichten

parkeren eigen terrein

Aanmaningskosten terecht ondanks ontbrekende MijnOverheid-notificatie

Plaatsing van een naheffingsaanslag parkeerbelasting in de berichtenbox van MijnOverheid geldt als geldige bekendmaking, ook als de belastingschuldige geen e-mailnotificatie heeft ontvangen. Aanmaningskosten zijn dan terecht in rekening gebracht.

souvenir

Schaduwboekhouding maakt omkering bewijslast terecht

Gerechtshof Amsterdam oordeelt dat de in een schoudertas aangetroffen schaduwboekhouding rechtmatig is verkregen. Dit rechtvaardigt omkering en verzwaring van de bewijslast en een redelijke schatting van de omzet over heel 2018.

Ontbonden stichting blijft bestaan bij aanwezige baten

Hof ’s-Hertogenbosch oordeelt dat een ontbonden stichting niet is opgehouden te bestaan als achteraf nog baten blijken te bestaan en het vermogen niet is vereffend. De Vpb-aanslagen zijn daarom tijdig en rechtsgeldig bekendgemaakt.

contant geld

Besluit mbt boetes overtreding verbod op contante betalingen vanaf € 3.000

Dit besluit wijzigt het Besluit bestuurlijke boetes financiële sector, het Uitvoeringsbesluit Wwft 2018 en het Besluit gedragstoezicht financiële ondernemingen Wft in verband met het verbod op contante betalingen voor goederen vanaf € 3.000. Het besluit regelt met name de handhaving en sanctionering van dit verbod.

Hoge Raad

Rechter mag proceskostenvergoeding fors matigen zonder toelichting

De Hoge Raad oordeelt dat de rechter ruime vrijheid heeft om proceskostenvergoedingen te matigen. De rechter hoeft de omvang van die matiging niet afzonderlijk te motiveren.

Geef een reactie Reactie annuleren

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Primary Sidebar

Opleidingen

AGENDA

Masterclass De positie van de samenwoner in de inkomstenbelasting, relatievermogensrecht en vermogensplanning – Civiel en fiscaal

Nationaal Btw Congres 2026

Online cursus introductie participatieregelingen en lucratieve belangen

Online cursus Internationale aspecten van Nederlandse belastingwetgeving

Online cursus Auto van de zaak

Online cursus Staken van de onderneming: (turbo)liquidatie, WHOA liquidatie akkoord

Stoomcursus Erfrecht – Civiel en fiscaal – Het hele erfrecht in één dag! 

Stoomcursus AI voor Fiscale professionals

Specialisatieopleiding Estate Planning

Basiscursus Estate planning

Meer opleidingen

Footer

  • Fiscaal nieuws
  • Opleidingen
  • Kennisbank
  • Vacatures
  • Over ons
  • Adverteren op Taxence
  • NDFR
  • JES! (ESG producten)
  • Fiscaal en meer
  • Tax Talks
  • Register Estate Planners (REP)
  • Contact
  • Linkedin
  • X
  • Facebook
  • Aanmelden nieuwsbrief
  • Naar Lefebvre Sdu Webshop

Taxence is een uitgave van
Lefebvre Sdu
Maanweg 174
2516 AB Den Haag

Powered by Lefebvre Sdu

  • Disclaimer
  • Privacy Statement en Cookiebeleid
lefebvre SDU

Het laatste nieuws van
Taxence in je mail?

Aanmelden

 

×