• Skip to primary navigation
  • Skip to main content
  • Skip to primary sidebar
  • Skip to footer
  • Nieuwsbrief
  • Contact

Taxence

Taxence

  • Nieuws & achtergrond
    • Nieuws
    • Branchenieuws
    • Blogs
    • Verdieping
  • Thema’s
    • AI & Tax Technology
    • Arbeid & Loon
    • Belastingplan
    • BTW & Overdrachtsbelasting
    • BV & DGA
    • Duurzaamheid (ESG & CSRD)
    • Estate planning
    • Alle thema’s
  • Opleidingen
    • AI & Tax Tech
    • ESG & CSRD
    • Estate Planning
    • BTW
    • Vastgoed
    • Internationaal
    • Arbeid & Loon
    • Formeel
    • Familiebedrijven
    • VPB
    • Pensioen
  • Belastingplan
  • Carrière
    • Personalia
    • Vacatures
    • Vacature toevoegen
    • Partners
  • Vakinformatie
    • NDFR
    • Addify
    • JES! Knowledge
    • Fiscaal en meer
    • Tax talks
    • Vakblad Estate Planning
    • Specials
  • Kennisbank

Hoor- en optiekcentra zijn voor de BOR niet één bedrijf

26 maart 2024 door Remco Latour

Wisselt een aandeelhouder in het kader van een ruziesplitsing aandelen in een bv om voor aandelen in een ander bedrijf? Dan kan dit de toepassing van de bedrijfsopvolgingsregeling beperken.

Hof Arnhem-Leeuwarden moet in een verwijzingszaak beoordelen in welke mate de schenking van een aanmerkelijk belang in een bv onder de bedrijfsopvolgingsregeling (BOR) viel. Het hof moet van de Hoge Raad nagaan of de schenker, de moeder van de begunstigde, voldoet aan de indirecte bezitseis. Daarbij moet het hof in het bijzonder beoordelen of de dochtervennootschappen van de bv voorafgaande aan de splitsing minimaal twee objectieve ondernemingen dreven. Zie NTFR 2023/775 en ‘Beoordeel indirecte bezitstermijn BOR per onderneming’ voor informatie over de zaak voor de Hoge Raad.

Een of twee ondernemingen?

Het hof gaat na of de dochtervennootschappen een onderneming zoals bedoeld in de inkomstenbelasting hebben gedreven. Wil dat het geval zijn, dan zal een duurzame organisatie van kapitaal en arbeid aanwezig moeten zijn. Deze organisatie moet zijn gericht op het deelnemen aan het maatschappelijk verkeer met het oogmerk winst te behalen. Nu kan een belastingplichtige met zijn activiteiten meerdere objectieve ondernemingen drijven. Als voldoende samenhang/een nauw verband bestaat tussen twee of meer activiteiten behoren zij tot één objectieve onderneming. Daarbij dient men te kijken naar de aard van de activiteiten, mogelijke economische/commerciële en/of organisatorische verbondenheid. Volgens de begunstigde, de zoon van de schenker, vormen de twee activiteiten – te weten de exploitatie van hoorcentra (‘horen’) en de exploitatie van optiekcentra (‘zien’) – één objectieve onderneming. Tussen de partijen is niet in geschil dat:

  • de presentatie van alle winkels altijd één geheel is geweest, bijvoorbeeld qua logo’s, kleurstelling, naamgeving, interieur en de website;
  • op één plaats heeft de uitoefening van beide activiteiten heeft plaatsgevonden in dezelfde winkel, maar voor de rest sprake was van gescheiden winkels horen en zien;
  • de activiteiten van horen en zien over drie verschillende dochtervennootschappen van een tussenhoudstervennootschap waren verdeeld;
  • het bepalen van de financiële resultaten van de horen- en de zien-winkels per dochtervennootschap heeft plaatsgevonden. De consolidatie heeft plaatsgevonden op het niveau van de tussenhoudstervennootschap;
  • baliemedewerkers het agendabeheer voor zowel de horen- als de zien-winkels hebben gedaan en dat uitwisseling van medewerkers over vestigingen lokaal mogelijk was;
  • de groep geheel bij [de bank] bankierde, al was sprake van aparte bankrekeningen; en
  • de activiteiten en voorraden van horen en zien verschillend waren.

Onvoldoende onderbouwing

De zoon kan echter niet onderbouwd aangeven op welke wijze de besluitvorming binnen de door hem gestelde centrale leiding van het concern heeft plaatsgevonden. Hoe het vaststellen van de managementfees van die centrale leiding zou hebben plaatsgevonden, maakt hij evenmin duidelijk. Hetzelfde geldt voor de verdeling van deze fees over de verschillende dochtervennootschappen en de doorbelasting van de kosten van onderling uitgeleend personeel. De zoon maakt ook niet duidelijk wat de taken van de vestigingsleiders van de winkels waren. Wel verklaart hij dat de mensen in de winkel zelf verantwoordelijk zijn voor de dagelijkse gang van zaken. Maar dat is allemaal onvoldoende om het hof ervan te overtuigen dat sprake is geweest van één centrale leiding.

