• Skip to primary navigation
  • Skip to main content
  • Skip to primary sidebar
  • Skip to footer
  • Nieuwsbrief
  • Contact

Taxence

Taxence

  • Nieuws & achtergrond
    • Nieuws
    • Branchenieuws
    • Blogs
    • Verdieping
  • Thema’s
    • AI & Tax Technology
    • Arbeid & Loon
    • Belastingplan
    • BTW & Overdrachtsbelasting
    • BV & DGA
    • Duurzaamheid (ESG & CSRD)
    • Estate planning
    • Alle thema’s
  • Opleidingen
    • AI & Tax Tech
    • ESG & CSRD
    • Estate Planning
    • BTW
    • Vastgoed
    • Internationaal
    • Arbeid & Loon
    • Formeel
    • Familiebedrijven
    • VPB
    • Pensioen
  • Belastingplan
  • Carrière
    • Personalia
    • Vacatures
    • Vacature toevoegen
    • Partners
  • Vakinformatie
    • NDFR
    • Addify
    • JES! Knowledge
    • Fiscaal en meer
    • Tax talks
    • Vakblad Estate Planning
    • Specials
  • Kennisbank

Redelijk bedrag aan energielasten wijst op duurzaam tehuis

18 augustus 2014 door Remco Latour

Wie een duurzaam tehuis in een bepaald land heeft, heeft een grote kans op basis van de belastingverdragen te worden aangemerkt als inwoner van dat land. In een zaak voor Hof Den Haag beweerde een echtpaar dat hun Nederlandse woning geen duurzaam tehuis meer vormde. De inspecteur wist door te wijzen op de slechts beperkte daling in het verbruik van gas, water en licht aannemelijk te maken dat de woning nog steeds werd gebruikt.

Binnenlandse belastingplicht

Voor zowel rechtspersonen als natuurlijke personen (ondernemers en niet-ondernemers) is het van belang te weten waar zij hun vestigings- of woonplaats hebben. Binnenlandse belastingplichtigen worden immers in Nederland belast over hun wereldinkomen of wereldwinst. Simpelweg gezegd betalen buitenlandse belastingplichtigen volgens de nationale wet alleen Nederlandse belasting over inkomen dat of winst die is behaald in Nederland. Informatie over de vestigingsplaats van rechtspersonen kunt u lezen in ‘Zetelverplaatsing door nieuw bestuur’ . In deze verdieping gaan wij in op de woonplaats van natuurlijke personen.

 

Woonplaatsficties

Vaak zal het duidelijk genoeg zijn in welk land een persoon woont. Toch kunnen er problemen optreden als een persoon op grond van een fictie in de nationale wetgeving wordt geacht in de desbetreffende staat te wonen. In zo’n geval is de kans groot dat twee staten die persoon aanmerken als binnenlands belastingplichtige en over zijn wereldinkomen willen heffen.

 

Korte tijd uit Nederland

De Wet inkomstenbelasting 2001 kent een fictie met betrekking tot personen die Nederland verlaten maar binnen een jaar weer terugkeren. Deze personen worden geacht ook gedurende de periode van afwezigheid in Nederland te hebben gewoond. Deze fictie geldt niet als de persoon tijdens zijn aanwezigheid heeft gewoond in een andere mogendheid of op een BES-eiland (Bonaire, Sint Eustatius en Saba). Ook is het mogelijk om tegenbewijs te bieden door aannemelijk te maken dat men tijdens de afwezigheid als inwoner:

  • was onderworpen aan de heffing van een andere EU-lidstaat;
  • was onderworpen aan de heffing van een aangewezen mogendheid; of
  • viel onder de Wet inkomstenbelasting BES.

 

In dienst van de Staat

Als een Nederlander in dienstbetrekking staat tot de Staat der Nederlanden, wordt hij steeds geacht in Nederland te wonen als hij is uitgezonden:

  • als lid van een diplomatieke, permanente of consulaire vertegenwoordiging van het Koninkrijk der Nederlanden in het buitenland; of
  • om in het kader van een verdrag, waarbij de Staat partij is, werkzaamheden te verrichten in een andere mogendheid.

Als een werknemer voldoet aan deze voorwaarden, geldt de fictie ook voor zijn partner en zijn kinderen. De fictie geldt niet voor kinderen die 27 of ouder zijn of die niet in belangrijke mate worden onderhouden door de werknemer.

 

Belastingverdragen

Belastingverdragen kennen in principe hun eigen bepalingen ten aanzien van de woonplaats van de belastingplichtigen. Vaak zal het artikel dat de woonplaats vaststelt verwijzen naar de nationale wetgeving. Dit is ook het geval bij het OESO-Modelverdrag. Als op basis van de nationale wetten iemand twee woonplaatsen heeft, zal het verdrag bepalen welke staat telt als de woonstaat. Het OESO-Modelverdrag bijvoorbeeld doet dit door te kijken in welke staat iemand beschikt over een duurzaam tehuis. Wie in twee staten een duurzaam tehuis heeft, is inwoner van de staat waar het middelpunt van zijn levensbelangen ligt. Geeft dit geen uitsluitsel, dan kijkt het verdrag eerst naar de staat waar de belastingplichtige gewoonlijk verblijft en eventueel naar zijn nationaliteit. Levert dit alles niets op, dan zullen de staten met gezamenlijk overleg eruit moeten komen. Voor zover een belastingbedrag niet duidelijk stelt dat het een wetsfictie honoreert, schuift het zulke ficties opzij.

