Het kabinet wil een ‘doorbraak’ forceren in de discussie rond zzp’ers met een aanpak die zorgt voor meer rust en duidelijkheid. Daarbij wordt ruimte voor ondernemerschap gecombineerd met het tegengaan van schijnzelfstandigheid en het versterken van verantwoordelijkheden.
Het kabinet zet in op een houdbare, breed gedragen aanpak voor het werken met en als zelfstandige(n). Zelfstandigen krijgen ‘de erkenning die ze verdienen, met de ruimte en verduidelijking die daarbij horen’, terwijl tegelijkertijd de schaduwkanten worden aangepakt, zoals onvoldoende verzekering en schijnzelfstandigheid. De drie lijnen – een gelijker speelveld, meer duidelijkheid over de arbeidsrelatie en betere handhaving – blijven overeind, maar worden aangepast aan de nieuwe koers.
Meer duidelijkheid op korte termijn
Om rust op de markt te creëren, wordt het verduidelijkingsdeel van het wetsvoorstel Vbar geschrapt. Hiermee wordt onzekerheid weggenomen en kunnen opdrachtgevers zonder onnodige terughoudendheid gebruikmaken van zzp’ers binnen de huidige wettelijke kaders. Tegelijkertijd zet het kabinet door met het rechtsvermoeden van werknemerschap onder een uurtarief van € 38 om kwetsbare werkenden beter te beschermen en schijnzelfstandigheid tegen te gaan.
Daarnaast komt er een communicatiecampagne die laat zien ‘hoe er op een juiste manier met zzp’ers kan worden gewerkt’. Het kabinet wil benadrukken wanneer wél met zelfstandigen kan worden gewerkt, om te voorkomen dat zij onnodig worden uitgesloten.
Naar een toekomstbestendige zzp-aanpak
Voor de lange termijn werkt het kabinet aan een nieuwe Zelfstandigenwet. Deze moet vooraf duidelijk maken wanneer iemand als zelfstandige kan werken en welke verantwoordelijkheden daarbij horen. Daarbij wordt ook gekeken naar voorzieningen zoals arbeidsongeschiktheid en pensioen.
Handhaving blijft noodzakelijk: ‘de markt is niet gebaat bij zigzagbeleid, maar bij voorspelbaarheid en duidelijke spelregels.’ Tegelijkertijd blijft het kabinet werken aan een gelijker speelveld en betere vertegenwoordiging van zelfstandigen.
Actualisatie webmodule en leidraad
Het extern ondernemerschap wordt, conform jurisprudentie, meegenomen in de beoordeling van arbeidsrelaties. De webmodule beoordeling arbeidsrelatie wordt aangepast door de rol van extern ondernemerschap duidelijk te benoemen bij de startpagina. Tot slot wil het kabinet de leidraad die binnen de Rijksoverheid wordt gebruikt herzien op basis van de meest recente jurisprudentie. Deze jurisprudentie wordt reeds toegepast door de uitvoeringsorganisaties. Op korte termijn zal dit ook tot uitdrukking worden gebracht in het – op de websites van de Belastingdienst en hetjuistecontract.nl – te publiceren beslis- en afwegingskader.
In antwoord op Kamervragen over de webmodule schrijft de minister dat de webmodule een hulpmiddel is. “Aan de webmodule kan daarom geen zekerheid worden ontleend.” De uitkomst geeft slechts een indicatie of werkzaamheden door een zelfstandige kunnen worden uitgevoerd of dat sprake lijkt van een dienstbetrekking.
Binnen de Rijksoverheid en bij de Belastingdienst wordt de webmodule gebruikt als één van de mogelijke instrumenten bij de beoordeling van arbeidsrelaties. Organisaties blijven echter zelf verantwoordelijk voor een zorgvuldige weging van alle feiten en omstandigheden





Geef een reactie