• Skip to primary navigation
  • Skip to main content
  • Skip to primary sidebar
  • Skip to footer
  • Nieuwsbrief
  • Contact

Taxence

Taxence

  • Nieuws & achtergrond
    • Nieuws
    • Branchenieuws
    • Blogs
    • Verdieping
  • Thema’s
    • AI & Tax Technology
    • Arbeid & Loon
    • Belastingplan
    • BTW & Overdrachtsbelasting
    • BV & DGA
    • Duurzaamheid (ESG & CSRD)
    • Estate planning
    • Alle thema’s
  • Opleidingen
    • AI & Tax Tech
    • ESG & CSRD
    • Estate Planning
    • BTW
    • Vastgoed
    • Internationaal
    • Arbeid & Loon
    • Formeel
    • Familiebedrijven
    • VPB
    • Pensioen
  • Carrière
    • Personalia
    • Vacatures
    • Vacature toevoegen
    • Partners
  • Vakinformatie
    • NDFR
    • Addify
    • JES! Knowledge
    • Fiscaal en meer
    • Tax talks
    • Vakblad Estate Planning
    • Specials
  • Kennisbank

Uitgestelde werking ingebrekestelling is mogelijk

14 november 2016 door

Wie een bestuursorgaan in gebreke stelt op last van een dwangsom kan de tweewekentermijn op een later moment laten ingaan dan op de dag na ontvangst van de brief met de ingebrekestelling. Dat betekent dat het bestuursorgaan dan nog meer tijd heeft om te beslissen voordat het een dwangsom verbeurt.

De dwangsom is op grond van de wet verschuldigd op de eerste dag nadat de termijn van twee weken voor het geven van een beschikking is verstreken, en het bestuursorgaan een schriftelijke ingebrekestelling heeft ontvangen. Volgens Rechtbank Zeeland-West-Brabant kan de aanvrager de tweewekentermijn op een later moment laten ingaan dan op de dag na ontvangst van de brief met de ingebrekestelling. Dit was ook het geval in een WOZ-zaak. Rechtbank Zeeland-West-Brabant vond dat de heffingsambtenaar, gelet op alle correspondentie voor en kort na de brief, in redelijkheid kon menen dat de ingebrekestelling eerst zou ingaan na het hoorgesprek. Nu de gemachtigde van belanghebbende op een later moment expliciet had vermeld dat de ingebrekestelling wel direct gold, begon de tweewekentermijn wel direct op dat latere moment. De tweewekentermijn mocht van de belanghebbende worden opgeschort voor de periode tussen het moment waarop de planning van het hoorgesprek had plaatsgevonden en het hoorgesprek. De rechtbank zag geen reden om dit standpunt niet te volgen en verklaarde het beroep van belanghebbende dan ook gegrond.

 

Wet: artikel 4:17 Awb  

Meer informatie: Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 15 juli 2016 (gepubliceerd 10 november 2016), ECLI:NL:RBZWB:2016:4426

Filed Under: Fiscaal nieuws, Formeel belastingrecht, Heffing lagere overheden, Nieuws

Reageer
Vorige artikel
Monumentenaftrek blijft toch bestaan
Volgende artikel
Trump mengt zich met 15% in strijd om laag vpb-tarief

Reader Interactions

Gerelateerde berichten

rente Vpb

Belastingrente Vpb verlaagd na arrest Hoge Raad over rentepercentage

Rechtbank Noord-Holland verlaagt de belastingrente voor de vennootschapsbelasting omdat het wettelijke minimumtarief van 8% en 10% onverbindend is. De rente moet worden berekend volgens het algemene belastingrentepercentage.

Document openbaar over werkwijze Belastingdienst bij lopende FIOD-onderzoeken

De staatssecretaris van Financiën heeft een document openbaar gemaakt over de werkwijze van de Belastingdienst bij lopende FIOD-onderzoeken.

Jersey

Informatiebevoegdheid inspecteur kent geen territoriale beperking

De Hoge Raad oordeelt dat de inspecteur zijn informatiebevoegdheid niet eerst via een belastingverdrag hoeft uit te oefenen. Ook bij een belastingplichtige die op Jersey woont, mag hij rechtstreeks informatie opvragen op grond van artikel 47 AWR. Een vrouw en haar partner verhuizen in 2013 met hun kinderen van Nederland naar Jersey. De inspecteur vraagt... lees verder

faillissement

Internetconsultatie Wet modernisering Invorderingswet 1990

Het ministerie van Financiën is een internetconsultatie gestart over het wetsvoorstel Wet modernisering Invorderingswet 1990.

deadline bezwaar vergoeding

Geen vergoeding ondanks gemist verzoek in hoger beroep

De Hoge Raad oordeelt dat het hof ten onrechte niet beslist op een verzoek om immateriële schadevergoeding. Toch krijgt de belastingplichtige geen vergoeding, omdat de redelijke termijn niet is overschreden.

Geef een reactie Reactie annuleren

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Primary Sidebar

Opleidingen

Masterclass Belastingcontrole met steekproeven vs Tax Monitoring

AGENDA

Online cursus Schenken en lenen in familieverband

Meerdaagse opleiding Vastgoedfiscaliteiten

Stoomcursus AI voor Fiscale professionals

Online cursus toepassing box 3 in de praktijk

Future Fit Professionals

Stoomcursus btw en internationaal zakendoen

Online cursus Immigrerende DGA’s: fiscale gevolgen en sociale zekerheid bij migratie naar Nederland

Online Basistraining AI voor de fiscale praktijk

Online cursus BTW, factuurvereisten en ViDA

Verdiepingscursus Tweetrapsmakingen opzetten en afwikkelen

Meer opleidingen

Footer

  • Fiscaal nieuws
  • Opleidingen
  • Kennisbank
  • Vacatures
  • Over ons
  • Adverteren op Taxence
  • NDFR
  • JES! (ESG producten)
  • Fiscaal en meer
  • Tax Talks
  • Register Estate Planners (REP)
  • Contact
  • Linkedin
  • X
  • Facebook
  • Aanmelden nieuwsbrief
  • Naar Lefebvre Sdu Webshop

Taxence is een uitgave van
Lefebvre Sdu
Maanweg 174
2516 AB Den Haag

Powered by Lefebvre Sdu

  • Disclaimer
  • Privacy Statement en Cookiebeleid
lefebvre SDU

Het laatste nieuws van
Taxence in je mail?

Aanmelden

 

×