Afzonderlijke ondernemingen

Mede gezien het geografische verschil in de afzetmarkten van horen en zien en het onderbrengen van de activiteiten in afzonderlijke rechtspersonen ligt het meer voor de hand dat de dochtervennootschappen elk afzonderlijk minimaal één objectieve onderneming exploiteerden. De zoon heeft uiteindelijk, via de ruziesplitsing, de afsplitsing en de schenking de objectieve onderneming ‘horen’ van de ene dochtervennootschap voortgezet, aldus het hof. In dat kader zijn de belangen bij de overige ondernemingen van de tussenhoudstervennootschap uitgeruild. Voor dat geval is tussen partijen niet in geschil dat de aanslag correct is. Daarmee verklaart het hof het hoger beroep van de zoon ongegrond.

Wet: art. 3.2 Wet IB 2001 en art. 35b, 35c en 35d, eerste lid, onderdeel c SW

Regeling: art. 9 Uitv.reg. S&E

Bron: gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 12 maart 2024 (gepubliceerd 22 maart 2024), ECLI:NL:GHARL:2024:1864, 23/1408

PE-Pitstop Optimaliseren bedrijfsopvolgingsregeling (BOR)

De cursus is geen (basis)cursus over de theorie van de BOR, maar meer een verfijnde vertaling hiervan naar de ‘echte praktijk’. Enige basiskennis over de BOR is daarom wenselijk. Na het volgen van de Pitstop weet u wanneer de BOR van toepassing is, hoe deze toepassing fiscaal geoptimaliseerd kan worden en welke civielrechtelijke aspecten hierbij van belang zijn. Het aanmerkelijk belang staat tijdens de cursus centraal.

Meer informatie en aanmelden

Filed Under: Estate Planning, Fiscaal nieuws, Nieuws

Reageer
Vorige artikel
Marktplaatshandel: Fiscus én sociale dienst kijken mee
Volgende artikel
Lening feitelijk gebruikt voor Franse woning: saldering

Reader Interactions

Gerelateerde berichten

nieuwe pensioenwet; transitie

Box 3 van jou of box 3 van mij?

In welke gevallen mogen fiscale partners de verdeling van hun gezamenlijke grondslag sparen en beleggen (box 3) nog wijzigen?

belastingrente

Ongespecificeerde rente eerst naar oudste schuldigerkenning

Hof Arnhem-Leeuwarden oordeelt dat bij meerdere schuldigerkenningen een niet-gespecificeerde rentebetaling eerst aan de oudste schuld moet worden toegerekend. Omdat daardoor over de tweede schuldigerkenning niet tijdig en volledig rente is betaald, is art. 10 SW daarop van toepassing.

Economisch belang in onverdeelde aandelen vormt aanmerkelijk belang

Hof Arnhem-Leeuwarden oordeelt dat een erfgenaam door haar economische belang in onverdeelde aandelen een aanmerkelijk belang heeft. Dat de aandelen niet op haar naam staan en tot een gemeenschap van vier erfgenamen behoren, maakt dit niet anders.

box 3 rendement

Heffingvrij vermogen verlaagt werkelijk rendement box 3 niet

Hof Arnhem-Leeuwarden oordeelt dat bij box 3-rechtsherstel over het werkelijke rendement geen rekening wordt gehouden met het heffingvrije vermogen. De inspecteur heeft wel de hoorplicht geschonden.

waardering woning successiewet

Kapitalisatiefactor geldt ook bij tijdelijk vruchtgebruik

Rechtbank Noord-Holland oordeelt dat de kapitalisatiefactor uit het Uitvoeringsbesluit Successiewet ook geldt voor een vruchtgebruik dat na uiterlijk één jaar eindigt. Toch wordt het beroep van de zoon gegrond verklaard, omdat de inspecteur tijdens de procedure alsnog rekening houdt met eigenaarslasten.

Geef een reactie Reactie annuleren

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Primary Sidebar

Opleidingen

Online cursus De positie van het kind in het erfrecht en estate planning – Civiel en fiscaal

Online cursus Estate planning voor de AB-houder & inkomstenbelasting

Online cursus Afwikkeling van overnameregelingen in firmacontract en statuten

Basiscursus Estate planning

Online cursus Schenken en lenen in familieverband

AGENDA

Stoomcursus Erfrecht – Civiel en fiscaal – Het hele erfrecht in één dag!  | PE Accreditatie

Basiscursus Estate planning | PE Accreditatie

Specialisatieopleiding Vermogensstructurering

Specialisatieopleiding Estate Planning | PE Accreditatie

Webinar Fiscale wijzigingen 2027 | PE Accreditatie

Online cursus Btw-aangifte | PE Accreditatie

Online cursus Staken van de onderneming: (turbo)liquidatie, WHOA liquidatie akkoord | PE Accreditatie

Masterclass Overdrachtsbelasting | PE Accreditatie

Online Basistraining AI voor de fiscale praktijk

Online cursus Technisch aanmerkelijk belang | PE Accreditatie

Meer opleidingen

Footer

  • Fiscaal nieuws
  • Opleidingen
  • Kennisbank
  • Vacatures
  • Over ons
  • Adverteren op Taxence
  • NDFR
  • JES! (ESG producten)
  • Fiscaal en meer
  • Tax Talks
  • Register Estate Planners (REP)
  • Contact
  • Linkedin
  • X
  • Facebook
  • Aanmelden nieuwsbrief
  • Naar Lefebvre Sdu Webshop

Taxence is een uitgave van
Lefebvre Sdu
Maanweg 174
2516 AB Den Haag

Powered by Lefebvre Sdu

  • Disclaimer
  • Privacy Statement en Cookiebeleid
lefebvre SDU

Het laatste nieuws van
Taxence in je mail?

Aanmelden

 

×