 

Beschadigde woning

In een zaak voor Hof Den Haag stelde een echtpaar dat het rond 1 december 2001 was verhuisd naar een huurhuis in België. Zij behielden nog wel hun woning in Nederland, maar volgens hen kwalificeerde dit niet als een duurzaam tehuis. De woning zou namelijk zijn beschadigd bij de sloop van een watertoren die naast de woning stond, en sindsdien niet meer te gebruiken zijn. De belastingrechter constateerde echter dat maar een deel van inboedel in de Nederlandse woning was overgebracht naar de Belgische huurwoning. Ook bleek uit het verbruik van gas, water en elektriciteit dat de woning nog steeds – zij het in mindere mate – werd gebruikt. Omdat ook het middelpunt van de levensbelangen van het echtpaar in Nederland lag, waren zij nog steeds binnenlands belastingplichtig.

 

Wet: artikel 2.2 IB 2001 en artikel 3 Successiewet 1956

Verdrag: artikel 4 Belastingverdrag tussen België en Nederland

Meer informatie: Hof Den Haag, 25 juni 2014 (gepubliceerd 15 augustus 2014), ECLI:NL:GHDHA:2014:2182

Filed Under: Internationaal & Europees recht, Nieuws, Verdieping

Reageer
Vorige artikel
Geen onzakelijke lening binnen personenvennootschap
Volgende artikel
Aanpassingen in vierde anti-witwasrichtlijn

Reader Interactions

Gerelateerde berichten

faillissement

Standpunt beëindigde bedrijfsactiviteiten

De Kennisgroep Pijler 2 heeft de vraag beantwoord of een entiteit waarvan de activiteiten voor financiële verslaggevingsdoeleinden als beëindigde bedrijfsactiviteiten (hierna: discontinued operations) worden aangemerkt, die niet ter verkoop werd of wordt gehouden, als een groepsentiteit kwalificeert voor de toepassing van de Wet minimumbelasting 2024.

euro stapel

Landen dringen aan op EU-voorstel overwinst, Brussel wil dat niet

Zes EU-lidstaten dringen aan op een EU-breed voorstel voor een belasting op bedrijven die enorme winst hebben gemaakt door de hoge energieprijzen, maar de Europese Commissie komt voorlopig niet met een plan daarvoor. Dat zei Eurocommissaris Valdis Dombrovskis voorafgaand aan overleg met EU-ministers van Economie en Financiën in Dublin.

Duitse pensioenen deels belast in Nederland

Hof ’s-Hertogenbosch oordeelt dat een Duits ambtenarenpensioen volledig en een Duitse Altersrente gedeeltelijk in box 1 belastbaar zijn. Omdat de inspecteur beide pensioenen volledig heeft vrijgesteld, zijn de aanslagen eerder te laag dan te hoog vastgesteld.

wet minimumbelasting 2024

OESO publiceert nieuwe afspraken over Pijler 2

De OESO heeft een nieuw pakket met afspraken gepubliceerd over de wereldwijde minimumbelasting voor grote internationale bedrijven. Het pakket moet ervoor zorgen dat landen de regels zoveel mogelijk op dezelfde manier uitvoeren. Ook moet het bedrijven meer zekerheid geven en de administratieve lasten beperken.

rentevergoeding

Totale vergoeding bepaalt zakelijkheid concernfinanciering

Hof Den Haag oordeelt dat de totale vergoedingen voor verschillende kredietfaciliteiten binnen een concern te hoog zijn. Bij de beoordeling van de zakelijke rente mag worden uitgegaan van de totale kosten van de faciliteit en van marktgegevens die bij het aangaan van de financiering beschikbaar waren.

Geef een reactie Reactie annuleren

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Primary Sidebar

Opleidingen

Online cursus Internationale aspecten van Nederlandse belastingwetgeving

Masterclass Pillar 2 – Wet minimumbelasting 2024 (Pijler 2)

Online cursus Pillar 2: Wet Minimumbelasting 2024 (Pijler 2)

AGENDA

Stoomcursus Erfrecht – Civiel en fiscaal – Het hele erfrecht in één dag!  | PE Accreditatie

Basiscursus Estate planning | PE Accreditatie

Specialisatieopleiding Vermogensstructurering

Specialisatieopleiding Estate Planning | PE Accreditatie

Webinar Fiscale wijzigingen 2027 | PE Accreditatie

Online cursus Btw-aangifte | PE Accreditatie

Online cursus Staken van de onderneming: (turbo)liquidatie, WHOA liquidatie akkoord | PE Accreditatie

Masterclass Overdrachtsbelasting | PE Accreditatie

Online Basistraining AI voor de fiscale praktijk

Online cursus Technisch aanmerkelijk belang | PE Accreditatie

Meer opleidingen

Footer

  • Fiscaal nieuws
  • Opleidingen
  • Kennisbank
  • Vacatures
  • Over ons
  • Adverteren op Taxence
  • NDFR
  • JES! (ESG producten)
  • Fiscaal en meer
  • Tax Talks
  • Register Estate Planners (REP)
  • Contact
  • Linkedin
  • X
  • Facebook
  • Aanmelden nieuwsbrief
  • Naar Lefebvre Sdu Webshop

Taxence is een uitgave van
Lefebvre Sdu
Maanweg 174
2516 AB Den Haag

Powered by Lefebvre Sdu

  • Disclaimer
  • Privacy Statement en Cookiebeleid
lefebvre SDU

Het laatste nieuws van
Taxence in je mail?

Aanmelden

 

×