• Skip to primary navigation
  • Skip to main content
  • Skip to primary sidebar
  • Skip to footer
  • Nieuwsbrief
  • Contact

Taxence

Taxence

  • Nieuws & achtergrond
    • Nieuws
    • Branchenieuws
    • Blogs
    • Verdieping
  • Thema’s
    • AI & Tax Technology
    • Arbeid & Loon
    • Belastingplan
    • BTW & Overdrachtsbelasting
    • BV & DGA
    • Duurzaamheid (ESG & CSRD)
    • Estate planning
    • Alle thema’s
  • Opleidingen
    • AI & Tax Tech
    • ESG & CSRD
    • Estate Planning
    • BTW
    • Vastgoed
    • Internationaal
    • Arbeid & Loon
    • Formeel
    • Familiebedrijven
    • VPB
    • Pensioen
  • Carrière
    • Personalia
    • Vacatures
    • Vacature toevoegen
    • Partners
  • Vakinformatie
    • NDFR
    • Addify
    • JES! Knowledge
    • Fiscaal en meer
    • Tax talks
    • Vakblad Estate Planning
    • Specials
  • Kennisbank

Standpunt boekwaarde-eis

16 juli 2026 door redactie

Betalingsonmacht B.V.

De Kennisgroep winstbepaling heeft een standpunt ingenomen over de boekwaarde-eis van artikel 3.54, tweede lid, Wet Inkomstenbelasting 2001.

In januari van jaar nul investeert belastingplichtige in een aantal kort-afschrijfbare bedrijfsmiddelen. In december van datzelfde jaar wordt door X BV, een bedrijfspand verkocht en geleverd aan een derde. De verkoopprijs van het bedrijfspand bedraagt € 30 miljoen. De boekwaarde van het pand bedraagt € 15 miljoen. Voor het verschil tussen de verkoopprijs en de boekwaarde van het pand wordt een herinvesteringsreserve gevormd. Belastingplichtige heeft de intentie om de HIR in de nabije toekomst aan te wenden voor nieuw te verwerven kort-afschrijfbare bedrijfsmiddelen.

In de aangifte over jaar twee heeft X BV een gedeelte van de gevormde HIR aangewend ten aanzien een aantal nieuw verworven kort-afschrijfbare bedrijfsmiddelen (herinvesteringen). Voor de boekwaarde-eis, heeft X BV rekening gehouden met de vanaf januari van jaar nul gedane investeringen in kort-afschrijfbare bedrijfsmiddelen.

Vraag

Is het in casu voor de boekwaarde-eis van artikel 3.54, tweede lid, Wet IB 2001 toegestaan om aanschaffings- of voortbrengingskosten van herinvesteringen in jaar nul, mee te tellen bij de boekwaarde-eis in jaar twee?

Antwoord

Ja. De HIR kan naar keuze van belastingplichtige worden afgeboekt op investeringen in kort-afschrijfbare bedrijfsmiddelen die hebben plaatsgevonden vóór en na de vervreemding van een bedrijfsmiddel in jaar nul, met inachtneming van de driejaarstermijn van art. 3.54, eerste lid, Wet IB 2001. Naar keuze van belastingplichtige tellen die investeringen in het jaar van vervreemding mee voor de boekwaarde-eis.

Bron: Belastingdienst, 13 juli 2026

Filed Under: Fiscaal nieuws, Nieuws, Vpb & Div.bel

Reageer
Vorige artikel
Reactie NOB op veiligehavenregels Wet minimumbelasting 2024
Volgende artikel
Standpunt vaste kostenvergoeding uitzendkrachten

Reader Interactions

Gerelateerde berichten

rente Vpb

Belastingrente Vpb verlaagd na arrest Hoge Raad over rentepercentage

Rechtbank Noord-Holland verlaagt de belastingrente voor de vennootschapsbelasting omdat het wettelijke minimumtarief van 8% en 10% onverbindend is. De rente moet worden berekend volgens het algemene belastingrentepercentage.

dga-salaris

Hof rekent consultancygelden ten onrechte dubbel toe

De Hoge Raad oordeelt dat dezelfde consultancygelden niet volledig tegelijk winst van vennootschappen én inkomen van de verdachte kunnen zijn. Het hof moet opnieuw beoordelen wie de gelden fiscaal heeft genoten.

platformfictie

Standpunt aftrekbaarheid van Digital Services Tax

De Kennisgroep IBR Vpb & winst heeft een vraag beantwoord over de aftrekbaarheid van in het buitenland geheven digitaledienstenbelasting (Digital Services Tax) die is vormgegeven volgens het richtlijnvoorstel van de Europese Commissie betreffende het gemeenschappelijke stelsel van een digitaledienstenbelasting op inkomsten uit de levering van bepaalde digitale diensten.

Standpunt kwalificatie licentievergoeding voor gebruik van illustraties, handelsnaam en logo’s

De Kennisgroep IBR Vpb & winst heeft de vraag beantwoord of de vergoedingen die een belastingplichtige ontvangt voor door haar verstrekte licenties voor het gebruik van illustraties, een handelsnaam en logo’s kwalificeren als royalty’s in de zin van het Belastingverdrag Nederland – Australië 1976.

Standpunt kwalificatie Cambodjaanse (Private of Public) Limited Company

De Kennisgroep belastingplicht en kwalificatie rechtsvormen heeft de vraag beantwoord met welke Nederlandse rechtsvorm een Cambodjaanse (Private of Public) Limited Company vergelijkbaar is.

Geef een reactie Reactie annuleren

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Primary Sidebar

Opleidingen

Online cursus Wet Fiscaal Kwalificatiebeleid Rechtsvormen (incl. aanpassing FGR)

Masterclass Fiscale aspecten fusies & overnames

Online cursus afwaarderen & kwijtschelden van vorderingen

AGENDA

Stoomcursus AI voor Fiscale professionals

Online cursus toepassing box 3 in de praktijk

Future Fit Professionals

Stoomcursus btw en internationaal zakendoen

Online cursus Immigrerende DGA’s: fiscale gevolgen en sociale zekerheid bij migratie naar Nederland

Online Basistraining AI voor de fiscale praktijk

Online cursus BTW, factuurvereisten en ViDA

Verdiepingscursus Tweetrapsmakingen opzetten en afwikkelen

Stoomcursus Tax accounting

Online cursus De positie van het kind in het erfrecht en estate planning – Civiel en fiscaal

Meer opleidingen

Footer

  • Fiscaal nieuws
  • Opleidingen
  • Kennisbank
  • Vacatures
  • Over ons
  • Adverteren op Taxence
  • NDFR
  • JES! (ESG producten)
  • Fiscaal en meer
  • Tax Talks
  • Register Estate Planners (REP)
  • Contact
  • Linkedin
  • X
  • Facebook
  • Aanmelden nieuwsbrief
  • Naar Lefebvre Sdu Webshop

Taxence is een uitgave van
Lefebvre Sdu
Maanweg 174
2516 AB Den Haag

Powered by Lefebvre Sdu

  • Disclaimer
  • Privacy Statement en Cookiebeleid
lefebvre SDU

Het laatste nieuws van
Taxence in je mail?

Aanmelden

 

×